7
Maar Gij haat, die op nietige afgoden hopen. Neen, ik blijf op Jahweh vertrouwen,
compare_arrows
Vergelijk Vertalingen
Statenvertaling (Apocriefe)
DutSVVA[030:8] Want, Heere! Gij hadt mijn berg door Uw goedgunstigheid vastgezet; maar toen Gij Uw aangezicht verborgt, werd ik verschrikt.
Canisius 1939Primary
NlCanisius1939Maar Gij haat, die op nietige afgoden hopen. Neen, ik blijf op Jahweh vertrouwen,





