1Jahweh sprak tot Moses en Aäron:stylus2Dit is het voorschrift van de wet, die Jahweh geeft: Beveel de Israëlieten, dat zij u een rode koe brengen, gaaf en zonder gebrek, die nog geen juk heeft gedragen.stylusDeuteronomium 21:3, Deuteronomium 21:3, 1 Petrus 1:19, 1 Samuël 6:7, Leviticus 22:203Ge moet haar aan den priester Elazar geven, die haar buiten de legerplaats moet brengen, en daar in zijn tegenwoordigheid laten slachten.stylusLeviticus 4:12, Leviticus 4:12, Leviticus 4:21, Leviticus 4:21, Numeri 15:364Dan moet de priester Elazar met zijn vinger wat van haar bloed nemen, en het zeven maal voor de openbaringstent sprenkelen.stylusLeviticus 4:17, Leviticus 4:17, Leviticus 16:14, Leviticus 4:6, Leviticus 16:145Daarna moet men de koe in zijn tegenwoordigheid verbranden; haar huid, vlees, en bloed moet men met de darmen verbranden.stylusExodus 29:14, Exodus 29:14, Leviticus 4:11, Leviticus 4:12, Leviticus 4:116Vervolgens moet de priester cederhout, hysop en karmozijn nemen, en dat midden op de brandende koe werpen.stylusLeviticus 14:4, Leviticus 14:4, Leviticus 14:49, Psalmen 51:7, Leviticus 14:67Dan moet de priester zijn kleren wassen en een bad nemen, waarna hij in de legerplaats mag komen; maar de priester blijft tot de avond onrein.stylusLeviticus 11:25, Leviticus 11:25, Numeri 19:8, Leviticus 11:40, Leviticus 16:268Ook de man, die de koe heeft verbrand, moet zijn kleren wassen, een bad nemen, en is tot de avond onrein.stylus9Nu moet iemand, die rein is, de as van de koe verzamelen, en die buiten de legerplaats op een reine plaats leggen; ze moet voor de gemeenschap der Israëlieten worden bewaard, om er het reinigingswater mee te bereiden; die koe is een zondeoffer.stylusHebreeën 9:13, Numeri 19:13, Hebreeën 9:13, Numeri 19:13, Numeri 19:2010Ook de man, die de as van de koe heeft verzameld, moet zijn kleren wassen, en is tot de avond onrein. Voor de Israëlieten zowel als voor den vreemdeling, die in uw midden woont, geldt voor eeuwig de volgende wet.stylusKolossenzen 3:11, Exodus 12:49, Romeinen 3:29, Romeinen 3:30, Numeri 15:1511Wie een lijk van een mens aanraakt, is zeven dagen onrein.stylusNumeri 5:2, Numeri 5:2, Numeri 31:19, Numeri 31:19, Leviticus 21:112Hij moet op de derde en op de zevende dag zich met dit water laten reinigen; dan is hij weer rein. Zo hij zich op de derde en zevende dag niet heeft laten reinigen, is hij niet rein.stylusNumeri 31:19, Numeri 31:19, Hosea 6:2, Leviticus 7:17, Numeri 19:1713Iedereen, die het lijk van een mens aanraakt, en zich niet laat reinigen, bezoedelt de tabernakel van Jahweh, en zal van Israël worden afgesneden. Zolang het reinigingswater niet op hem is gesprenkeld, is hij onrein, en blijft hij onrein.stylusLeviticus 15:31, Leviticus 15:31, Leviticus 22:3, Leviticus 22:3, Leviticus 7:2014Ook dit is wet: Wanneer een mens in een tent sterft, zal iedereen, die de tent binnentreedt, en alles wat in de tent is, zeven dagen lang onrein zijn;stylus15ook elk open vat, dat niet met een doek is afgedekt, zal onrein zijn.stylusLeviticus 14:36, Leviticus 14:36, Leviticus 11:32, Leviticus 11:32, Numeri 31:2016Zo ook is iedereen, die in het open veld iemand aanraakt, die door het zwaard is vermoord, of een natuurlijke dood is gestorven, de beenderen van een mens, of een graf, zeven dagen onrein.stylusNumeri 31:19, Mattheüs 23:27, Numeri 31:19, Mattheüs 23:27, Lucas 11:4417Voor zulk een onreine moet men wat as van het verbrande zondeoffer nemen, en daarop in een vat levend water doen.stylusOpenbaring 7:17, Numeri 19:9, Genesis 26:19, Hooglied 4:15, Johannes 7:3818Dan moet een rein man hysop nemen, die in het water dompelen, en de tent besprenkelen, alle voorwerpen en alle personen, die er in waren, en hem die de beenderen, den vermoorde, den gestorvene, of het graf heeft aangeraakt.stylusEzechiël 36:25, Ezechiël 36:27, Ezechiël 36:25, Ezechiël 36:27, Hebreeën 9:1419Zo moet de reine den onreine op de derde en op de zevende dag besprenkelen. Als hij op de zevende dag is gereinigd, moet hij nog zijn kleren wassen, en een bad nemen; dan is hij des avonds weer rein.stylus1 Johannes 1:7, 1 Johannes 1:7, Hebreeën 10:22, Hebreeën 10:22, Ezechiël 36:2520Maar wanneer zulk een onreine zich niet laat reinigen, zal hij van de gemeente worden afgesneden, omdat hij het heiligdom van Jahweh bezoedelt. Zolang er geen reinigingswater op hem is gesprenkeld, blijft hij onrein.stylusMarcus 16:16, Genesis 17:14, Numeri 19:13, Marcus 16:16, Genesis 17:1421Dit is voor u een eeuwige wet. Ook hij, die het reinigingswater sprenkelt, moet zijn kleren wassen; en die aan het reinigingswater komt, is tot de avond onrein.stylusHebreeën 9:13, Hebreeën 9:14, Hebreeën 9:13, Hebreeën 9:14, Hebreeën 10:422Ook wordt alles wat de onreine aanraakt, onrein; en de persoon, die hem aanraakt, is tot de avond onrein.stylusHaggaï 2:13, Haggaï 2:13, Leviticus 7:19, Leviticus 7:19, Marcus 7:21