1Welnu dan, almachtige Heer, Israëls God: een bedrukte ziel en een bekommerd gemoed roept tot U!stylusAmos 2:10, Amos 2:10, Micha 3:1, Jeremia 8:3, Micha 3:12Luister toch, Heer, en ontferm U onzer, want wij hebben gezondigd tegen U!stylusDeuteronomium 7:6, Deuteronomium 7:6, Exodus 19:5, Exodus 19:6, Exodus 19:53Gij troont voor eeuwig; en wij zouden voor immer te gronde gaan?stylus2 Korintiërs 6:14, 2 Korintiërs 6:16, 2 Korintiërs 6:14, 2 Korintiërs 6:16, Genesis 17:14Almachtige Heer, Israëls God; verhoor toch het smeken van Israël, dat de dood zo nabij is; van de zonen van hen, die tegen U hebben gezondigd, die niet naar de stem van U, hun God, wilden horen, en over zich de rampen hebben gebracht.stylusHosea 11:10, Hosea 11:10, Psalmen 104:21, Psalmen 104:21, Amos 1:25Neen, gedenk niet de zonden onzer vaderen; denk thans aan uw macht en uw Naam!stylusPrediker 9:12, Prediker 9:12, Daniël 9:14, Daniël 9:14, Jeremia 31:286Gij zijt de Heer, onze God; wij willen U loven, o Heer!stylusJesaja 45:7, Jesaja 45:7, Jesaja 14:24, Jesaja 14:27, Sefanja 1:167Want daarom hebt Gij de vrees voor U in ons hart gelegd, dat wij uw Naam zouden aanroepen. Nu loven wij U in het land onzer ballingschap; want wij hebben ons hart ontlast van al de boosheid onzer vaderen, die tegen U hebben gezondigd.stylusJohannes 15:15, Johannes 15:15, Genesis 18:17, Genesis 18:17, Psalmen 25:148En toch moeten wij thans nog in onze ballingschap blijven, op de plaats waar Gij ons hebt verstrooid als een hoon en een vloek, als een boete voor de zonden onzer vaderen, die den Heer, hun God, hebben verlaten!stylusAmos 3:4, Handelingen 4:20, Jeremia 20:9, Amos 3:4, Handelingen 4:209Israël, hoor de geboden des levens, Luister aandachtig, om verstandig te worden!stylusAmos 4:1, Amos 4:1, Amos 6:1, Amos 6:1, Amos 1:810Hoe komt het Israël, Dat gij in het land der vijanden toeft, En op vreemde bodem verkwijnt; Dat gij onrein zijt geworden als lijken,stylusSefanja 1:9, Jeremia 4:22, Sefanja 1:9, Jeremia 4:22, Zacharia 5:311Op één lijn gesteld met die in het graf zijn gedaald?stylus2 Koningen 18:9, 2 Koningen 18:11, 2 Koningen 17:3, 2 Koningen 17:6, 2 Koningen 18:912Gij hebt de Bron der wijsheid verlaten!stylus1 Samuël 17:34, 1 Samuël 17:37, 1 Samuël 17:34, 1 Samuël 17:37, Romeinen 11:413Wanneer ge de weg van God hadt bewandeld, Dan hadt ge in eeuwige vrede gewoond.stylusHandelingen 2:40, Ezechiël 2:7, 2 Koningen 17:13, 2 Kronieken 24:19, Handelingen 20:2114Leer derhalve, waar de wijsheid is, Waar kracht, waar beleid zijn te vinden: Dan weet ge meteen, waar lengte van dagen en leven, Waar stralende ogen en vrede zijn!stylus2 Koningen 23:15, 2 Koningen 23:15, Hosea 10:5, Hosea 10:8, Hosea 10:515Maar wie heeft ooit haar plaats gevonden, Wie drong tot haar schatkamers door?stylusJeremia 36:22, 1 Koningen 22:39, Jeremia 36:22, 1 Koningen 22:39, Richteren 3:2016Waar zijn de heersers der volken, Die zelfs de dieren der aarde temden,stylus17En speelden met de vogels uit de lucht? Waar zijn ze, die goud en zilver hebben geschraapt, Waarop de mensen vertrouwen; Wier bezittingen eindeloos zijn,stylus18Maar die toch voor wat geld Blijven zwoegen en slaven? Hun werken vindt men niet meer,stylus19Zelf zijn ze verdwenen, neergedaald in het graf; Anderen zijn in hun plaats gekomen,stylus20Een nieuw geslacht heeft het licht aanschouwd, de aarde bewoond! Maar ook zij kenden de weg naar de wijsheid niet,stylus21Noch waren met haar paden vertrouwd; Ook hun zonen begrepen haar niet, En hielden zich ver van haar wegen.stylus22Nooit werd zij in Kanaän vernomen, Nooit in Teman aanschouwd.stylus23Ook de zonen van Hagar, Die aardse schranderheid zoeken, De kooplui van Medan en Tema, Die spreuken dichten, en zo knap willen zijn, Kenden de weg naar de wijsheid niet, Noch waren vertrouwd met haar paden.stylus24Israël, hoe groot is Gods woning, hoe uitgestrekt zijn bezit,stylus25Hoe groot en eindeloos, hoe hoog en onmetelijk!stylus26Daar werden de reuzen geboren, de beroemde mannen van vroeger, Hoog van gestalte, bekwaam in de strijd;stylus27Maar hen heeft God niet uitverkoren, De weg der wijsheid niet geleerd:stylus28Ze gingen te gronde, omdat hun de wijsheid ontbrak, Door hun dwaasheid kwamen zij om!stylus29Wie steeg op naar de hemel, en haalde ze daar; Wie bracht ze uit de wolken omlaag;stylus30Wie ploegde de zee, en ontdekte haar, En verwierf haar voor het kostbaarste goud?stylus31Neen, geen mens kent haar wegen, Niemand is vertrouwd met haar pad:stylus32Hij alleen kent ze, die alles weet; Hij heeft ze met zijn blik doorvorst. Hij, die de aarde grondde voor eeuwig, En ze met dieren heeft bevolkt;stylus33Die het licht uitzendt, en het gaat, Het terugroept, en het gehoorzaamt al bevend!stylus34De sterren flonkeren op haar posten, En stralen van vreugd;stylus35Hij roept haar, ze zeggen: Hier zijn we! Ze lichten vol vreugde voor Hem, die ze schiep.stylus36Dat is onze God: Geen ander is aan Hem gelijk!stylus37Hij heeft al de wegen der wijsheid gevonden, Haar geopenbaard aan Jakob, zijn dienaar, en Israël zijn vriend.stylus38Toen is zij op de aarde verschenen, En heeft met de mensen verkeerd:stylus