Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

Genesis Hoofdstuk 28

NlCanisius1939
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
GENESIS

Genesis 28

1Toen riep Isaäk Jakob, zegende hem, en beval hem: Neem geen vrouw uit de kanaänietische meisjes.
Genesis 24:3, Genesis 24:3, Genesis 28:3, Genesis 28:4, Genesis 27:46
2Maar maak u gereed, om naar Paddan-Aram te gaan, naar het huis van uw grootvader Betoeël; kies u daar een vrouw uit de dochters van uw oom Laban.
Genesis 25:20, Genesis 25:20, Hosea 12:12, Hosea 12:12, Genesis 35:9
3Moge de almachtige God u zegenen, en u vruchtbaar en talrijk maken, zodat gij tot een grote menigte volken zult uitgroeien.
Genesis 48:3, Genesis 48:3, Genesis 35:11, Genesis 35:11, Genesis 9:1
4Hij moge de zegen van Abraham aan u en uw nageslacht schenken, zodat gij het land moogt bezitten, waar ge als vreemdeling woont, maar dat God aan uw vader Abraham gaf.
Galaten 3:14, Galaten 3:14, Genesis 12:7, Genesis 12:7, Efeziërs 1:3
5Zo zond Isaäk Jakob heen, en deze ging naar Paddan-Aram naar Laban, den zoon van den Arameër Betoeël, en broer van Rebekka, de moeder van Jakob en Esau.
6Esau had gemerkt, dat Isaäk Jakob had gezegend en hem naar Paddan-Aram had gezonden, om daar een vrouw te nemen; dat hij hem ook bij zijn zegening had verboden, een vrouw uit de kanaänietische meisjes te nemen,
Genesis 27:33, Genesis 28:1, Genesis 27:33, Genesis 28:1
7en dat Jakob aan zijn vader en moeder had gehoorzaamd en naar Paddan-Aram was gegaan.
Spreuken 30:17, Efeziërs 6:3, Kolossenzen 3:20, Leviticus 19:3, Exodus 20:12
8Esau begreep daaruit, dat de kanaänietische vrouwen aan zijn vader Isaäk mishaagden;
Genesis 24:3, Genesis 24:3, Genesis 26:34, Genesis 26:35, Genesis 26:34
9daarom begaf hij zich naar Jisjmaël, en nam Machalat, de dochter van Jisjmaël, Abrahams zoon, de zuster van Nebajot tot vrouw bij de andere vrouwen, die hij al had.
Genesis 36:3, Genesis 36:3, Genesis 25:13, Genesis 25:17, Genesis 36:13
10Toen Jakob van Beër-Sjéba was afgereisd en naar Charan trok,
Genesis 11:31, Genesis 32:10, Handelingen 7:2, Genesis 11:31, Genesis 32:10
11kwam hij op een plaats, waar hij wilde overnachten, omdat de zon reeds was ondergegaan. Hij legde dus een van de stenen, die daar lagen, bij wijze van kussen onder zijn hoofd, en begaf zich op die plaats ter ruste.
Genesis 28:18, 2 Korintiërs 1:5, Mattheüs 8:20, Genesis 28:18, 2 Korintiërs 1:5
12Daar had hij een droom: zie, op de aarde stond een ladder, waarvan de top tot de hemel reikte; en de engelen Gods klommen erop en daalden eraf.
Johannes 1:51, Johannes 1:51, Genesis 32:1, Genesis 32:2, Numeri 12:6
13En zie, Jahweh stond naast hem, en sprak: Ik ben Jahweh, de God van uw vader Abraham En de God van Isaäk! Het land, waarop ge ligt, Zal Ik u en uw nageslacht geven.
Genesis 13:15, Genesis 13:15, Genesis 35:12, Genesis 48:3, Genesis 35:12
14Uw geslacht zal wezen Als het stof van de aarde: Gij zult u uitbreiden naar het westen en het oosten, Naar het noorden en het zuiden; In u en uw zaad Zullen alle geslachten der aarde worden gezegend!
Genesis 12:3, Genesis 12:3, Genesis 26:4, Genesis 26:4, Genesis 22:18
15Ik ben met u; Ik zal u behoeden, waar gij ook gaat, En u terugvoeren naar dit land. Neen, Ik zal u niet verlaten, Totdat Ik heb volbracht, wat Ik u heb beloofd!
Jozua 1:5, Jozua 1:5, Jesaja 41:10, Jesaja 41:10, Deuteronomium 31:6
16Jakob ontwaakte uit zijn slaap, en sprak: Waarachtig; Jahweh is hier, en ik wist het niet.
Jozua 5:15, Jozua 5:15, Exodus 15:11, Exodus 3:5, Exodus 15:11
17Hij werd met ontzetting vervuld, en sprak: Hoe ontzagwekkend is deze plaats; dit is het huis van God en de poort van de hemel.
1 Timotheüs 3:15, 1 Timotheüs 3:15, Genesis 35:1, Genesis 35:13, Exodus 3:6
18De volgende morgen nam Jakob de steen, waarop zijn hoofd had gerust, richtte die tot een gedenksteen op, en goot er olie over uit.
Genesis 35:14, Genesis 35:14, Genesis 31:45, Leviticus 8:10, Leviticus 8:12
19Hij noemde die plaats Betel, terwijl de stad vroeger Loez had geheten.
Hosea 12:4, Hosea 12:5, Hosea 12:4, Hosea 12:5, Genesis 35:1
20Daarna deed Jakob de volgende gelofte: Als God met mij is, mij behoedt op de reis, die ik onderneem, mij voedsel geeft om te eten, een kleed om mij te kleden,
1 Timotheüs 6:8, 1 Timotheüs 6:8, 2 Samuël 15:8, 2 Samuël 15:8, Psalmen 66:13
21en mij in vrede terugbrengt naar mijn vaderlijk huis: dan zal Jahweh mij tot God zijn,
Richteren 11:31, Richteren 11:31, Deuteronomium 26:17, Deuteronomium 26:17, 2 Samuël 19:24
22de steen, die ik als gedenkteken heb opgericht, een Godshuis worden, en zal ik U het tiende schenken van alles, wat Gij mij geeft!
Genesis 35:7, Genesis 35:7, Genesis 14:20, Genesis 14:20, Deuteronomium 14:22

Andere Boeken

GenesisExodusLeviticus+

Andere Boeken

GenesisHfst. 28
ExodusLeviticusNumeriDeuteronomiumJozua
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward