1Jahweh sprak tot Moses:stylus2Beveel de Israëlieten, en zeg hun: Wanneer een man of vrouw een gelofte van nazireaat heeft afgelegd, om zich aan Jahweh te wijden,stylusRichteren 13:5, Richteren 13:5, Amos 2:11, Amos 2:12, Amos 2:113dan moet hij zich van wijn en sterke drank onthouden; hij mag zelfs geen azijn uit wijn of uit sterke drank en geen druivensap drinken, noch verse of gedroogde druiven eten.stylusLucas 1:15, Lucas 1:15, 1 Timotheüs 5:23, 1 Timotheüs 5:23, Amos 2:124Al de tijd van zijn nazireaat mag hij niets eten, wat van de wijnstok wordt gewonnen, zelfs geen pitten en schillen.stylusNumeri 6:5, Numeri 6:5, Numeri 6:18, Numeri 6:19, Numeri 6:215Al de tijd van zijn nazireaatsgelofte mag ook geen scheermes over zijn hoofd gaan; tot de dagen voorbij zijn, waarvoor hij zich aan Jahweh gewijd heeft, blijft hij Jahweh toegeheiligd, en moet hij zijn hoofdhaar laten groeien.stylus1 Samuël 1:11, 1 Samuël 1:11, Richteren 16:17, Richteren 13:5, Richteren 16:176Ook mag hij al de tijd, dat hij aan Jahweh is gewijd, bij geen lijk komen;stylusLeviticus 21:11, Leviticus 19:28, Leviticus 21:11, Leviticus 19:28, Leviticus 21:17zelfs aan zijn vader of moeder, broer of zuster mag hij zich na hun dood niet verontreinigen. Want het nazireaat van zijn God rust op zijn hoofd;stylusNumeri 9:6, Numeri 9:6, Leviticus 21:1, Leviticus 21:2, Leviticus 21:18heel de tijd van zijn nazireaat is hij aan Jahweh gewijd.stylus2 Korintiërs 6:17, 2 Korintiërs 6:18, 2 Korintiërs 6:17, 2 Korintiërs 6:189Sterft er onverwacht iemand in zijn nabijheid, en verontreinigt hij zo zijn gewijd hoofd, dan moet hij op de zevende dag, de dag waarop hij weer rein wordt, zijn hoofd scheren.stylusNumeri 6:18, Numeri 6:18, Handelingen 18:18, Leviticus 14:9, Handelingen 18:1810Op de achtste dag moet hij twee tortels of twee jonge duiven naar den priester brengen bij de ingang van de openbaringstent.stylusLeviticus 1:14, Leviticus 15:14, Leviticus 15:29, Leviticus 1:14, Leviticus 15:1411De priester zal er een als zondeoffer en een als brandoffer opdragen, en voor hem verzoening verkrijgen voor de zonde door aanraking van het lijk. Op dezelfde dag moet hij opnieuw zijn hoofd heiligen,stylusLeviticus 5:8, Leviticus 5:10, Leviticus 14:30, Leviticus 14:31, Leviticus 5:812zich weer evenlang als vroeger als nazireër aan Jahweh wijden, en een eenjarig lam als schuldoffer brengen. De vorige dagen van zijn nazireaat tellen dus niet mee, omdat hij zijn nazireaat heeft ontwijd.stylusLeviticus 5:6, Leviticus 5:6, Leviticus 14:24, Ezechiël 18:24, Johannes 8:2913En dit is de wet voor den nazireër, als de tijd van zijn nazireaat is geëindigd: men moet hem naar de ingang van de openbaringstent leiden,stylusHandelingen 21:26, Handelingen 21:2614en hij moet als zijn gave aan Jahweh brengen: een gaaf, eenjarig lam als brandoffer, een gaaf, eenjarig ooilam als zondeoffer, en een gaven ram als vredeoffer;stylusLeviticus 4:32, Leviticus 3:6, Leviticus 4:32, Leviticus 3:6, 1 Kronieken 15:2815daarenboven een korf met ongedesemde broden van meelbloem, koeken met olie aangemaakt, en ongedesemde vlaas met olie bestreken, met het spijs- en plengoffer, dat daarbij hoort.stylusLeviticus 2:4, Exodus 29:2, Leviticus 2:4, Exodus 29:2, Numeri 15:1016De priester zal dat voor het aanschijn van Jahweh brengen, en zijn zonde- en brandoffer opdragen.stylus17Den ram en de korf met ongedesemde broden zal de priester met het spijs- en plengoffer, dat daarbij hoort, als een vredeoffer aan Jahweh opdragen.stylus18Daarna moet de nazireër bij de ingang van de openbaringstent zijn gewijd hoofd scheren, het haar van zijn nazireaat nemen en in het vuur werpen, dat onder het vredeoffer brandt.stylusHandelingen 21:24, Handelingen 21:24, Numeri 6:9, Numeri 6:9, Handelingen 18:1819En zodra de nazireër zich het haar van zijn nazireaat heeft afgeschoren, moet de priester het gekookte schouderstuk van den ram, een ongedesemde koek uit de korf en een ongedesemde vla nemen, ze in de handen van den nazireër leggen,stylusLeviticus 7:30, 1 Samuël 2:15, Leviticus 7:30, 1 Samuël 2:15, Leviticus 8:2720en ze als een strekoffer voor het aanschijn van Jahweh aanbieden; het valt, met de borst van het strekoffer en de schenkel van het hefoffer, als iets heiligs den priester ten deel. Daarna mag de nazireër wijn drinken.stylusPrediker 9:7, Prediker 9:7, Numeri 5:25, Exodus 29:27, Exodus 29:2821Dit is voor den nazireër, die de gelofte heeft afgelegd, de wet over zijn gave aan Jahweh op grond van zijn nazireaat, afgezien van wat hij vrijwillig brengt; krachtens de wet van zijn nazireaat, moet hij alles zo volbrengen, als hij het Jahweh beloofd heeft.stylusEzra 2:69, Numeri 5:29, Galaten 6:6, Hebreeën 13:16, Ezra 2:6922Nog sprak Jahweh tot Moses:stylus23Zeg aan Aäron en zijn zonen: Zo moet ge de zegen over Israëls kinderen uitspreken:stylusDeuteronomium 21:5, 1 Kronieken 23:13, Deuteronomium 21:5, 1 Kronieken 23:13, Hebreeën 7:124Jahweh zegene u, En behoede u;stylus1 Tessalonicenzen 5:23, 1 Tessalonicenzen 5:23, Psalmen 121:4, Psalmen 121:7, Psalmen 121:425Jahweh doe zijn aanschijn over u lichten, En zij u genadig;stylusPsalmen 80:19, Psalmen 80:19, Psalmen 119:135, Psalmen 119:135, Psalmen 31:1626Jahweh wende tot u zijn gelaat, En schenke u de vrede!stylusPsalmen 4:6, Psalmen 4:6, 2 Tessalonicenzen 3:16, 2 Tessalonicenzen 3:16, Psalmen 29:1127Zo zullen zij mijn Naam op de kinderen Israëls doen rusten, en zal Ik hen zegenen.stylus2 Kronieken 7:14, 2 Kronieken 7:14, Deuteronomium 28:10, Daniël 9:18, Daniël 9:19