Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

2 Samuël Hoofdstuk 22

NlCanisius1939
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
2 SAMUËL

2 Samuël 22

1Ook heeft David tot Jahweh de woorden van dit lied gericht, toen Jahweh hem verlost had uit de hand van al zijn vijanden en ook uit de hand van Saul.
Richteren 5:1, Exodus 15:1, Richteren 5:1, Exodus 15:1, Jesaja 12:1
2En hij sprak:
Psalmen 18:2, Psalmen 18:50, Psalmen 18:2, Psalmen 18:50, Psalmen 31:3
3Jahweh, mijn toevlucht, mijn burcht en mijn veste; Mijn God, mijn rots, waarop ik kan schuilen. Mijn schild, de hoorn van mijn heil, mijn schutse en mijn toevlucht, Mijn redder heeft mij uit de verdrukking verlost.
Psalmen 9:9, Psalmen 9:9, Jesaja 12:2, Jesaja 12:2, Spreuken 18:10
4Ik roep: Geprezen zij Jahweh! En ben van mijn vijand verlost.
Psalmen 18:3, Psalmen 18:3, Psalmen 96:4, Psalmen 116:2, Romeinen 10:13
5De branding van de dood had mij al gegrepen, De golven van de onderwereld sloegen over mij heen;
Psalmen 69:14, Psalmen 69:15, Jona 2:3, Psalmen 69:14, Psalmen 69:15
6De strikken van het dodenrijk hielden mij vast, De klemmen van de dood lagen voor mij gereed:
Psalmen 116:3, Psalmen 116:3, Spreuken 5:22, Job 36:8, Psalmen 140:5
7Maar ik riep tot Jahweh in mijn nood, En tot God verhief ik mijn stem. En Hij hoorde mijn stem in zijn vorstelijke woning, Mijn hulpgeroep drong door tot zijn oren:
Psalmen 18:6, Psalmen 18:6, Psalmen 116:4, Psalmen 116:4, Exodus 3:7
8Daar schudde en beefde de aarde, Rilden en dreunden de fundamenten des hemels; Want Hij was in woede ontstoken.
Psalmen 97:4, Job 26:11, Psalmen 97:4, Job 26:11, Psalmen 77:18
9Rook steeg op uit zijn neus, Verslindend vuur spoot uit zijn mond, En gloeiende kolen spatten er uit.
Hebreeën 12:29, Hebreeën 12:29, Exodus 15:7, Exodus 15:8, Job 4:9
10Hij boog de hemel, en daalde neer, Grauwe wolken onder zijn voeten.
1 Koningen 8:12, 1 Koningen 8:12, Psalmen 97:2, Psalmen 97:2, Psalmen 144:5
11Hij besteeg den cherub en vloog in het rond, Zwevend op de windewieken.
Psalmen 104:3, Psalmen 104:3, Psalmen 18:10, Psalmen 18:10, Genesis 3:24
12Hij sloeg de duisternis als een dek om zich heen, Donkere nevels, dreigende wolken waren zijn tent.
Psalmen 97:2, 2 Samuël 22:10, Psalmen 97:2, 2 Samuël 22:10, Job 36:29
13En door de gloed, die voor Hem uitging, Braakten zijn wolken vurige kolen.
2 Samuël 22:9, 2 Samuël 22:9
14En in de hemel donderde Jahweh, Verhief de Allerhoogste zijn stem;
Job 37:2, Job 37:5, Psalmen 29:3, Psalmen 29:9, 1 Samuël 2:10
15Hij schoot zijn pijlen en strooide ze rond, Slingerde bliksems en joeg ze uiteen:
Deuteronomium 32:23, Deuteronomium 32:23, Jozua 10:10, Habakuk 3:11, Jozua 10:10
16Open lag de bedding der zee, Het fundament van de aarde kwam bloot; Door het dreigen van Jahweh, Door het snuivend gebries van zijn neus.
Nahum 1:4, Nahum 1:4, Psalmen 114:3, Psalmen 114:7, Habakuk 3:8
17Van boven boog Hij Zich neer, greep mij vast, En trok mij weg uit de onstuimige wateren;
Jesaja 43:2, Jesaja 43:2, Psalmen 144:7, Psalmen 144:7, Psalmen 32:6
18Hij verloste mij van mijn grimmigen vijand En van mijn haters, want ze waren te machtig.
2 Samuël 22:1, Psalmen 56:9, 2 Timotheüs 4:17, 2 Korintiërs 1:10, Psalmen 3:7
19Ze waren uitgetrokken op de dag van mijn rampspoed, Maar Jahweh was mijn beschermer;
Psalmen 71:20, Psalmen 71:21, Psalmen 71:20, Psalmen 71:21, 1 Samuël 19:11
20Hij beveiligde mij, En bracht mij redding, omdat Hij mij liefhad.
Psalmen 31:8, Psalmen 31:8, Psalmen 118:5, 2 Samuël 15:26, Psalmen 118:5
21Toen werd mijn gerechtigheid door Jahweh beloond, Mijn reinheid van handen vergolden:
1 Samuël 26:23, Psalmen 24:4, 1 Samuël 26:23, Psalmen 24:4, 1 Koningen 8:32
22Want ik had de wegen van Jahweh bewandeld, Niet gezondigd tegen mijn God;
Spreuken 8:32, Spreuken 8:32, Genesis 18:19, Genesis 18:19, Psalmen 128:1
23Ik had al zijn geboden voor ogen gehouden, Niet zijn wetten ontweken;
Psalmen 119:30, Psalmen 119:102, Psalmen 119:30, Psalmen 119:102, Johannes 15:14
24Ik was voor Hem zonder smet, Had mij zuiver van zonde bewaard.
Genesis 6:9, Genesis 6:9, Job 1:1, Genesis 17:1, Job 1:1
25Daarom werd mijn gerechtigheid door Jahweh beloond, En mijn reinheid in zijn ogen.
2 Samuël 22:21, 2 Samuël 22:21, 2 Korintiërs 5:10, 2 Korintiërs 5:10, Jesaja 3:10
26Want voor getrouwen toont Gij U trouw, Voor rechtschapenen rechtschapen,
Mattheüs 5:7, Mattheüs 5:7, Jakobus 2:13, Jakobus 2:13
27Rein voor den reine, Maar voor de listigaards listig;
Mattheüs 5:8, Mattheüs 5:8, Psalmen 18:26, Psalmen 18:26, Leviticus 26:23
28Want Gij redt het deemoedige volk, Maar vernedert hovaardige blikken.
Psalmen 72:12, Psalmen 72:13, Psalmen 72:12, Psalmen 72:13, Jesaja 5:15
29Gij zijt, o Jahweh, mijn lamp, Mijn God, die licht in mijn duisternis straalt;
Psalmen 27:1, Psalmen 27:1, Johannes 8:12, Johannes 8:12, Openbaring 21:23
30Met U durf ik de stormloop beginnen, Met mijn God de wallen bespringen.
Psalmen 18:29, Psalmen 18:29, Filippenzen 4:13, Filippenzen 4:13, Psalmen 118:10
31God! Volmaakt zijn Zijn wegen, Jahweh’s woord is gelouterd. Hij is voor allen een schild, Die vluchten tot Hem.
Deuteronomium 32:4, Deuteronomium 32:4, Spreuken 30:5, Spreuken 30:5, Psalmen 18:30
32Wie toch is God, dan Jahweh alleen; Wie een rots, dan alleen onze God!
1 Samuël 2:2, 1 Samuël 2:2, Deuteronomium 32:31, Deuteronomium 32:31, Jesaja 44:8
33God! Hij omgordt mij met kracht, En baant mij een veilige weg;
Efeziërs 6:10, Efeziërs 6:10, Psalmen 27:1, Psalmen 27:1, Filippenzen 4:13
34Hij maakt mijn voeten vlug als hinden, En doet mij de hoogste toppen beklimmen;
Jesaja 58:14, Deuteronomium 32:13, Jesaja 58:14, Deuteronomium 32:13, Habakuk 3:19
35Hij oefent mijn handen ten strijde, Mijn armen tot het spannen van de koperen boog.
Psalmen 144:1, Psalmen 144:1, Psalmen 18:33, Psalmen 18:34, Psalmen 18:33
36Zo hebt Gij mij het schild van uw heil gereikt; Uw goedheid maakte mij groot.
Efeziërs 6:16, Efeziërs 6:16, Psalmen 115:14, Psalmen 18:35, Psalmen 84:11
37Gij hebt een weg voor mijn stappen gebaand, En mijn voeten wankelden niet.
Spreuken 4:12, Spreuken 4:12, Psalmen 17:5, 1 Samuël 2:9, Psalmen 17:5
38Ik vervolgde mijn vijanden, haalde ze in, En keerde niet terug, eer ik ze had verslagen.
Psalmen 21:8, Psalmen 21:9, Psalmen 21:8, Psalmen 21:9, 2 Samuël 10:14
39Ik heb ze verslagen, verpletterd, zodat ze niet opstaan, Maar onder mijn voet blijven liggen.
Maleachi 4:3, Maleachi 4:3, Psalmen 118:10, Psalmen 118:12, Psalmen 110:1
40Gij hebt mij met kracht omgord tot de strijd, Mijn tegenstanders voor mij doen bukken;
Psalmen 44:5, Psalmen 44:5, Kolossenzen 1:11, Psalmen 18:39, Jesaja 60:14
41Gij liet mij de rug van mijn vijanden zien. Mijn haters heb ik verdelgd.
Exodus 23:27, Exodus 23:27, Jozua 10:24, Jozua 10:24, Psalmen 21:8
42Nu huilen ze, maar niemand helpt: Tot Jahweh zelfs, maar Hij antwoordt hun niet;
Jesaja 1:15, Jesaja 1:15, 1 Samuël 28:6, 1 Samuël 28:6, Micha 3:4
43Ik vermaal ze als stof der aarde, Vertrap en vertreed ze als slijk op de straten.
Micha 7:10, Micha 7:10, Jesaja 10:6, Jesaja 10:6, 2 Koningen 13:7
44Gij hebt mij gered uit de strijd met de volkeren. En mij aan het hoofd van de naties gesteld: Volkeren, die ik niet kende, werden mij dienstbaar,
2 Samuël 8:1, 2 Samuël 8:14, Jesaja 55:5, 2 Samuël 8:1, 2 Samuël 8:14
45Vreemden brachten mij hulde; Nauwelijks hadden ze van mij gehoord, Of ze gehoorzaamden mij;
Psalmen 81:15, Psalmen 81:15, Psalmen 66:3, Psalmen 66:3, Handelingen 8:13
46Anderen lagen uitgeput neer, En kropen sidderend uit hun burchten.
Micha 7:17, Micha 7:17, Jesaja 2:19, Jesaja 64:6, Jakobus 1:11
47Leve Jahweh! Gezegend mijn Rots; Hoogverheven de God, de Rots van mijn heil!
Psalmen 89:26, Psalmen 89:26, 2 Samuël 22:3, 2 Samuël 22:3, Job 19:25
48Gij hebt mij gewroken, o God, Volkeren aan mij onderworpen;
Psalmen 144:2, Psalmen 144:2, Psalmen 94:1, Psalmen 94:1, Psalmen 110:1
49Mij van mijn grimmigen vijand verlost, Zege over mijn bestrijders verleend, mij van geweldenaars bevrijd.
Psalmen 140:1, Psalmen 140:1, Psalmen 18:48, Numeri 24:17, Numeri 24:19
50Daarom wil ik U prijzen, o Jahweh, Uw naam verheerlijken onder de volken!
Romeinen 15:9, Romeinen 15:9, Psalmen 145:1, Psalmen 145:2, Psalmen 18:49
51Machtige hulp verleent Hij zijn koning, En genade aan zijn Gezalfde, Aan David en zijn geslacht Voor altijd!
Psalmen 18:50, Psalmen 144:10, Psalmen 89:20, Psalmen 89:29, 2 Samuël 7:12

Andere Boeken

2 Samuël1 Koningen2 Koningen+

Andere Boeken

2 SamuëlHfst. 22
1 Koningen2 Koningen1 Kronieken2 KroniekenEzra
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward