1Dit alles heb ik wèl overwogen, Dit alles doorvorst: Dat wijzen en dwazen met al hun werk In de hand zijn van God. Geen mens weet, of hem liefde wacht of haat; Alles wat voor hem ligt, is ijdel.stylusMattheüs 4:15, Mattheüs 4:16, Mattheüs 4:15, Mattheüs 4:16, 2 Koningen 15:292Ja, allen treft hetzelfde lot: Rechtvaardige of zondaar, goede of kwade; Rein en onrein, of men offers brengt of niet; Braaf en slecht, of men zweert of de eed vermijdt.stylusMattheüs 4:16, Mattheüs 4:16, Efeziërs 5:8, Efeziërs 5:8, Johannes 12:463Dit is juist de ramp bij al wat er onder de zon geschiedt, Dat hetzelfde lot hen allen treft. Daarom is het hart der mensen vol slechtheid, En hun gemoed lichtzinnig, zolang zij leven; Dan volgt de dood.stylusPsalmen 119:162, Psalmen 119:162, Jesaja 26:15, 1 Petrus 1:8, Jesaja 26:154Toch is er hoop, zolang men tot de levenden hoort; Daarom beter een levende hond dan een dode leeuw.stylusJesaja 14:25, Jesaja 14:25, Jesaja 10:26, Jesaja 10:27, Jesaja 10:265De levenden weten tenminste nog, dat zij eens zullen sterven, Maar de doden weten helemaal niets. Voor hen bestaat er geen loon, Want hun aandenken wordt vergeten;stylus2 Tessalonicenzen 1:8, 2 Tessalonicenzen 1:8, Jesaja 66:15, Jesaja 66:16, Jesaja 66:156Ook hun liefde, haat en afgunst zijn reeds lang voorbij. Zij hebben voor eeuwig geen deel meer Aan al wat er onder de zon geschiedt.stylusLucas 2:11, Lucas 2:11, Mattheüs 28:18, Mattheüs 28:18, Jeremia 23:57Welaan dan, eet uw brood in vreugde, Drink met opgeruimd hart uw wijn, Wanneer God in uw werk behagen vindt.stylusLucas 1:32, Lucas 1:33, Lucas 1:32, Lucas 1:33, Daniël 2:448Laat uw klederen altijd wit zijn, En de balsem nooit op uw hoofd ontbreken;stylusZacharia 1:6, Jesaja 8:4, Jesaja 8:8, Micha 1:1, Micha 1:99Geniet van het leven met de vrouw, die gij liefhebt, Al de dagen van uw ijdel bestaan, die Hij u geeft onder de zon. Want dat komt u toe van het leven Voor de moeite, die gij u getroost onder de zon.stylusJesaja 46:12, Jesaja 46:12, 1 Koningen 22:25, Maleachi 3:13, Ezechiël 30:1910Doe al wat uw hand in staat is te doen; Want geen werken of peinzen, Geen kennis of wijsheid is er meer In de onderwereld, waarheen ge gaat. Zevende reeks. Ijdel is het talent.stylusMaleachi 1:4, Maleachi 1:4, 1 Koningen 10:27, 1 Koningen 10:27, 1 Koningen 7:911Ook dit nog zag ik onder de zon: Evenmin als de wedloop gewonnen wordt door de vlugsten, Of de oorlog door de sterksten, Evenmin ontvangen de wijzen hun brood, De geleerden rijkdom, Of vinden de schranderen gunst. Want alles hangt af van tijd en toeval;stylusJesaja 10:9, Jesaja 10:11, 2 Koningen 16:9, Jesaja 17:1, Jesaja 17:512De mens weet zelfs niet wanneer. Zoals de vis wordt gevangen in de noodlottige fuik, En de vogel gestrikt met het net, Zo wordt de mens door het ongeluk getroffen, Als het onverhoeds hem overvalt.stylus2 Kronieken 28:18, Jesaja 5:25, 2 Kronieken 28:18, Jesaja 5:25, 2 Koningen 16:613Ook dit nog zag ik van de wijsheid onder de zon, En het drukte me zwaar:stylusHosea 7:10, Hosea 7:10, Jeremia 5:3, Jesaja 31:1, Jeremia 5:314Er was eens een kleine stad met slechts weinig mannen; Een machtig koning rukte tegen haar op, Sloot ze in, en richtte grote verschansingen op.stylusJesaja 19:15, Openbaring 18:8, Jesaja 19:15, Openbaring 18:8, Hosea 1:615Maar er was daar een arme, schrandere man, En deze redde de stad door zijn wijsheid. Toch denkt er geen mens meer aan dien arme.stylusMattheüs 24:24, Jesaja 29:10, Mattheüs 24:24, Jesaja 29:10, Jesaja 3:216Toen dacht ik: Ofschoon wijsheid meer waard is dan kracht, Wordt toch de wijsheid van een arme versmaad, En naar zijn woorden wordt niet geluisterd.stylusJesaja 3:12, Mattheüs 15:14, Jesaja 3:12, Mattheüs 15:14, 1 Koningen 8:5517Woorden van wijzen, met kalmte aanhoord, Zijn beter dan geschreeuw van een veldheer tot dwazen.stylusJeremia 18:21, Jesaja 10:6, Jesaja 5:25, Jeremia 18:21, Jesaja 10:618Wijsheid is meer waard dan wapentuig; Want een enkele domheid bederft veel goeds.stylusMaleachi 4:1, Psalmen 83:14, Maleachi 4:1, Psalmen 83:14, Nahum 1:10