1Toen sprak Balaäm tot Balak: Bouw hier voor mij zeven altaren, en maak zeven stieren en zeven rammen voor mij gereed.stylusNumeri 23:29, Numeri 23:29, Spreuken 15:8, Judas 1:11, 1 Samuël 15:222Balak deed zoals Balaäm gezegd had, en offerde een stier en een ram op ieder altaar.stylusNumeri 23:14, Numeri 23:30, Numeri 23:14, Numeri 23:303Nu sprak Balaäm tot Balak: Blijf hier bij uw offer, terwijl ik heenga. Misschien dat Jahweh mij verschijnt; dan zal ik u verkondigen, wat Hij mij openbaart. Toen ging hij naar een kale heuvel,stylusNumeri 23:15, Numeri 23:15, Genesis 22:2, Numeri 24:1, Genesis 22:74waar God hem verscheen. Balaäm zeide tot Hem: Ik heb zeven altaren gebouwd, en op ieder altaar een stier en een ram laten offeren.stylusNumeri 23:16, Numeri 23:16, Lucas 18:12, Efeziërs 2:9, Lucas 18:125Nu legde Jahweh Balaäm een woord in de mond, en sprak: Keer terug naar Balak, en zeg dit.stylusDeuteronomium 18:18, Jeremia 1:9, Deuteronomium 18:18, Jeremia 1:9, Jesaja 59:216Hij keerde dan naar hem terug, terwijl hij nog bij zijn offer stond met al de vorsten van Moab.stylus7Hij hief zijn orakel aan en sprak: Uit Aram heeft mij Balak ontboden, Moabs koning uit de bergen ten oosten: Kom, vloek voor mij Jakob, Kom, verwens Israël!stylusNumeri 23:18, Numeri 22:5, Numeri 22:6, Numeri 24:3, Deuteronomium 23:48Maar hoe zal ik vervloeken, Dien God niet vervloekt; Hoe zal ik verwensen Dien Jahweh niet verwenst!stylusNumeri 23:23, Numeri 23:23, Numeri 23:20, Jesaja 44:25, Numeri 23:209Waarachtig, ik zie het van de top van de rotsen, Ik aanschouw het van de heuvelen af: Zie, een volk dat in afzondering woont, En zich niet onder de volken rekent.stylusDeuteronomium 33:28, Deuteronomium 33:28, Deuteronomium 32:8, Exodus 33:16, Deuteronomium 32:810Maar wie zal het stof van Jakob tellen, Wie Israëls drommen berekenen? Mocht ik de dood der rechtvaardigen sterven, Mocht mijn einde zijn als het hunne!stylusPsalmen 37:37, Psalmen 37:37, Genesis 13:16, Genesis 13:16, Psalmen 116:1511Maar Balak zeide tot Balaäm: Wat doet ge me nu! Ik heb u ontboden om mijn vijanden te vervloeken; en zie, ge spreekt een zegening uit!stylusNehemia 13:2, Nehemia 13:2, Numeri 24:10, Numeri 24:10, Psalmen 109:1712Hij gaf hem ten antwoord: Moet ik dan niet eerlijk spreken, wat Jahweh mij in de mond heeft gelegd?stylusNumeri 22:38, Numeri 22:38, Numeri 23:26, Numeri 23:20, Numeri 24:1313Toen zei Balak tot hem: Kom met mij naar een andere plaats, vanwaar gij slechts zijn uiterste rijen kunt zien, en niet het geheel; vandaar zult ge het voor mij vervloeken.stylusPsalmen 109:17, Jakobus 3:9, Jakobus 3:10, Psalmen 109:17, Jakobus 3:914Hij nam hem dus mee naar het Spiedersveld op de top van de Pisga, waar hij zeven altaren bouwde, en op ieder altaar een stier en een ram offerde.stylusNumeri 23:1, Numeri 23:2, Numeri 23:1, Numeri 23:2, Jesaja 46:615En Balaäm sprak tot Balak: Blijf hier bij uw offer staan: terwijl ik heenga, om een nieuwe verschijning te hebben.stylusNumeri 23:3, Numeri 23:3, Numeri 22:8, Numeri 22:816En Jahweh verscheen aan Balaäm, legde een woord in zijn mond en sprak: Keer terug naar Balak, en zeg dit.stylusNumeri 23:5, Numeri 23:5, Numeri 22:35, Numeri 24:1, Numeri 22:3517Hij ging naar hem toe, terwijl deze nog bij zijn offer stond met de vorsten van Moab. Balak vroeg hem: Wat heeft Jahweh gezegd?stylusNumeri 23:26, Jeremia 37:17, 1 Samuël 3:17, Numeri 23:26, Jeremia 37:1718Toen hief hij zijn orakel aan en sprak: Sta op, Balak, en hoor: Luister naar mij, zoon van Sippor:stylusRichteren 3:20, Richteren 3:2019God is geen mens, die zijn woord breekt, Geen mensenkind, wien iets berouwt. Zou Hij iets zeggen, dat Hij niet uitvoert; Iets spreken, dat Hij niet houdt?stylus1 Samuël 15:29, 1 Samuël 15:29, Jakobus 1:17, Jakobus 1:17, Maleachi 3:620Zie, ik heb opdracht te zegenen, Ik zegen, en trek het niet terug:stylusJohannes 10:27, Johannes 10:29, Johannes 10:27, Johannes 10:29, Numeri 22:1221Ik aanschouw geen onheil in Jakob, Zie geen rampen in Israël! Jahweh, zijn God, is met hem, Koningsjubel klinkt onder hem op.stylusPsalmen 23:4, Psalmen 23:4, Mattheüs 1:23, Mattheüs 1:23, Jeremia 50:2022God heeft hem uit Egypte geleid, Het heeft hoornen als die van een buffel.stylusNumeri 24:8, Deuteronomium 33:17, Numeri 24:8, Deuteronomium 33:17, Job 39:923Neen, tegen Jakob helpt geen waarzeggerij, Geen wichelarij tegen Israël: Thans wordt over Jakob gezegd, En over Israël, wat God zal doen.stylusLucas 10:18, Lucas 10:19, Lucas 10:18, Lucas 10:19, Jozua 13:2224Ziedaar een volk, dat zich opricht als een leeuwin, En als een leeuw zich verheft; Dat niet neerligt, eer het zijn buit heeft verslonden, En het bloed der gesneuvelden heeft gedronken.stylusGenesis 49:9, Genesis 49:9, Genesis 49:27, Genesis 49:27, Zacharia 12:625Nu zei Balak tot Balaäm: Kunt ge het niet vervloeken, zegen het tenminste niet.stylusPsalmen 2:1, Psalmen 2:3, Psalmen 2:1, Psalmen 2:326Maar Balaäm antwoordde Balak: Heb ik u niet gezegd: "Al wat Jahweh mij zegt, zal ik doen?"stylusHandelingen 5:29, Handelingen 5:29, Numeri 22:18, Numeri 22:18, 2 Kronieken 18:1327Toen zei Balak tot Balaäm: Kom, ik zal u naar een andere plaats brengen: misschien behaagt het God, dat gij het van daaruit vervloekt.stylusRomeinen 11:29, Romeinen 11:29, Spreuken 21:30, Jesaja 46:10, Jesaja 46:1128Balak nam Balaäm dus mee naar de top van de Peor, die oprijst ten oosten van de woestenij.stylusNumeri 21:20, Numeri 21:20, Psalmen 106:28, Psalmen 106:2829Daar sprak Balaäm tot Balak: Bouw hier voor mij zeven altaren, en maak zeven stieren en zeven rammen voor mij gereed.stylusNumeri 23:1, Numeri 23:2, Numeri 23:1, Numeri 23:230Balak deed, wat Balaäm gezegd had, en offerde een stier en een ram op ieder altaar.stylus