1Toen Jethro, priester van Midian, schoonvader van Mozes, hoorde al wat God aan Mozes, en aan Israël, Zijn volk, gedaan had: dat de Heere Israël uit Egypte uitgevoerd had;stylusExodus 2:16, Exodus 3:1, Psalmen 77:14, Psalmen 77:15, Exodus 2:162Zo nam Jethro, Mozes’ schoonvader, Zippora, Mozes’ huisvrouw ( nadat hij haar wedergezonden had),stylusExodus 2:21, Exodus 2:21, Exodus 4:25, Exodus 4:26, Exodus 4:253Met haar twee zonen, welker enes naam was Gersom (want hij zeide: Ik ben een vreemdeling geweest in een vreemd land);stylusExodus 2:22, Exodus 2:22, Handelingen 7:29, Handelingen 7:29, Exodus 4:204En de naam des anderen was Eliëzer, want, zeide hij, de God mijns vaders is tot mijn Hulpe geweest, en heeft mij verlost van Farao’s zwaard.stylus2 Timotheüs 4:17, Handelingen 12:11, 2 Korintiërs 1:8, 2 Korintiërs 1:10, Hebreeën 13:65Toen nu Jethro, Mozes’ schoonvader, met zijn zonen en zijn huisvrouw, tot Mozes kwam, in de woestijn, aan den berg Gods, waar hij zich gelegerd had,stylusExodus 3:1, Exodus 3:1, Exodus 3:12, Exodus 3:12, Exodus 19:116Zo zeide hij tot Mozes: Ik, uw schoonvader Jethro, kom tot u, met uw huisvrouw, en haar beide zonen met haar.stylus7Toen ging Mozes uit, zijn schoonvader tegemoet, en hij boog zich, en kuste hem; en zij vraagden de een den ander naar den welstand, en zij gingen naar de tent.stylusGenesis 29:13, Genesis 29:13, Genesis 19:1, Genesis 14:17, 1 Koningen 2:198En Mozes vertelde zijn schoonvader alles, wat de Heere aan Farao en aan de Egyptenaren gedaan had, om Israëls wil; al de moeite, die hun op dien weg ontmoet was, en dat hen de Heere verlost had.stylusPsalmen 81:7, Numeri 20:14, Psalmen 106:10, Psalmen 78:42, Psalmen 78:439Jethro nu verheugde zich over al het goede, hetwelk de Heere Israël gedaan had; dat Hij het verlost had uit de hand der Egyptenaren.stylusRomeinen 12:15, 1 Korintiërs 12:26, Romeinen 12:15, 1 Korintiërs 12:26, Jesaja 66:1010En Jethro zeide: Gezegend zij de Heere, Die ulieden verlost heeft uit de hand der Egyptenaren, en uit Farao’s hand; Die dit volk van onder de hand der Egyptenaren verlost heeft!stylus2 Samuël 18:28, Genesis 14:20, 2 Samuël 18:28, Genesis 14:20, Lucas 1:6811Nu weet ik, dat de Heere groter is dan alle goden; want in de zaak, waarin zij trotselijk gehandeld hebben, was Hij boven hen.stylusPsalmen 95:3, Psalmen 95:3, Exodus 15:11, Exodus 15:11, 2 Kronieken 2:512Toen nam Jethro, de schoonvader van Mozes, Gode brandoffer en slachtofferen; en Aäron kwam, en al de oversten van Israël, om brood te eten met den schoonvader van Mozes, voor het aangezicht Gods.stylusGenesis 31:54, Deuteronomium 12:7, Genesis 31:54, Deuteronomium 12:7, Exodus 24:1113Doch het geschiedde des anderen daags, zo zat Mozes om het volk te richten, en het volk stond voor Mozes, van den morgen tot den avond.stylusJoël 3:12, Job 29:7, Romeinen 13:6, Richteren 5:10, Jesaja 16:514Als de schoonvader van Mozes alles zag, wat hij het volk deed, zo zeide hij: Wat ding is dit, dat gij het volk doet? Waarom zit gij zelf alleen, en al het volk staat voor u, van den morgen tot den avond?stylus15Toen zeide Mozes tot zijn schoonvader: Omdat dit volk tot mij komt, om God raad te vragen.stylusNumeri 27:5, Numeri 15:34, Numeri 27:5, Numeri 15:34, Leviticus 24:1216Wanneer zij een zaak hebben, zo komt het tot mij, dat ik richte tussen den man en tussen zijn naaste; en dat ik hun bekend make Gods instellingen en Zijn wetten.stylusExodus 24:14, Exodus 24:14, Deuteronomium 4:5, 2 Samuël 15:3, 1 Korintiërs 6:117Doch de schoonvader van Mozes zeide tot hem: De zaak is niet goed, die gij doet.stylus18Gij zult geheel vervallen, zo gij, als dit volk, hetwelk bij u is; want deze zaak is te zwaar voor u, gij alleen kunt het niet doen.stylusNumeri 11:14, Numeri 11:17, Numeri 11:14, Numeri 11:17, Handelingen 6:119Hoor nu mijn stem, ik zal u raden, en God zal met u zijn; wees gij voor het volk bij God, en breng gij de zaken voor God;stylusNumeri 27:5, Numeri 27:5, Deuteronomium 5:5, Genesis 39:2, Exodus 3:1220En verklaar hun de instellingen en de wetten, en maak hun bekend den weg, waarin zij wandelen zullen, en het werk, dat zij doen zullen.stylusDeuteronomium 5:1, Deuteronomium 5:1, Psalmen 143:8, Psalmen 143:8, Deuteronomium 1:1821Doch zie gij om, onder al het volk, naar kloeke mannen, God vrezende, waarachtige mannen, de gierigheid hatende; stel ze over hen, oversten der duizenden, oversten der honderden, oversten der vijftigen, oversten der tienen.stylusHandelingen 6:3, Handelingen 6:3, 2 Kronieken 19:5, 2 Kronieken 19:10, Deuteronomium 1:1322Dat zij dit volk te allen tijde richten; doch het geschiede, dat zij alle grote zaken aan u brengen, maar dat zij alle kleine zaken richten; verlicht alzo uzelven, en laat hen met u dragen.stylusNumeri 11:17, Numeri 11:17, Exodus 18:26, Numeri 15:33, Numeri 27:223Indiën gij deze zaak doet, en God het u gebiedt, zo zult gij kunnen bestaan; zo zal ook al dit volk in vrede aan zijn plaats komen.stylusExodus 18:18, 1 Samuël 8:6, 1 Samuël 8:7, Exodus 18:18, 1 Samuël 8:624Mozes nu hoorde naar de stem van zijn schoonvader, en hij deed alles, wat hij gezegd had.stylusExodus 18:19, 1 Korintiërs 12:21, Ezra 10:2, Spreuken 1:5, Ezra 10:525En Mozes verkoos kloeke mannen, uit gans Israël, en maakte hen tot hoofden over het volk; oversten der duizenden, oversten der honderden, oversten der vijftigen, en oversten der tienen;stylusDeuteronomium 1:15, Deuteronomium 1:15, Exodus 18:21, Exodus 18:21, Handelingen 6:526Dat zij het volk te allen tijde richtten, de harde zaak tot Mozes brachten, maar zij alle kleine zaak richtten.stylusExodus 18:22, Exodus 18:22, Exodus 18:14, Exodus 18:15, Job 29:1627Toen liet Mozes zijn schoonvader trekken; en hij ging naar zijn land.stylusNumeri 10:29, Numeri 10:30, Numeri 10:29, Numeri 10:30, Richteren 19:9