Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

Deuteronomium Hoofdstuk 25

NlCanisius1939
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
DEUTERONOMIUM

Deuteronomium 25

1Wanneer mannen een geschil met elkander hebben, en zij brengen het voor het gerecht, en men doet een uitspraak, dan moet men den onschuldige vrij spreken, en den schuldige veroordelen.
Spreuken 17:15, Spreuken 17:15, Deuteronomium 17:8, Deuteronomium 17:9, Deuteronomium 1:16
2Wanneer de schuldige de geselstraf heeft verdiend, zal de rechter hem op de grond laten leggen, en hem in zijn bijzijn een aantal slagen laten toedienen overeenkomstig zijn misdaad.
Lucas 12:47, Lucas 12:48, Lucas 12:47, Lucas 12:48, Mattheüs 27:26
3Hij mag hem nooit meer dan veertig slagen laten geven; want wanneer hij er hem nog meer liet toedienen, zou uw broeder openlijk worden onteerd.
Job 18:3, Job 18:3, Jakobus 2:2, Jakobus 2:3, Jakobus 2:2
4Gij moogt een rund bij het dorsen niet muilbanden.
1 Timotheüs 5:17, 1 Timotheüs 5:18, 1 Timotheüs 5:17, 1 Timotheüs 5:18, 1 Korintiërs 9:9
5Wanneer broers tezamen wonen en een van hen sterft, zonder een zoon na te laten, dan zal de vrouw van den overledene geen vreemden man buiten de familie huwen; haar zwager moet gemeenschap met haar houden, haar tot vrouw nemen en zijn zwagerplicht aan haar vervullen.
Mattheüs 22:24, Mattheüs 22:24, Lucas 20:28, Lucas 20:28, Marcus 12:19
6De eerste zoon dien zij baart, zal de naam van zijn gestorven broer dragen, om diens naam in Israël niet te laten uitsterven.
Deuteronomium 21:19, Deuteronomium 21:19, Ruth 4:10, Ruth 4:12, Psalmen 109:13
7Zo de man niet genegen is, om zijn schoonzuster te huwen, moet zijn schoonzuster naar de poort tot de oudsten gaan en zeggen: Mijn zwager weigert, de naam van zijn broer in Israël in stand te houden; hij wil zijn zwagerplicht aan mij niet vervullen.
Ruth 4:1, Ruth 4:2, Ruth 4:5, Ruth 4:6, Ruth 4:1
8Dan zullen de oudsten van zijn stad hem laten roepen, en een onderhoud met hem hebben. Wanneer hij volhoudt en zegt: "Ik ben niet van zin, haar te huwen",
Ruth 4:6, Ruth 4:6
9dan moet zijn schoonzuster in tegenwoordigheid van de oudsten op hem toetreden, hem de schoen van zijn voet trekken, in het gezicht spuwen, en zeggen: "Zo doet men den man, die het huis van zijn broeder niet opbouwt".
Ruth 4:7, Ruth 4:8, Numeri 12:14, Ruth 4:7, Ruth 4:8
10En voortaan zal men hem in Israël noemen: barrevoetergespuis.
11Wanneer twee mannen met elkaar aan het vechten zijn, en de vrouw van den een komt er bij, om haar man te helpen tegen den ander, die hem slaat, en zij grijpt met haar hand naar diens schaamte,
Romeinen 3:8, 1 Timotheüs 2:9, Romeinen 3:8, 1 Timotheüs 2:9
12dan moet ge haar meedogenloos de hand afkappen.
Deuteronomium 19:13, Deuteronomium 19:13, Deuteronomium 19:21, Deuteronomium 7:2, Deuteronomium 19:21
13Gij zult in uw buidel geen tweeërlei gewichten hebben, een groot en een klein,
Spreuken 11:1, Spreuken 11:1, Spreuken 16:11, Amos 8:5, Leviticus 19:35
14en in uw huis geen tweeërlei maten, een grote en een kleine.
15Maar ge moet een zuiver en eerlijk gewicht hebben en een zuivere en eerlijke maat, opdat gij lang moogt wonen in het land, dat Jahweh, uw God, u zal geven.
Exodus 20:12, Exodus 20:12, Deuteronomium 4:40, Deuteronomium 4:40, Deuteronomium 17:20
16Want al wie zulke dingen doet, en onrecht begaat, is een gruwel voor Jahweh.
Spreuken 11:1, Spreuken 11:1, Openbaring 21:27, Openbaring 21:27, Deuteronomium 22:5
17Onthoud, wat Amalek u bij uw uittocht uit Egypte onderweg heeft berokkend:
Exodus 17:8, Exodus 17:16, Exodus 17:8, Exodus 17:16, Numeri 25:17
18hoe hij onderweg op u aftrok, en terwijl gij moe en uitgeput waart uw achterhoede in de rug overviel, zonder God te vrezen.
Romeinen 3:18, Psalmen 36:1, Romeinen 3:18, Psalmen 36:1, Spreuken 16:6
19Wanneer dus Jahweh, uw God, u in het land, dat Hij u in erfelijk bezit gaat geven, rust heeft verschaft van al uw vijanden in het rond, dan moet ge zelfs de herinnering aan Amalek onder de hemel wegvagen. Vergeet het niet.
Exodus 17:14, Exodus 17:14, 1 Samuël 14:48, Exodus 17:16, Deuteronomium 9:14

Andere Boeken

DeuteronomiumJozuaRichteren+

Andere Boeken

DeuteronomiumHfst. 25
JozuaRichterenRuth1 Samuël2 Samuël
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward