1Daarna zeide Hij tot Mozes: Klim op tot den Heere, gij en Aäron, Nadab en Abihu, en zeventig van de oudsten van Israël; en buigt u neder van verre!stylusNumeri 11:16, Numeri 11:16, Exodus 6:23, Exodus 6:23, Leviticus 10:12En dat Mozes alleen zich nadere tot den Heere, maar dat zij niet naderen; en het volk klimme ook niet op met hem.stylusHebreeën 10:21, Hebreeën 10:22, Exodus 24:18, Exodus 24:13, Exodus 24:153Als Mozes kwam en verhaalde aan het volk al de woorden des Heeren, en al de rechten, toen antwoordde al het volk met een stem, en zij zeiden: Al deze woorden, die de Heere gesproken heeft, zullen wij doen.stylusExodus 19:8, Exodus 19:8, Exodus 24:7, Exodus 24:7, Jozua 24:224Mozes nu beschreef al de woorden des Heeren, en hij maakte zich des morgens vroeg op, en hij bouwde een altaar onder aan den berg, en twaalf kolommen, naar de twaalf stammen van Israël.stylusGenesis 28:18, Deuteronomium 31:9, Genesis 28:18, Deuteronomium 31:9, Lucas 22:305En hij zond de jongelingen van de kinderen Israëls, die brandofferen offerden, en den Heere dankofferen offerden, van jonge ossen.stylusExodus 18:12, Exodus 18:12, Exodus 19:22, Leviticus 1:1, Leviticus 1:176En Mozes nam de helft van het bloed, en zette het in bekkens; en de helft van het bloed sprengde hij op het altaar.stylus1 Petrus 1:19, 1 Petrus 1:19, Exodus 24:8, Exodus 24:8, Hebreeën 9:187En hij nam het boek des verbonds, en hij las het voor de oren des volks; en zij zeiden: Al wat de Heere gesproken heeft, zullen wij doen en gehoorzamen.stylusDeuteronomium 31:11, Deuteronomium 31:13, Deuteronomium 31:11, Deuteronomium 31:13, Exodus 24:38Toen nam Mozes dat bloed, en sprengde het op het volk; en hij zeide: Ziet, dit is het bloed des verbonds, hetwelk de Heere met ulieden gemaakt heeft over al die woorden.stylusExodus 24:6, Hebreeën 10:4, Hebreeën 10:5, Exodus 24:6, Hebreeën 10:49Mozes nu en Aäron klommen opwaarts, ook Nadab en Abihu, en zeventig van de oudsten van Israël.stylusExodus 24:1, Exodus 24:110En zij zagen den God van Israël, en onder Zijn voeten als een werk van saffierstenen, en als de gestaltenis des hemels in Zijn klaarheid.stylusJohannes 1:18, Johannes 1:18, Ezechiël 10:1, Ezechiël 10:1, Genesis 32:3011Doch Hij strekte Zijn hand niet tot de afgezonderden van de kinderen Israëls; maar zij aten en dronken, nadat zij God gezien hadden.stylusExodus 18:12, Lucas 15:23, Lucas 15:24, Exodus 18:12, Lucas 15:2312Toen zeide de Heere tot Mozes: Kom tot Mij op den berg, en wees aldaar; en Ik zal u stenen tafelen geven, en de wet, en de geboden, die Ik geschreven heb, om hen te onderwijzen.stylusDeuteronomium 5:22, Deuteronomium 5:22, Exodus 31:18, Exodus 31:18, Exodus 32:1513Toen maakte zich Mozes op, met Jozua, zijn dienaar; en Mozes klom op den berg Gods.stylusExodus 33:11, Exodus 33:11, Numeri 11:28, Numeri 11:28, Exodus 17:914En hij zeide tot de oudsten: Blijft gij ons hier, totdat wij weder tot u komen; en ziet, Aäron en Hur zijn bij u; wie enige zaken heeft, zal tot dezelve komen.stylusExodus 17:12, Exodus 17:10, Exodus 17:12, Exodus 17:10, Genesis 22:515Toen Mozes op den berg geklommen was, zo heeft een wolk den berg bedekt.stylusExodus 19:9, Exodus 19:9, Mattheüs 17:5, Mattheüs 17:5, Exodus 19:1616En de heerlijkheid des Heeren woonde op den berg Sinaï, en de wolk bedekte hem zes dagen, en op den zevenden dag riep Hij Mozes uit het midden der wolk.stylusExodus 16:10, Exodus 16:10, Numeri 16:42, Numeri 16:42, Numeri 14:1017En het aanzien der heerlijkheid des Heeren was als een verterend vuur, op het opperste diens bergs, in de ogen der kinderen Israëls.stylusHebreeën 12:29, Hebreeën 12:29, Exodus 3:2, Deuteronomium 4:36, Hebreeën 12:1818En Mozes ging in het midden der wolk, nadat hij op den berg geklommen was; en Mozes was op dien berg veertig dagen en veertig nachten.stylusDeuteronomium 9:9, Deuteronomium 9:9, Deuteronomium 10:10, Exodus 34:28, Deuteronomium 10:10