1En de ganse aarde was van enerlei spraak en enerlei woorden.stylusHandelingen 2:6, Handelingen 2:6, Sefanja 3:9, Sefanja 3:9, Jesaja 19:182Maar het geschiedde, als zij tegen het oosten togen, dat zij een laagte vonden in het land Sinear; en zij woonden aldaar.stylusGenesis 10:10, Genesis 10:10, Daniël 1:2, Daniël 1:2, Genesis 14:13En zij zeiden een ieder tot zijn naaste: Kom aan, laat ons tichelen strijken, en wel doorbranden! En de tichel was hun voor steen, en het lijm was hun voor leem.stylusGenesis 14:10, Genesis 14:10, Exodus 1:14, Exodus 2:3, Exodus 1:144En zij zeiden: Kom aan, laat ons voor ons een stad bouwen, en een toren, welks opperste in den hemel zij, en laat ons een naam voor ons maken, opdat wij niet misschien over de ganse aarde verstrooid worden!stylusDeuteronomium 1:28, Deuteronomium 1:28, Johannes 5:44, Johannes 5:44, Lucas 1:515Toen kwam de Heere neder, om te bezien de stad en den toren, die de kinderen der mensen bouwden.stylusGenesis 18:21, Genesis 18:21, Psalmen 33:13, Psalmen 33:14, Johannes 3:136En de Heere zeide: Ziet, zij zijn enerlei volk, en hebben allen enerlei spraak; en dit is het, dat zij beginnen te maken; maar nu, zoude hun niet afgesneden worden al wat zij bedacht hebben te maken?stylusPsalmen 2:1, Psalmen 2:4, Psalmen 2:1, Psalmen 2:4, Genesis 3:227Kom aan, laat Ons nedervaren, en laat Ons hun spraak aldaar verwarren, opdat iegelijk de spraak zijns naasten niet hore.stylusPsalmen 33:10, Psalmen 33:10, Psalmen 55:9, Psalmen 55:9, Job 5:128Alzo verstrooide hen de Heere van daar over de ganse aarde; en zij hielden op de stad te bouwen.stylusLucas 1:51, Lucas 1:51, Deuteronomium 32:8, Deuteronomium 32:8, Genesis 10:259Daarom noemde men haar naam Babel; want aldaar verwarde de Heere de spraak der ganse aarde, en van daar verstrooide hen de Heere over de ganse aarde.stylusGenesis 10:10, Genesis 10:10, Genesis 10:5, Genesis 10:20, Genesis 10:510Deze zijn de geboorten van Sem: Sem was honderd jaren oud, en gewon, Arfachsad, twee jaren na den vloed.stylus1 Kronieken 1:17, 1 Kronieken 1:27, 1 Kronieken 1:17, 1 Kronieken 1:27, Genesis 11:2711En Sem leefde, nadat hij Arfachsad gewonnen had, vijfhonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.stylusGenesis 9:7, Genesis 9:7, Psalmen 127:3, Psalmen 127:4, Psalmen 128:312En Arfachsad leefde vijf en dertig jaren, en hij gewon Selah.stylusLucas 3:36, Lucas 3:3613En Arfachsad leefde, nadat hij, Selah gewonnen had, vierhonderd en drie jaren; en hij gewon zonen en dochteren.stylus14En Selah leefde dertig jaren, en hij gewon Heber.stylus15En Selah leefde, nadat hij Heber gewonnen had, vierhonderd en drie jaren, en hij gewon zonen en dochteren.stylus16En Heber leefde vier en dertig jaren, en gewon Peleg.stylus1 Kronieken 1:19, Genesis 10:21, Genesis 10:25, Numeri 24:24, Lucas 3:3517En Heber leefde, nadat hij Peleg gewonnen had, vierhonderd en dertig jaren; en hij gewon zonen en dochteren.stylus18En Peleg leefde dertig jaren, en hij gewon Rehu.stylusLucas 3:35, Lucas 3:3519En Peleg leefde, nadat hij Rehu gewonnen had, tweehonderd en negen jaren; en hij gewon zonen en dochteren.stylus20En Rehu leefde twee en dertig jaren, en hij gewon Serug.stylusLucas 3:35, Lucas 3:3521En Rehu leefde, nadat hij Serug gewonnen had, tweehonderd en zeven jaren; en hij gewon zonen en dochteren.stylus22En Serug leefde dertig jaren, en gewon Nahor.stylusJozua 24:2, Jozua 24:223En Serug leefde, nadat hij Nahor gewonnen had, tweehonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren.stylus24En Nahor leefde negen en twintig jaren, en gewon Terah.stylusLucas 3:34, Lucas 3:34, Jozua 24:2, Jozua 24:225En Nahor leefde, nadat hij Terah gewonnen had, honderd en negentien jaren; en hij gewon zonen en dochteren.stylus26En Terah leefde zeventig jaren, en gewon Abram, Nahor en Haran.stylusJozua 24:2, Jozua 24:2, 1 Kronieken 1:26, 1 Kronieken 1:27, 1 Kronieken 1:2627En deze zijn de geboorten van Terah: Terah gewon Abram, Nahor en Haran; en Haran gewon Lot.stylusGenesis 12:4, Genesis 11:31, Genesis 14:12, Genesis 12:4, Genesis 11:3128En Haran stierf voor het aangezicht zijns vaders Terah, in het land zijner geboorte, in Ur der Chaldeen.stylusGenesis 15:7, Genesis 15:7, Genesis 11:31, Handelingen 7:2, Handelingen 7:429En Abram en Nahor namen zich vrouwen; de naam van Abrams huisvrouw was Sarai, en de naam van Nahors huisvrouw was Milka, een dochter van Haran, vader van Milka, en vader van Jiska.stylusGenesis 22:20, Genesis 17:15, Genesis 22:20, Genesis 17:15, Genesis 24:1530En Sarai was onvruchtbaar; zij had geen kind.stylus1 Samuël 1:2, Genesis 21:1, Genesis 21:2, Lucas 1:36, Genesis 29:3131En Terah nam Abram, zijn zoon, en Lot, Harans zoon, zijns zoons zoon, en Sarai, zijn schoondochter, de huisvrouw van zijn zoon Abram, en zij togen met hen uit Ur der Chaldeen, om te gaan naar het land Kanaän; en zij kwamen tot Haran, en woonden aldaar.stylusNehemia 9:7, Nehemia 9:7, Handelingen 7:2, Handelingen 7:4, Handelingen 7:232En de dagen van Terah waren tweehonderd en vijf jaren, en Terah stierf te Haran.stylus