1Verder sprak de Heere tot Mozes, zeggende:stylus2Gij zult ook tot de kinderen Israëls zeggen: Een ieder uit de kinderen Israëls, of uit de vreemdelingen, die in Israël als vreemdelingen verkeren, die van zijn zaad den Molech gegeven zal hebben, zal zekerlijk gedood worden; het volk des lands zal hem met stenen stenigen.stylusLeviticus 20:27, Leviticus 24:14, Leviticus 18:21, Deuteronomium 21:21, Leviticus 24:233En Ik zal Mijn aangezicht tegen dien man zetten, en zal hem uit het midden zijns volks uitroeien; want hij heeft van zijn zaad den Molech gegeven, opdat hij Mijn heiligdom ontreinigen, en Mijn heiligen Naam ontheiligen zou.stylusLeviticus 18:21, Leviticus 18:21, Ezechiël 23:38, Ezechiël 23:39, Ezechiël 5:114En indien het volk des lands hun ogen enigszins verbergen zal van dien man, als hij van zijn zaad den Molech zal gegeven hebben, dat het hem niet dode;stylusDeuteronomium 17:2, Deuteronomium 17:5, Deuteronomium 17:2, Deuteronomium 17:5, Handelingen 17:305Zo zal Ik Mijn aangezicht tegen dien man en tegen zijn huisgezin zetten, en Ik zal hem, en al degenen, die hem nahoereren, om den Molech na te hoereren, uit het midden huns volks uitroeien.stylusPsalmen 106:39, Psalmen 106:39, Hosea 2:13, Jeremia 3:2, Exodus 20:56Wanneer er een ziel is, die zich tot de waarzeggers en tot de duivelskunstenaars zal gekeerd hebben, om die na te hoereren, zo zal Ik Mijn aangezicht tegen die ziel zetten, en zal ze uit het midden haars volks uitroeien.stylusLeviticus 19:31, Leviticus 19:31, Leviticus 20:27, Jesaja 8:19, Leviticus 20:277Daarom heiligt u, en weest heilig; want Ik ben de Heere, uw God!stylusLeviticus 11:44, Leviticus 11:44, Leviticus 19:2, Leviticus 19:2, 1 Petrus 1:158En onderhoudt Mijn inzettingen, en doet dezelve; Ik ben de Heere, die u heilige.stylusExodus 31:13, Exodus 31:13, Leviticus 21:8, 2 Tessalonicenzen 2:13, 1 Tessalonicenzen 5:239Als er iemand is, die zijn vader of zijn moeder zal gevloekt hebben, die zal zekerlijk gedood worden; hij heeft zijn vader of zijn moeder gevloekt; zijn bloed is op hem!stylusExodus 21:17, Exodus 21:17, Deuteronomium 27:16, Marcus 7:10, Deuteronomium 27:1610Een man ook, die met iemands huisvrouw overspel zal gedaan hebben, dewijl hij met zijns naasten vrouw overspel gedaan heeft, zal zekerlijk gedood worden, de overspeler en de overspeelster.stylusJohannes 8:4, Johannes 8:5, Johannes 8:4, Johannes 8:5, Deuteronomium 22:2211En een man, die bij zijns vaders huisvrouw zal gelegen hebben, heeft zijns vaders schaamte ontdekt; zij beiden zullen zekerlijk gedood worden; hun bloed is op hen!stylusDeuteronomium 27:20, Deuteronomium 27:23, Deuteronomium 27:20, Deuteronomium 27:23, Amos 2:712Insgelijks, als de man bij de vrouw zijns zoons zal gelegen hebben, zij zullen beiden zekerlijk gedood worden; zij hebben een gruwelijke vermenging gedaan; hun bloed is op hen!stylusLeviticus 18:15, Leviticus 18:15, Leviticus 18:23, Genesis 38:18, Leviticus 18:2313Wanneer ook een man bij een manspersoon zal gelegen hebben, met vrouwelijke bijligging, zij hebben beiden een gruwel gedaan; zij zullen zekerlijk gedood worden; hun bloed is op hen!stylus1 Korintiërs 6:9, 1 Korintiërs 6:9, Leviticus 18:22, Leviticus 18:22, Judas 1:714En wanneer een man een vrouw en haar moeder zal genomen hebben, het is een schandelijke daad; men zal hem, en diezelve met vuur verbranden, opdat geen schandelijke daad in het midden van u zij.stylusLeviticus 18:17, Leviticus 18:17, Deuteronomium 27:23, Deuteronomium 27:23, Amos 2:715Daartoe als een man bij enig vee zal gelegen hebben, hij zal zekerlijk gedood worden; ook zult gijlieden het beest doden.stylusLeviticus 18:23, Leviticus 18:23, Deuteronomium 27:21, Deuteronomium 27:21, Exodus 22:1916Alzo wanneer een vrouw tot enig beest genaderd zal zijn, om daarmede te doen te hebben, zo zult gij die vrouw en dat beest doden; zij zullen zekerlijk gedood worden; hun bloed is op hen!stylusExodus 21:32, Hebreeën 12:20, Exodus 19:13, Exodus 21:32, Hebreeën 12:2017En als een man zijn zuster, de dochter zijns vaders, of de dochter zijner moeder, zal genomen hebben, en hij haar schaamte gezien, en zij zijn schaamte zal gezien hebben, het is een schandvlek; daarom zullen zij voor de ogen van de kinderen huns volks uitgeroeid worden; hij heeft de schaamte zijner zuster ontdekt, hij zal zijn ongerechtigheid dragen.stylusLeviticus 18:9, Leviticus 18:9, Deuteronomium 27:22, Deuteronomium 27:22, 2 Samuël 13:1218En als een man bij een vrouw, die haar krankheid heeft, zal gelegen en haar schaamte ontdekt, haar fontein ontbloot, en zij zelve de fontein haars bloeds ontdekt zal hebben, zo zullen zij beiden uit het midden huns volks uitgeroeid worden.stylusLeviticus 18:19, Leviticus 15:24, Leviticus 18:19, Leviticus 15:24, Ezechiël 22:1019Daartoe zult gij de schaamte van de zuster uwer moeder, en van de zuster uws vaders niet ontdekken; dewijl hij zijn nabestaande ontbloot heeft, zullen zij hun ongerechtigheid dragen.stylusLeviticus 18:6, Leviticus 18:6, Leviticus 18:12, Leviticus 18:30, Exodus 6:2020Als ook een man bij zijn moei zal gelegen hebben, hij heeft de schaamte zijns ooms ontdekt; zij zullen hun zonde dragen; zonder kinderen zullen zij sterven.stylusLeviticus 18:14, Leviticus 18:14, Lucas 23:29, Lucas 1:7, Psalmen 109:1321En wanneer een man zijns broeders huisvrouw zal genomen hebben, het is onreinigheid; hij heeft de schaamte zijns broeders ontdekt; zij zullen zonder kinderen zijn.stylusLeviticus 18:16, Leviticus 18:16, Mattheüs 14:3, Mattheüs 14:4, Mattheüs 14:322Onderhoudt dan al Mijn inzettingen en al Mijn rechten, en doet dezelve; opdat u dat land, waarheen Ik u brenge, om daarin te wonen, niet uitspuwe.stylusLeviticus 18:25, Leviticus 18:28, Leviticus 18:25, Leviticus 18:28, Ezechiël 36:2723En wandelt niet in de inzettingen des volks, hetwelk Ik voor uw aangezicht uitwerp; want al deze dingen hebben zij gedaan; daarom ben Ik op hen verdrietig geworden.stylusLeviticus 18:24, Deuteronomium 9:5, Leviticus 18:24, Deuteronomium 9:5, Leviticus 18:324En Ik heb u gezegd: Gij zult hun land erfelijk bezitten, en Ik zal u dat geven, opdat gij hetzelve erfelijk bezit, een land vloeiende van melk en honig; Ik ben de Heere, uw God, Die u van de volken afgezonderd heb!stylusDeuteronomium 14:2, Deuteronomium 14:2, Exodus 3:17, Exodus 6:8, Exodus 3:825Daarom zult gij onderscheid maken tussen reine en onreine beesten, en tussen het onreine en reine gevogelte; en gij zult uw zielen niet verfoeilijk maken aan de beesten en aan het gevogelte, en aan al wat op den aardbodem kruipt, hetwelk Ik voor u afgezonderd heb, opdat gij het onrein houdt.stylusDeuteronomium 14:3, Deuteronomium 14:21, Leviticus 11:1, Leviticus 11:47, Deuteronomium 14:326En gij zult Mij heilig zijn, want Ik, de Heere, ben heilig; en Ik heb u van de volken afgezonderd, opdat gij Mijns zoudt zijn.stylus1 Petrus 1:15, 1 Petrus 1:16, 1 Petrus 1:15, 1 Petrus 1:16, Leviticus 20:727Als nu een man en vrouw in zich een waarzeggenden geest zal hebben, of een duivelskunstenaar zal zijn, zij zullen zekerlijk gedood worden; men zal hen met stenen stenigen; hun bloed is op hen.stylusLeviticus 19:31, Leviticus 19:31, Leviticus 20:6, Leviticus 20:6, 1 Samuël 28:7