1Mijn zoon, neem mijn woorden in acht, En neem mijn wenken ter harte;stylusPsalmen 45:13, Psalmen 45:13, 2 Korintiërs 6:18, Efeziërs 4:15, Efeziërs 4:162Onderhoud mijn geboden, opdat ge moogt leven, Let op mijn wenken als op de appel van uw oog.stylusJesaja 46:3, Psalmen 45:16, Hooglied 5:14, Spreuken 3:8, Romeinen 7:43Leg ze als een band om uw vingers, Schrijf ze op de tafel van uw hartstylusHooglied 4:5, Hooglied 4:5, Hooglied 6:6, Hooglied 6:64Zeg tot de wijsheid: "gij zijt mijn zuster", Noem het verstand: "een bekende";stylusHooglied 4:4, Hooglied 4:4, Hooglied 4:8, Hooglied 4:9, Psalmen 144:125Opdat ze u behoeden voor een vreemde vrouw, Voor een onbekende met haar gladde taal.stylusJesaja 35:2, Jesaja 35:2, Hooglied 4:1, Hooglied 4:1, Mattheüs 18:206Want kijkend door het venster van mijn woning Door de tralies heen,stylusHooglied 1:15, Hooglied 1:16, Psalmen 45:11, Hooglied 4:10, Hooglied 1:157Lette ik op het onervaren volk, En zag onder de jongemannen een onverstandigen knaap.stylusHooglied 4:5, Hooglied 4:5, Jesaja 66:10, Efeziërs 3:17, Hooglied 1:138Hij ging langs de straat, dicht bij haar hoek, En sloeg de richting in naar haar huis,stylusJohannes 14:21, Johannes 14:23, 2 Korintiërs 2:14, Johannes 14:21, Johannes 14:239In de schemering, toen de avond viel En het nachtelijk duister.stylusHooglied 5:16, Hooglied 5:16, Kolossenzen 4:6, Handelingen 2:11, Handelingen 2:1310Daar komt de vrouw op hem af, Opzichtig gekleed met duidelijke bedoelingen.stylusPsalmen 45:11, Psalmen 45:11, Hooglied 6:3, Hooglied 2:16, Hooglied 6:311Wat ziet ze er losbandig en lichtzinnig uit, In huis kunnen haar voeten het niet houden;stylusHooglied 4:8, Hooglied 2:10, Hooglied 2:13, Hooglied 4:8, Hooglied 2:1012Ze loopt de straat, de pleinen op, En bij elke hoek staat ze op wacht!stylusHooglied 6:11, Hooglied 6:11, Hooglied 7:6, Psalmen 122:5, Efeziërs 6:2413Ze grijpt hem vast, geeft hem een kus, En zegt tot hem met een onbeschaamd gezicht:stylusGenesis 30:14, Genesis 30:14, Mattheüs 13:52, Mattheüs 13:52, Mattheüs 25:4014Dankoffers had ik te brengen, Vandaag heb ik mijn geloften betaald;stylus15Daarom ging ik naar buiten, u tegemoet, Om u te zoeken, en ik hèb u gevonden.stylus16Dekens heb ik op bed gelegd, Bonte dekens van egyptisch lijnwaad;stylus17Ik heb mijn bed met myrrhe besprenkeld, Met aloë en kaneel.stylus18Kom, laat ons dronken worden van minne, En tot de morgen zwelgen in liefde.stylus19Mijn man is niet thuis, Hij is op een verre reis;stylus20Een buidel geld heeft hij bij zich gestoken, Dus komt hij met volle maan pas terug.stylus21Door haar radde taal verleidde ze hem, Met haar gladde tong troonde ze hem mee.stylus22Daar loopt de sukkel met haar mee, Als een stier, die naar de slachtbank gaat; Als een hert, dat huppelt naar het net,stylus23Totdat een pijl hem het hart doorboort; Als een vogel, die scheert naar de strik, En niet vermoedt, dat het om zijn leven gaat.stylus24Welnu dan, kinderen, luistert naar mij, Schenkt uw aandacht aan mijn woorden.stylus25Laat u niet op haar wegen verleiden, Dwaalt niet op haar paden rond.stylus26Want talrijke slachtoffers heeft ze gemaakt, Velen heeft ze om hals gebracht;stylus27Een weg naar de onderwereld is haar huis, Vandaar daalt men af naar het dodenrijk.stylus