1Daarna sprak de Heere tot Mozes, zeggende:stylus2Spreek tot de kinderen Israëls, en zeg tot hen: De gezette hoogtijden des Heeren, welke gijlieden uitroepen zult, zullen heilige samenroepingen zijn; deze zijn Mijn gezette hoogtijden.stylusLeviticus 23:37, Leviticus 23:4, Leviticus 23:37, Leviticus 23:4, Psalmen 81:33Zes dagen zal men het werk doen, maar op den zevenden dag is de sabbat der rust, een heilige samenroeping; geen werk zult gij doen; het is des Heeren sabbat, in al uw woningen.stylusLeviticus 19:3, Leviticus 19:3, Exodus 35:2, Exodus 35:3, Exodus 23:124Deze zijn de gezette hoogtijden des Heeren, de heilige samenroepingen, welke gij uitroepen zult op hun gezetten tijd.stylusExodus 23:14, Leviticus 23:2, Exodus 23:14, Leviticus 23:2, Leviticus 23:375In de eerste maand, op den veertienden der maand, tussen twee avonden is des Heeren pascha.stylusDeuteronomium 16:1, Deuteronomium 16:8, Jozua 5:10, Deuteronomium 16:1, Deuteronomium 16:86En op den vijftienden dag der derzelver maand is het feest van de ongezuurde broden des Heeren; zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten.stylusExodus 12:15, Exodus 12:16, Exodus 34:18, Deuteronomium 16:8, Exodus 12:157Op den eersten dag zult gij een heilige samenroeping hebben; geen dienstwerk zult gij doen.stylusLeviticus 23:8, Leviticus 23:8, Leviticus 23:35, Leviticus 23:36, Numeri 28:188Maar gij zult zeven dagen vuuroffer den Heere offeren; en op den zevenden dag zal een heilige samenroeping wezen; geen dienstwerk zult gij doen.stylus9En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:stylus10Spreek tot de kinderen Israëls, en zeg tot hen: Als gij in het land zult gekomen zijn, hetwelk Ik u geven zal, en gij zijn oogst zult inoogsten, dan zult gij een garf der eerstelingen van uw oogst tot den priester brengen.stylusExodus 34:26, Exodus 34:26, Exodus 23:19, Exodus 23:19, Numeri 28:2611En hij zal die garf voor het aangezicht des Heeren bewegen, opdat het voor u aangenaam zij; des anderen daags na den sabbat zal de priester die bewegen.stylusExodus 29:24, Exodus 29:24, Leviticus 9:21, Leviticus 10:14, Leviticus 9:2112Gij zult ook op den dag, als gij die garf bewegen zult, bereiden een volkomen lam, dat eenjarig is, ten brandoffer den Heere;stylusLeviticus 1:10, 1 Petrus 1:19, Hebreeën 10:10, Hebreeën 10:12, Leviticus 1:1013En zijn spijsoffer twee tienden meelbloem, met olie gemengd, ten vuuroffer, den Heere tot een liefelijken reuk; en zijn drankoffer van wijn, het vierde deel van een hin.stylusLeviticus 2:14, Leviticus 2:16, Leviticus 2:14, Leviticus 2:16, Ezechiël 45:2414En gij zult geen brood, noch geroost koren, noch groene aren eten, tot op dienzelven dag, dat gij de offerande uws Gods zult gebracht hebben; het is een eeuwige inzetting voor uw geslachten, in al uw woningen.stylusExodus 34:26, Exodus 34:26, Genesis 4:4, Genesis 4:5, Genesis 4:415Daarna zult gij u tellen van den anderen dag na den sabbat, van den dag, dat gij de garf des beweegoffers zult gebracht hebben; het zullen zeven volkomen sabbatten zijn;stylusLeviticus 23:10, Leviticus 23:11, Leviticus 23:10, Leviticus 23:11, Deuteronomium 16:916Tot den anderen dag, na den zevenden sabbat, zult gij vijftig dagen tellen, dan zult gij een nieuw spijsoffer den Heere offeren.stylusHandelingen 2:1, Handelingen 2:1, Numeri 28:26, Numeri 28:2617Gijlieden zult uit uw woningen twee beweegbroden brengen, zij zullen van twee tienden meelbloem zijn, gedesemd zullen zij gebakken worden; het zijn de eerstelingen den Heere.stylusLeviticus 23:10, Leviticus 23:10, Numeri 28:26, Exodus 34:26, Exodus 23:1918Gij zult ook met het brood zeven volkomen eenjarige lammeren, en een var, het jong van een rund, en twee rammen offeren; zij zullen den Heere een brandoffer zijn, met hun spijsoffer en hun drankofferen, een vuuroffer, tot een liefelijken reuk den Heere.stylusNumeri 15:4, Numeri 15:12, Maleachi 1:13, Maleachi 1:14, Numeri 28:2719Ook zult gij een geitenbok ten zondoffer, en twee eenjarige lammeren ten dankoffer bereiden.stylusNumeri 28:30, Numeri 28:30, Leviticus 4:23, Leviticus 4:28, 2 Korintiërs 5:2120Dan zal de priester dezelve met het brood der eerstelingen ten beweegoffer, voor het aangezicht des Heeren, met de twee lammeren bewegen; zij zullen den Heere een heilig ding zijn, voor den priester.stylusDeuteronomium 18:4, Deuteronomium 18:4, Numeri 18:8, Numeri 18:12, 1 Korintiërs 9:1121En gij zult op dienzelfden dag uitroepen, dat gij een heilige samenroeping zult hebben; geen dienstwerk zult gij doen; het is een eeuwige inzetting in al uw woningen voor uw geslachten.stylusLeviticus 23:2, Leviticus 23:2, Leviticus 23:14, Leviticus 23:4, Numeri 18:2322Als gij nu den oogst uws lands zult inoogsten, gij zult, in uw inoogsten, den hoek des velds niet ganselijk afmaaien, en de opzameling van uw oogst niet opzamelen; voor den arme en voor den vreemdeling zult gij ze laten; Ik ben de Heere, uw God!stylusDeuteronomium 24:19, Deuteronomium 24:21, Leviticus 19:9, Leviticus 19:10, Deuteronomium 24:1923En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:stylus24Spreek tot de kinderen Israëls, zeggende: In de zevende maand, op den eersten der maand, zult gij een rust hebben, een gedachtenis des geklanks, een heilige samenroeping.stylus1 Korintiërs 15:52, 1 Korintiërs 15:52, 1 Tessalonicenzen 4:16, 1 Tessalonicenzen 4:16, Leviticus 25:925Geen dienstwerk zult gij doen; maar gij zult den Heere vuuroffer offeren.stylusLeviticus 23:21, Leviticus 23:2126Verder sprak de Heere tot Mozes, zeggende:stylus27Doch op den tienden dezer zevende maand zal de verzoendag zijn, een heilige samenroeping zult gij hebben; dan zult gij uw zielen verootmoedigen, en zult den Heere een vuuroffer offeren.stylusLeviticus 16:29, Leviticus 16:31, Leviticus 16:29, Leviticus 16:31, Exodus 30:1028En op dienzelven dag zult gij geen werk doen; want het is de verzoendag, om over u verzoening te doen voor het aangezicht des Heeren uws Gods.stylusLeviticus 16:34, Zacharia 3:9, Leviticus 16:34, Zacharia 3:9, Hebreeën 10:1029Want alle ziel, welken op dienzelven dag niet zal verootmoedigd zijn geweest, die zal uitgeroeid worden uit haar volken.stylusGenesis 17:14, Genesis 17:14, Numeri 5:2, Leviticus 23:32, Numeri 5:230Ook alle ziel, die enig werk op dienzelven dag gedaan zal hebben, die ziel zal Ik uit het midden haars volks verderven.stylusLeviticus 20:3, Leviticus 20:3, Sefanja 2:5, 1 Korintiërs 3:17, Leviticus 20:531Gij zult geen werk doen; het is een eeuwige inzetting voor uw geslachten, in al uw woningen.stylus32Het zal u een sabbat der rust zijn; dan zult gij uw zielen verootmoedigen; op den negenden der maand in den avond, van den avond tot den avond, zult gij uw sabbat rusten.stylusMattheüs 11:28, Mattheüs 11:30, Mattheüs 11:28, Mattheüs 11:30, Psalmen 51:1733En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:stylus34Spreek tot de kinderen Israëls, zeggende: Op den vijftienden dag van deze zevende maand zal het feest der loofhutten zeven dagen den Heere zijn.stylusJohannes 7:2, Nehemia 8:14, Johannes 7:2, Nehemia 8:14, Numeri 29:1235Op den eersten dag zal een heilige samenroeping zijn; geen dienstwerk zult gij doen.stylusLeviticus 23:24, Leviticus 23:25, Leviticus 23:7, Leviticus 23:8, Leviticus 23:2436Zeven dagen zult gij den Heere vuurofferen offeren; op den achtsten dag zult gij een heilige samenroeping hebben, en zult den Heere vuuroffer offeren; het is een verbodsdag; gij zult geen dienstwerk doen.stylusNehemia 8:18, Nehemia 8:18, Johannes 7:37, Johannes 7:37, Joël 2:1537Dit zijn de gezette hoogtijden des Heeren, welke gij zult uitroepen tot heilige samenroepingen, om den Heere vuuroffer, brandoffer en spijsoffer, slachtoffer en drankofferen, elk dagelijks op zijn dag, te offeren;stylusLeviticus 23:2, Leviticus 23:2, Leviticus 23:4, Leviticus 23:4, Prediker 3:138Behalve de sabbatten des Heeren, en behalve uw gaven, en behalve al uw geloften, en behalve al uw vrijwillige offeren, welke gij den Heere geven zult.stylusNumeri 29:39, Numeri 29:39, 2 Kronieken 35:7, 2 Kronieken 35:8, Genesis 2:239Doch op den vijftienden dag der zevende maand, als gij het inkomen des lands zult ingegaderd hebben, zult gij des Heeren feest zeven dagen vieren; op den eersten dag zal er rust zijn, en op den achtsten dag zal er rust zijn.stylusExodus 23:16, Exodus 23:16, Deuteronomium 16:13, Deuteronomium 16:13, Leviticus 23:3440En op den eersten dag zult gij u nemen takken van schoon geboomte, palmtakken, en meien van dichte bomen, met beekwilgen; en gij zult voor het aangezicht des Heeren, uws Gods, zeven dagen vrolijk zijn.stylusOpenbaring 7:9, Filippenzen 4:4, Openbaring 7:9, Filippenzen 4:4, Deuteronomium 16:1441En gij zult dat feest den Heere zeven dagen in het jaar vieren; het is een eeuwige inzetting voor uw geslachten; in de zevende maand zult gij het vieren.stylusNumeri 29:12, Numeri 29:12, Nehemia 8:18, Nehemia 8:1842Zeven dagen zult gij in de loofhutten wonen; alle inboorlingen in Israël zullen in loofhutten wonen;stylusNehemia 8:14, Nehemia 8:17, Nehemia 8:14, Nehemia 8:17, Numeri 24:243Opdat uw geslachten weten, dat Ik de kinderen Israëls in loofhutten heb doen wonen, als Ik hen uit Egypteland uitgevoerd heb; Ik ben de Heere, uw God!stylusDeuteronomium 31:10, Deuteronomium 31:13, Deuteronomium 31:10, Deuteronomium 31:13, Psalmen 78:544Alzo heeft Mozes de gezette hoogtijden des Heeren tot de kinderen Israëls uitgesproken.stylusLeviticus 23:1, Leviticus 23:2, Leviticus 21:24, Mattheüs 18:20, Leviticus 23:1