1Nu nam Bildad van Sjóeach het woord, en sprak:stylusSpreuken 1:20, Spreuken 1:21, Spreuken 1:20, Spreuken 1:21, Johannes 7:372Hoe lang nog gaat ge zó voort, En zullen uw woorden als een stormwind loeien?stylusSpreuken 9:3, Spreuken 9:14, Spreuken 9:3, Spreuken 9:143Zou God het recht soms verkrachten, De Almachtige de gerechtigheid schenden:stylusJob 29:7, Job 29:7, Lucas 14:21, Lucas 14:23, Mattheüs 22:94Wanneer uw kinderen tegen Hem hebben gezondigd, Dan heeft Hij hun slechts hun misdaad vergolden!stylusPsalmen 50:1, Openbaring 22:17, Johannes 3:16, Psalmen 49:1, Psalmen 49:35Maar als gij uw toevlucht neemt tot God, En rein en oprecht tot den Almachtige smeekt:stylusSpreuken 1:22, Spreuken 1:22, Handelingen 26:18, Openbaring 3:17, Openbaring 3:186Dan zal Hij van stonde af over u waken, En schenkt Hij u weer een rechtschapen gezin;stylusKolossenzen 1:26, Kolossenzen 1:26, Spreuken 23:16, Mattheüs 7:28, Mattheüs 7:297Dan schijnt uw vroeger lot slechts gering, Wordt ver door uw nieuwe staat overtroffen.stylusPsalmen 37:30, Psalmen 37:30, Johannes 8:14, Johannes 8:14, Johannes 17:178Ja, vraag het maar aan het voorgeslacht Geef acht op de bevinding van hun vaderen!stylusJohannes 7:46, Johannes 7:46, Psalmen 12:6, Spreuken 8:13, Psalmen 12:69Want wij zijn van gisteren, en weten niets, Ons leven op aarde is enkel een schaduw;stylusSpreuken 14:6, Spreuken 14:6, Jakobus 1:5, Jakobus 1:5, Spreuken 15:2410Maar zij zullen u leren, het u vertellen, En woorden spreken uit hun hart:stylusSpreuken 2:4, Spreuken 2:5, Spreuken 2:4, Spreuken 2:5, Psalmen 119:12711Schiet het riet op buiten het moeras, Groeien de biezen buiten het water?stylusPsalmen 19:10, Psalmen 119:127, Psalmen 19:10, Psalmen 119:127, Spreuken 4:512Het wordt afgesneden, terwijl het nog bloeit, En verdort vóór ieder ander gewas:stylusJesaja 28:26, Jesaja 28:26, Exodus 35:30, Exodus 36:4, Exodus 35:3013Zo vergaat het allen, die God vergeten, Wordt de hoop van de bozen te schande!stylusSpreuken 16:6, Spreuken 16:6, Psalmen 97:10, Psalmen 97:10, 1 Samuël 2:314Een herfstdraad is zijn vertrouwen, Zijn toeverlaat een spinneweb;stylusPrediker 7:19, Prediker 7:19, Jesaja 9:6, Romeinen 11:33, Romeinen 11:3415Hij steunt op zijn web, maar dit houdt het niet uit, Hij grijpt het vast, maar het houdt geen stand.stylusDaniël 2:21, Romeinen 13:1, Daniël 2:21, Romeinen 13:1, Mattheüs 28:1816Vol sappen staat hij in de zon, Zijn ranken verspreiden zich over zijn hof;stylus17Zijn wortels kronkelen zich over het grint, En tussen de stenen grijpt hij zich vast.stylusJohannes 14:23, Johannes 14:23, Johannes 14:21, Johannes 14:21, Psalmen 91:1418Maar rukt men hem weg van zijn plaats, Dan verloochent ze hem:ik heb u nooit gezien!stylusSpreuken 3:16, Spreuken 3:16, Mattheüs 6:33, Mattheüs 6:33, Lucas 16:1119Zo vergaat zijn leven door de mot Uit het stof ervan schieten anderen op.stylusSpreuken 3:14, Spreuken 10:20, Spreuken 3:14, Spreuken 10:20, Spreuken 8:1020Neen, God verwerpt den brave niet, En reikt den boze geen hand.stylusDeuteronomium 5:32, Deuteronomium 5:32, Psalmen 32:8, Johannes 10:27, Johannes 10:2821Nog wordt uw mond met lachen vervuld, En uw lippen met jubel;stylus1 Petrus 1:4, 1 Petrus 1:4, Spreuken 24:4, Mattheüs 25:46, Spreuken 24:422Maar uw haters worden met schande bedekt, De tent der bozen verdwijnt!stylusKolossenzen 1:17, Kolossenzen 1:17, Johannes 1:1, Johannes 1:2, Johannes 1:1