1Jakob vernam, dat de zonen van Laban zeiden: Jakob heeft zich meester gemaakt van heel het vermogen van onzen vader, en zich uit de bezittingen van onzen vader al die rijkdom verworven.stylusPrediker 4:4, Prediker 4:4, Spreuken 27:4, Jeremia 9:23, Job 31:312Ook zag Jakob aan Labans gezicht, dat hij hem niet meer zo gunstig gezind was als vroeger.stylusDaniël 3:19, Daniël 3:19, 1 Samuël 18:9, 1 Samuël 18:11, Genesis 4:53Daarenboven sprak Jahweh tot Jakob: Keer terug naar het land uwer vaderen en naar uw familie; Ik zal u bijstaan.stylusGenesis 28:15, Genesis 28:15, Genesis 32:9, Genesis 32:9, Jesaja 41:104Toen zond Jakob een boodschap naar Rachel en Lea, en liet haar naar het veld bij zijn kudde roepen.stylus5Hij zeide tot haar: Ik zie, dat uw vader mij niet meer zo gunstig gezind is als vroeger; maar de God van mijn vader staat mij bij.stylusGenesis 31:2, Genesis 31:3, Genesis 31:2, Genesis 31:3, Genesis 31:426Gij weet zelf, dat ik naar best vermogen uw vader gediend heb,stylusGenesis 30:29, Genesis 30:29, Kolossenzen 3:22, Kolossenzen 3:25, Genesis 31:387ofschoon uw vader mij heeft bedrogen, en wel tienmaal mijn loon heeft gewijzigd. Maar God stond hem niet toe, mij te benadelen.stylusGenesis 31:41, Genesis 31:29, Genesis 31:41, Genesis 31:29, Zacharia 8:238Wanneer hij zeide: de gevlekte dieren zullen uw loon zijn, wierp de hele kudde gevlekte jongen. En als hij zeide: de gestreepte dieren zullen uw loon zijn, wierp de hele kudde gestreepte.stylusGenesis 30:32, Genesis 30:329Zo ontnam God aan uw vader wat hij bezat, en gaf het aan mij.stylusGenesis 31:1, Genesis 31:1, Genesis 31:16, Genesis 31:16, Esther 8:110Ook gebeurde het eens in de bronstijd der kudde, dat ik in een droom mijn ogen opsloeg en zag, hoe de gestreepte, gespikkelde en gevlekte bokken de geiten besprongen.stylusDeuteronomium 13:1, Deuteronomium 13:1, Genesis 31:24, Genesis 20:6, Numeri 12:611En de engel van Jahweh sprak tot mij in de droom: Jakob! Ik antwoordde: Hier ben ik!stylusGenesis 31:13, Jesaja 58:9, Genesis 31:13, Jesaja 58:9, Genesis 18:1712Hij sprak: Sla uw ogen op en zie, hoe alle bokken, die de geiten bespringen, gestreept, gespikkeld of gevlekt zijn. Want Ik heb alles gezien, wat Laban u aandoet.stylusExodus 3:7, Exodus 3:7, Genesis 31:42, Deuteronomium 24:15, Genesis 31:4213Ik ben de God van Betel, waar gij de gedenksteen hebt gezalfd, en Mij een gelofte hebt gedaan. Maak u nu gereed, om uit dit land te vertrekken en terug te keren naar uw geboortegrond.stylusGenesis 31:3, Genesis 31:3, Genesis 32:9, Genesis 32:9, Genesis 28:1214Rachel en Lea antwoordden hem: Hebben we soms nog deel of erfenis in het huis van onzen vader?stylusGenesis 2:24, Ruth 4:11, Genesis 2:24, Ruth 4:11, Genesis 29:2915Zijn we door hem niet als vreemden beschouwd. Ja, hij heeft ons verkocht, en bovendien onze bruidsprijs verteerd.stylusGenesis 29:15, Genesis 29:20, Genesis 29:15, Genesis 29:20, Genesis 29:2716Waarachtig, heel het vermogen, dat God onzen vader heeft ontnomen, behoort aan ons en onze kinderen. Doe dus alles wat God u gezegd heeft.stylusGenesis 31:9, Psalmen 45:10, Genesis 30:35, Genesis 31:1, Genesis 31:917Toen stond Jakob op, zette zijn zonen en vrouwen op kamelen,stylus1 Samuël 30:17, Genesis 24:61, Genesis 24:10, 1 Samuël 30:17, Genesis 24:6118en voerde zijn vee en al zijn have, die hij bezat, en heel het vermogen, dat hij in Paddan-Aram had verworven, met zich mee, om naar zijn vader Isaäk in het land Kanaän te vertrekken.stylusGenesis 28:21, Genesis 27:1, Genesis 27:2, Genesis 27:41, Genesis 35:2719En terwijl Laban afwezig was, om zijn schapen te scheren, stal Rachel de terafim van haar vader.stylus1 Samuël 19:13, 1 Samuël 19:13, Genesis 31:30, Hosea 3:4, Genesis 31:3020Jakob bedroog Laban, den Arameër, door zijn vlucht voor hem verborgen te houden.stylus21Zo nam hij de wijk met alles, wat hij bezat, stak de rivier over, en sloeg de weg in naar het gebergte van Gilad.stylus2 Koningen 12:17, 2 Koningen 12:17, Genesis 31:23, Lucas 9:51, Lucas 9:5322Op de derde dag kwam men Laban boodschappen, dat Jakob de vlucht had genomen.stylusExodus 14:5, Exodus 14:31, Job 5:12, Job 5:13, Genesis 30:3623Aanstonds verzamelde hij zijn verwanten, zette hem zeven dagen lang achterna, en haalde hem bij het gebergte van Gilad in.stylusExodus 2:11, Genesis 13:8, Exodus 2:13, Genesis 24:27, Exodus 2:1124Maar die nacht verscheen God in een droom aan Laban, den Arameër, en sprak tot hem: Pas er voor op, Jakob ook maar iets te verwijten.stylusGenesis 24:50, Genesis 24:50, Genesis 20:3, Genesis 20:3, Genesis 31:2925Laban had Jakob ingehaald, toen deze zijn tent had gespannen in het gebergte: en nadat ook Laban zijn tent in het gebergte Gilad had opgeslagen,stylusHebreeën 11:9, Genesis 12:8, Genesis 33:18, Hebreeën 11:9, Genesis 12:826zei Laban tot Jakob: Wat hebt ge gedaan, met mij zo te bedriegen en mijn dochters weg te slepen, als waren ze geroofd met het zwaard in de vuist?stylus1 Samuël 30:2, 1 Samuël 30:2, Genesis 12:18, Genesis 20:9, Genesis 20:1027Waarom zijt ge heimelijk gevlucht; waarom hebt ge mij misleid, en mij niets laten weten? Ik zou u uitgeleide hebben gedaan onder jubel en gezang, met tamboerijn en harp.stylusExodus 15:20, Exodus 15:20, Richteren 6:27, Genesis 31:3, Genesis 31:528Ge hebt me zelfs belet, om mijn zonen en dochters vaarwel te kussen. Hoe dom hebt ge gedaan!stylusGenesis 31:55, Genesis 31:55, Ruth 1:14, Handelingen 20:37, 1 Koningen 19:2029Ik heb het in mijn hand, u kwaad te doen; maar de God van uw vader zeide deze nacht tot mij: Pas er voor op, Jakob ook maar iets te verwijten.stylusGenesis 31:53, Genesis 31:42, Genesis 31:53, Genesis 31:42, Genesis 31:2430Maar als ge zijt heengegaan, enkel omdat ge zo vurig naar uw vaderlijk huis verlangt, waarom hebt ge dan mijn goden gestolen? Toen gaf Jakob Laban ten antwoord:stylusGenesis 31:19, Richteren 18:24, Genesis 31:19, Richteren 18:24, Jeremia 10:1131Omdat ik bang was en dacht, dat gij mij anders met geweld uw dochters zoudt ontnemen.stylusSpreuken 29:25, Spreuken 29:25, Genesis 31:26, Genesis 31:27, Genesis 20:1132Maar hij, bij wien gij uw goden vindt, blijft niet in leven! Onderzoek dus in tegenwoordigheid van onze verwanten, wat er van u bij mij wordt gevonden, en neem dat mee. Want Jakob wist niet, dat Rachel ze gestolen had.stylusGenesis 31:23, 1 Samuël 12:3, 1 Samuël 12:5, Genesis 31:30, Genesis 31:1933Laban ging dus de tent van Jakob binnen, en daarna de tenten van Lea en van de beide slavinnen, maar hij vond niets. Uit de tent van Lea gekomen, ging hij de tent van Rachel binnen.stylusGenesis 24:28, Genesis 24:67, Genesis 24:28, Genesis 24:6734Maar Rachel had de terafim weggenomen, ze in het zadel van haar kameel verstopt, en was er op gaan zitten. Laban doorzocht de hele tent, maar vond niets.stylusGenesis 31:17, Genesis 31:19, Genesis 31:17, Genesis 31:1935Want ze zei tot haar vader: Mijn heer neme het mij niet kwalijk, dat ik niet voor u kan opstaan; want het gaat me naar de wijze der vrouwen. Hoe hij ook zocht, hij vond de terafim niet.stylusLeviticus 19:32, Leviticus 19:32, Exodus 20:12, Exodus 20:12, Leviticus 19:336Toen ontstak Jakob in toorn, en beet Laban nijdig toe: Wat is eigenlijk mijn vergrijp en mijn misdaad, dat ge me zo verwoed achtervolgt,stylusEfeziërs 4:26, Efeziërs 4:26, Genesis 49:7, 2 Koningen 5:11, 2 Koningen 13:1937en heel mijn hebben en houden doorsnuffelt? Hebt ge soms iets van uw eigen huisraad gevonden? Leg het dan neer voor mijn en uw verwanten, en laten zij tussen ons beiden beslissen.stylus1 Petrus 2:12, Hebreeën 13:18, Mattheüs 18:16, 1 Petrus 3:16, 1 Korintiërs 6:438Twintig jaar lang ben ik bij u geweest. Uw schapen en geiten hebben geen misdracht gehad, de rammen van uw kudden heb ik niet opgegeten.stylusGenesis 30:27, Ezechiël 34:2, Ezechiël 34:4, Genesis 30:30, Deuteronomium 28:439Wat door wilde dieren verscheurd werd, heb ik op u niet verhaald, maar het telkens vergoed. Van mij hebt ge terug durven eisen, wat mij des daags of des nachts werd ontstolen.stylusLucas 2:8, Exodus 22:31, 1 Samuël 17:34, 1 Samuël 17:35, Exodus 22:1040Overdag verging ik van hitte en van koude des nachts, en de slaap vluchtte weg van mijn ogen.stylus1 Petrus 5:2, 1 Petrus 5:4, Hebreeën 13:7, Johannes 21:15, Johannes 21:1741Twintig jaar lang ben ik nu in uw huis; veertien jaar diende ik u om uw twee dochters, zes jaar om uw kudde, en mijn loon hebt ge wel tienmaal veranderd.stylusGenesis 31:7, Genesis 31:7, 1 Korintiërs 15:10, Genesis 29:18, Genesis 29:3042Als de God van mijn vader, de God van Abraham en de Gevreesde van Isaäk, mij niet had geholpen, dan hadt ge me nu met lege handen laten gaan. Maar God heeft mijn ellende en mijn moeizame arbeid gezien, en in de afgelopen nacht heeft Hij vonnis gewezen.stylusPsalmen 31:7, Psalmen 31:7, Genesis 31:29, Genesis 31:53, Genesis 31:2943Toen nam Laban het woord, en zeide tot Jakob: Het zijn mijn eigen dochters en zonen, het is mijn eigen vee, en alles wat gij hier ziet, is van mij. Hoe zou ik dan nu mijn eigen dochters leed kunnen doen, of haar zonen, die zij hebben gebaard?stylus44Kom, laten we liever een verbond met elkaar sluiten; en al is er ook niemand anders bij, zie God zal getuige zijn tussen mij en u.stylusJozua 24:25, Jozua 24:27, Jozua 22:27, Genesis 31:48, 1 Samuël 20:1445Toen nam Jakob een steen, en richtte die als gedenkteken op.stylusGenesis 28:18, Genesis 28:22, Genesis 28:18, Genesis 28:2246En Jakob sprak tot zijn verwanten: Raapt stenen bijeen. Ze verzamelden dus stenen, maakten een steenhoop, en hielden daar op die steenhoop een maaltijd.stylusPrediker 3:5, Prediker 3:5, Jozua 7:26, Jozua 4:5, Jozua 4:947Laban noemde hem Jegar-Sahadoeta, en Jakob noemde hem Gal-Ed.stylusHebreeën 12:1, Hebreeën 12:148Nu sprak Laban: Deze steenhoop zij heden een getuige tussen mij en u. Daarom noemde hij hem Gal-EdstylusJozua 24:27, Jozua 24:27, Jozua 13:8, Jozua 13:9, Deuteronomium 2:3649en Mispa. Want hij ging voort: Jahweh zij de Wacht tussen mij en u, wanneer we ons van elkander hebben gescheiden:stylusRichteren 11:29, Richteren 11:29, Richteren 10:17, Richteren 10:17, 1 Samuël 7:550"Ge zult mijn dochters nooit mishandelen, en geen andere vrouwen nemen buiten mijn dochters". En al is er ook niemand bij, zie, God is getuige tussen mij en u.stylusJeremia 42:5, Jeremia 42:5, Jeremia 29:23, Jeremia 29:23, Micha 1:251En Laban vervolgde tot Jakob: Zie deze steenhoop en deze gedenksteen, die ik heb opgericht, staan tussen ons in.stylus52Deze steenhoop is getuige, en getuige is ook deze gedenksteen: "Ik zal nooit voorbij deze steenhoop met kwade bedoelingen naar u toe komen, en gij voorbij deze steenhoop en deze gedenksteen niet naar mij!stylusGenesis 31:48, Genesis 31:48, Genesis 31:44, Genesis 31:45, Genesis 31:4453De God van Abraham, en de God van Nachor moge oordelen tussen ons beiden". En Jakob zwoer het bij den Gevreesde van Isaäk, zijn vader.stylusGenesis 31:42, Genesis 31:42, Genesis 16:5, Genesis 16:5, Jozua 24:254Nu slachtte Jakob een offerande op de berg, en nodigde zijn verwanten tot de maaltijd uit; en nadat zij hadden gegeten, bleven ze op de berg overnachten.stylusExodus 18:12, Exodus 18:12, Genesis 37:25, 2 Samuël 3:20, 2 Samuël 3:2155De volgende morgen brak Laban op, kuste zijn zonen en dochters vaarwel, zegende hen en ging heen, om naar zijn woonplaats terug te keren.stylusGenesis 31:28, Genesis 31:28, Genesis 18:33, Genesis 30:25, Genesis 18:33