1Ook heeft David tot Jahweh de woorden van dit lied gericht, toen Jahweh hem verlost had uit de hand van al zijn vijanden en ook uit de hand van Saul.stylusRichteren 5:1, Exodus 15:1, Richteren 5:1, Exodus 15:1, Jesaja 12:12En hij sprak:stylusPsalmen 18:2, Psalmen 18:50, Psalmen 18:2, Psalmen 18:50, Psalmen 31:33Jahweh, mijn toevlucht, mijn burcht en mijn veste; Mijn God, mijn rots, waarop ik kan schuilen. Mijn schild, de hoorn van mijn heil, mijn schutse en mijn toevlucht, Mijn redder heeft mij uit de verdrukking verlost.stylusPsalmen 9:9, Psalmen 9:9, Jesaja 12:2, Jesaja 12:2, Spreuken 18:104Ik roep: Geprezen zij Jahweh! En ben van mijn vijand verlost.stylusPsalmen 18:3, Psalmen 18:3, Psalmen 96:4, Psalmen 116:2, Romeinen 10:135De branding van de dood had mij al gegrepen, De golven van de onderwereld sloegen over mij heen;stylusPsalmen 69:14, Psalmen 69:15, Jona 2:3, Psalmen 69:14, Psalmen 69:156De strikken van het dodenrijk hielden mij vast, De klemmen van de dood lagen voor mij gereed:stylusPsalmen 116:3, Psalmen 116:3, Spreuken 5:22, Job 36:8, Psalmen 140:57Maar ik riep tot Jahweh in mijn nood, En tot God verhief ik mijn stem. En Hij hoorde mijn stem in zijn vorstelijke woning, Mijn hulpgeroep drong door tot zijn oren:stylusPsalmen 18:6, Psalmen 18:6, Psalmen 116:4, Psalmen 116:4, Exodus 3:78Daar schudde en beefde de aarde, Rilden en dreunden de fundamenten des hemels; Want Hij was in woede ontstoken.stylusPsalmen 97:4, Job 26:11, Psalmen 97:4, Job 26:11, Psalmen 77:189Rook steeg op uit zijn neus, Verslindend vuur spoot uit zijn mond, En gloeiende kolen spatten er uit.stylusHebreeën 12:29, Hebreeën 12:29, Exodus 15:7, Exodus 15:8, Job 4:910Hij boog de hemel, en daalde neer, Grauwe wolken onder zijn voeten.stylus1 Koningen 8:12, 1 Koningen 8:12, Psalmen 97:2, Psalmen 97:2, Psalmen 144:511Hij besteeg den cherub en vloog in het rond, Zwevend op de windewieken.stylusPsalmen 104:3, Psalmen 104:3, Psalmen 18:10, Psalmen 18:10, Genesis 3:2412Hij sloeg de duisternis als een dek om zich heen, Donkere nevels, dreigende wolken waren zijn tent.stylusPsalmen 97:2, 2 Samuël 22:10, Psalmen 97:2, 2 Samuël 22:10, Job 36:2913En door de gloed, die voor Hem uitging, Braakten zijn wolken vurige kolen.stylus2 Samuël 22:9, 2 Samuël 22:914En in de hemel donderde Jahweh, Verhief de Allerhoogste zijn stem;stylusJob 37:2, Job 37:5, Psalmen 29:3, Psalmen 29:9, 1 Samuël 2:1015Hij schoot zijn pijlen en strooide ze rond, Slingerde bliksems en joeg ze uiteen:stylusDeuteronomium 32:23, Deuteronomium 32:23, Jozua 10:10, Habakuk 3:11, Jozua 10:1016Open lag de bedding der zee, Het fundament van de aarde kwam bloot; Door het dreigen van Jahweh, Door het snuivend gebries van zijn neus.stylusNahum 1:4, Nahum 1:4, Psalmen 114:3, Psalmen 114:7, Habakuk 3:817Van boven boog Hij Zich neer, greep mij vast, En trok mij weg uit de onstuimige wateren;stylusJesaja 43:2, Jesaja 43:2, Psalmen 144:7, Psalmen 144:7, Psalmen 32:618Hij verloste mij van mijn grimmigen vijand En van mijn haters, want ze waren te machtig.stylus2 Samuël 22:1, Psalmen 56:9, 2 Timotheüs 4:17, 2 Korintiërs 1:10, Psalmen 3:719Ze waren uitgetrokken op de dag van mijn rampspoed, Maar Jahweh was mijn beschermer;stylusPsalmen 71:20, Psalmen 71:21, Psalmen 71:20, Psalmen 71:21, 1 Samuël 19:1120Hij beveiligde mij, En bracht mij redding, omdat Hij mij liefhad.stylusPsalmen 31:8, Psalmen 31:8, Psalmen 118:5, 2 Samuël 15:26, Psalmen 118:521Toen werd mijn gerechtigheid door Jahweh beloond, Mijn reinheid van handen vergolden:stylus1 Samuël 26:23, Psalmen 24:4, 1 Samuël 26:23, Psalmen 24:4, 1 Koningen 8:3222Want ik had de wegen van Jahweh bewandeld, Niet gezondigd tegen mijn God;stylusSpreuken 8:32, Spreuken 8:32, Genesis 18:19, Genesis 18:19, Psalmen 128:123Ik had al zijn geboden voor ogen gehouden, Niet zijn wetten ontweken;stylusPsalmen 119:30, Psalmen 119:102, Psalmen 119:30, Psalmen 119:102, Johannes 15:1424Ik was voor Hem zonder smet, Had mij zuiver van zonde bewaard.stylusGenesis 6:9, Genesis 6:9, Job 1:1, Genesis 17:1, Job 1:125Daarom werd mijn gerechtigheid door Jahweh beloond, En mijn reinheid in zijn ogen.stylus2 Samuël 22:21, 2 Samuël 22:21, 2 Korintiërs 5:10, 2 Korintiërs 5:10, Jesaja 3:1026Want voor getrouwen toont Gij U trouw, Voor rechtschapenen rechtschapen,stylusMattheüs 5:7, Mattheüs 5:7, Jakobus 2:13, Jakobus 2:1327Rein voor den reine, Maar voor de listigaards listig;stylusMattheüs 5:8, Mattheüs 5:8, Psalmen 18:26, Psalmen 18:26, Leviticus 26:2328Want Gij redt het deemoedige volk, Maar vernedert hovaardige blikken.stylusPsalmen 72:12, Psalmen 72:13, Psalmen 72:12, Psalmen 72:13, Jesaja 5:1529Gij zijt, o Jahweh, mijn lamp, Mijn God, die licht in mijn duisternis straalt;stylusPsalmen 27:1, Psalmen 27:1, Johannes 8:12, Johannes 8:12, Openbaring 21:2330Met U durf ik de stormloop beginnen, Met mijn God de wallen bespringen.stylusPsalmen 18:29, Psalmen 18:29, Filippenzen 4:13, Filippenzen 4:13, Psalmen 118:1031God! Volmaakt zijn Zijn wegen, Jahweh’s woord is gelouterd. Hij is voor allen een schild, Die vluchten tot Hem.stylusDeuteronomium 32:4, Deuteronomium 32:4, Spreuken 30:5, Spreuken 30:5, Psalmen 18:3032Wie toch is God, dan Jahweh alleen; Wie een rots, dan alleen onze God!stylus1 Samuël 2:2, 1 Samuël 2:2, Deuteronomium 32:31, Deuteronomium 32:31, Jesaja 44:833God! Hij omgordt mij met kracht, En baant mij een veilige weg;stylusEfeziërs 6:10, Efeziërs 6:10, Psalmen 27:1, Psalmen 27:1, Filippenzen 4:1334Hij maakt mijn voeten vlug als hinden, En doet mij de hoogste toppen beklimmen;stylusJesaja 58:14, Deuteronomium 32:13, Jesaja 58:14, Deuteronomium 32:13, Habakuk 3:1935Hij oefent mijn handen ten strijde, Mijn armen tot het spannen van de koperen boog.stylusPsalmen 144:1, Psalmen 144:1, Psalmen 18:33, Psalmen 18:34, Psalmen 18:3336Zo hebt Gij mij het schild van uw heil gereikt; Uw goedheid maakte mij groot.stylusEfeziërs 6:16, Efeziërs 6:16, Psalmen 115:14, Psalmen 18:35, Psalmen 84:1137Gij hebt een weg voor mijn stappen gebaand, En mijn voeten wankelden niet.stylusSpreuken 4:12, Spreuken 4:12, Psalmen 17:5, 1 Samuël 2:9, Psalmen 17:538Ik vervolgde mijn vijanden, haalde ze in, En keerde niet terug, eer ik ze had verslagen.stylusPsalmen 21:8, Psalmen 21:9, Psalmen 21:8, Psalmen 21:9, 2 Samuël 10:1439Ik heb ze verslagen, verpletterd, zodat ze niet opstaan, Maar onder mijn voet blijven liggen.stylusMaleachi 4:3, Maleachi 4:3, Psalmen 118:10, Psalmen 118:12, Psalmen 110:140Gij hebt mij met kracht omgord tot de strijd, Mijn tegenstanders voor mij doen bukken;stylusPsalmen 44:5, Psalmen 44:5, Kolossenzen 1:11, Psalmen 18:39, Jesaja 60:1441Gij liet mij de rug van mijn vijanden zien. Mijn haters heb ik verdelgd.stylusExodus 23:27, Exodus 23:27, Jozua 10:24, Jozua 10:24, Psalmen 21:842Nu huilen ze, maar niemand helpt: Tot Jahweh zelfs, maar Hij antwoordt hun niet;stylusJesaja 1:15, Jesaja 1:15, 1 Samuël 28:6, 1 Samuël 28:6, Micha 3:443Ik vermaal ze als stof der aarde, Vertrap en vertreed ze als slijk op de straten.stylusMicha 7:10, Micha 7:10, Jesaja 10:6, Jesaja 10:6, 2 Koningen 13:744Gij hebt mij gered uit de strijd met de volkeren. En mij aan het hoofd van de naties gesteld: Volkeren, die ik niet kende, werden mij dienstbaar,stylus2 Samuël 8:1, 2 Samuël 8:14, Jesaja 55:5, 2 Samuël 8:1, 2 Samuël 8:1445Vreemden brachten mij hulde; Nauwelijks hadden ze van mij gehoord, Of ze gehoorzaamden mij;stylusPsalmen 81:15, Psalmen 81:15, Psalmen 66:3, Psalmen 66:3, Handelingen 8:1346Anderen lagen uitgeput neer, En kropen sidderend uit hun burchten.stylusMicha 7:17, Micha 7:17, Jesaja 2:19, Jesaja 64:6, Jakobus 1:1147Leve Jahweh! Gezegend mijn Rots; Hoogverheven de God, de Rots van mijn heil!stylusPsalmen 89:26, Psalmen 89:26, 2 Samuël 22:3, 2 Samuël 22:3, Job 19:2548Gij hebt mij gewroken, o God, Volkeren aan mij onderworpen;stylusPsalmen 144:2, Psalmen 144:2, Psalmen 94:1, Psalmen 94:1, Psalmen 110:149Mij van mijn grimmigen vijand verlost, Zege over mijn bestrijders verleend, mij van geweldenaars bevrijd.stylusPsalmen 140:1, Psalmen 140:1, Psalmen 18:48, Numeri 24:17, Numeri 24:1950Daarom wil ik U prijzen, o Jahweh, Uw naam verheerlijken onder de volken!stylusRomeinen 15:9, Romeinen 15:9, Psalmen 145:1, Psalmen 145:2, Psalmen 18:4951Machtige hulp verleent Hij zijn koning, En genade aan zijn Gezalfde, Aan David en zijn geslacht Voor altijd!stylusPsalmen 18:50, Psalmen 144:10, Psalmen 89:20, Psalmen 89:29, 2 Samuël 7:12