Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

Exodus Hoofdstuk 1

DutSVVA
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
EXODUS

Exodus 1

1Dit nu zijn de namen der zonen van Israël, die in Egypte gekomen zijn, met Jakob; zij kwamen er in, elk met zijn huis.
Genesis 46:8, Genesis 46:26, 1 Kronieken 2:1, 1 Kronieken 2:2, Genesis 46:8
2Ruben, Simeon, Levi, en Juda;
Genesis 35:22, Genesis 35:22
3Issaschar, Zebulon, en Benjamin;
Exodus 28:20, Exodus 28:20, Genesis 35:23, Genesis 35:23
4Dan en Nafthali, Gad en Aser.
5Al de zielen nu, die uit Jakobs heup voortgekomen zijn, waren zeventig zielen; doch Jozef was in Egypte.
Deuteronomium 10:22, Deuteronomium 10:22, Genesis 46:26, Genesis 46:27, Genesis 46:26
6Toen nu Jozef gestorven was, en al zijn broeders, en al dat geslacht,
Genesis 50:26, Genesis 50:26, Handelingen 7:14, Handelingen 7:16, Genesis 50:24
7Zo werden de kinderen Israëls vruchtbaar en wiesen overvloedig, en zij vermeerderden, en werden gans zeer machtig, zodat het land met hen vervuld werd.
Genesis 46:3, Genesis 46:3, Genesis 1:28, Deuteronomium 26:5, Genesis 1:28
8Daarna stond een nieuwe koning op over Egypte, die Jozef niet gekend had;
Handelingen 7:18, Handelingen 7:18, Prediker 2:18, Prediker 2:19, Prediker 2:18
9Die zeide tot zijn volk: Ziet, het volk der kinderen Israëls is veel, ja, machtiger dan wij.
Psalmen 105:24, Psalmen 105:25, Psalmen 105:24, Psalmen 105:25, Jakobus 3:14
10Komt aan, laat ons wijselijk tegen hetzelve handelen, opdat het niet vermenigvuldige, en het geschiede, als er enige krijg voorvalt, dat het zich ook niet vervoege tot onze vijanden, en tegen ons strijde, en uit het land optrekke.
Handelingen 7:19, Handelingen 7:19, Psalmen 83:3, Psalmen 83:4, Spreuken 1:11
11En zij zetten oversten der schattingen over hetzelve, om het te verdrukken met hun lasten; want men bouwde voor Farao schatsteden, Pitom en Raamses.
Genesis 15:13, Genesis 15:13, Genesis 47:11, Exodus 3:7, Exodus 2:11
12Maar hoe meer zij het verdrukten, hoe meer het vermeerderde, en hoe meer het wies; zodat zij verdrietig waren vanwege de kinderen Israëls.
Psalmen 105:24, Psalmen 105:24, Exodus 1:9, Exodus 1:9, Romeinen 8:28
13En de Egyptenaars deden de kinderen Israëls dienen met hardigheid;
Deuteronomium 4:20, Deuteronomium 4:20
14Zodat zij hun het leven bitter maakten met harden dienst, in leem en in tichelstenen, en met allen dienst op het veld, met al hun dienst, dien zij hen deden dienen met hardigheid.
Handelingen 7:19, Numeri 20:15, Handelingen 7:19, Numeri 20:15, Exodus 6:9
15Daarenboven sprak de koning van Egypte tot de vroedvrouwen der Hebreïnnen, welker ener naam Sifra, en de naam der andere Pua was;
16En zeide: Wanneer gij de Hebreïnnen in het baren helpt, en ziet haar op de stoelen; is het een zoon, zo doodt hem; maar is het een dochter, zo laat haar leven!
Exodus 1:22, Exodus 1:22, Mattheüs 21:38, Mattheüs 21:38, Openbaring 12:4
17Doch de vroedvrouwen vreesden God, en deden niet, gelijk als de koning van Egypte tot haar gesproken had, maar zij behielden de knechtjes in het leven.
Handelingen 5:29, Handelingen 5:29, Exodus 1:21, Exodus 1:21, Lucas 12:5
18Toen riep de koning van Egypte de vroedvrouwen, en zeide tot haar: Waarom hebt gijlieden deze zaak gedaan, dat gij de knechtjes in het leven behouden hebt?
Prediker 8:4, Prediker 8:4, 2 Samuël 13:28, 2 Samuël 13:28
19En de vroedvrouwen zeiden tot Farao: Omdat de Hebreïnnen niet zijn gelijk de Egyptische vrouwen; want zij zijn sterk; eer de vroedvrouw tot haar komt, zo hebben zij gebaard.
2 Samuël 17:19, 2 Samuël 17:20, Jozua 2:4, Jozua 2:24, 2 Samuël 17:19
20Daarom deed God aan de vroedvrouwen goed; en dat volk vermeerderde, en het werd zeer machtig.
Jesaja 3:10, Prediker 8:12, Jesaja 3:10, Prediker 8:12, Spreuken 11:18
21En het geschiedde, dewijl de vroedvrouwen God vreesden, zo bouwde Hij haar huizen.
1 Koningen 11:38, 1 Koningen 11:38, 1 Samuël 2:35, 1 Samuël 2:35, Psalmen 37:3
22Toen gebood Farao aan al zijn volk, zeggende: Alle zonen, die geboren worden, zult gij in de rivier werpen, maar al de dochteren in het leven behouden.
Handelingen 7:19, Handelingen 7:19, Spreuken 1:16, Spreuken 1:16, Openbaring 16:4

Andere Boeken

ExodusLeviticusNumeri+

Andere Boeken

ExodusHfst. 1
LeviticusNumeriDeuteronomiumJozuaRichteren
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward