1Het visioen van Abdias. Zo heeft Jahweh, de Heer, Over Edom gesproken; Wij hebben de boodschap van Jahweh vernomen, Ook onder de volken is een bode gezonden. Op ten strijde tegen hem!stylusJeremia 1:2, Jeremia 1:2, 2 Kronieken 34:1, 2 Kronieken 34:33, 2 Kronieken 34:12Zie, Ik maak u onder de volken klein, En ten diepste veracht:stylus2 Koningen 22:16, 2 Koningen 22:17, 2 Koningen 22:16, 2 Koningen 22:17, Micha 7:133Uw hoogmoed heeft u bedrogen! Gij, die in rotskloven woont, En de hoogten bezet; Die zegt bij uzelf: Wie haalt mij omlaag?stylusHosea 4:3, Hosea 4:3, Ezechiël 7:19, Ezechiël 7:19, Jeremia 12:44Al woont ge zo hoog als de arend, En bouwt ge uw nest tussen de sterren: Ik haal u vandaar naar beneden, Is de godsspraak van Jahweh!stylusHosea 10:5, Hosea 10:5, 2 Koningen 23:4, 2 Koningen 23:5, Micha 5:135Als dieven bij u binnendringen, Of rovers des nachts: Hoe zult ge dan worden geteisterd, Zal men niet stelen, zoveel men kan? Als druivenlezers bij u komen, Laten ze dan geen napluk over?stylusJeremia 19:13, 2 Koningen 17:33, 1 Koningen 11:33, Jeremia 19:13, 2 Koningen 17:336Maar hoe zal Esau worden doorzocht, Zullen zijn schatten worden doorsnuffeld over heel zijn gebied?stylusJeremia 2:13, Jesaja 1:4, Jeremia 2:13, Jesaja 1:4, Jeremia 15:67Al uw bondgenoten zullen u verjagen, Uw beste vrienden u overvallen en overwinnen; Die uw brood eten, spannen u strikken, Zonder dat gij er iets van bemerkt.stylusHabakuk 2:20, Habakuk 2:20, Zacharia 2:13, Zacharia 2:13, Sefanja 1:148Of zal Ik niet op die dag: Is de godsspraak van Jahweh, De wijzen uit Edom verdrijven, Het verstand uit het gebergte van Esau?stylusJesaja 24:21, Jesaja 24:21, Jesaja 3:18, Jesaja 3:24, Jeremia 22:119Teman, uw helden zullen versagen, Opdat allen worden uitgeroeid uit Esau’s gebergte!stylus1 Samuël 5:5, 1 Samuël 5:5, Amos 3:10, Amos 3:10, Nehemia 5:1510Omdat ge Jakob, uw broeder, hebt vermoord en mishandeld. Zult ge voor eeuwig worden beschaamd en vernield!stylus2 Kronieken 33:14, 2 Kronieken 33:14, Amos 8:3, 2 Koningen 22:14, Amos 8:311Gij waart er bij, toen vreemden zijn leger gevangen namen, Buitenlanders zijn poort binnendrongen; Toen zij het lot over Jerusalem wierpen, Waart ook gij als een van hen.stylusJakobus 5:1, Jakobus 5:1, Ezechiël 21:12, Jeremia 25:34, Hosea 12:712Gij hadt u niet mogen verlustigen in de dag van uw broeder, In de dag van zijn rampspoed; U niet blij mogen maken over de kinderen van Juda, Op de dag van hun val. Ge hadt geen hoge toon mogen voeren, Op de dag der benauwing;stylusAmos 6:1, Amos 6:1, Jeremia 48:11, Jeremia 48:11, Ezechiël 8:1213Niet binnenrukken in de poort van mijn volk, Op de dag van zijn nood. Ge hadt u over zijn rampen niet mogen verheugen, Op de dag van zijn jammer; Uw hand niet aan zijn have slaan, Op de dag van zijn kommer.stylusAmos 5:11, Amos 5:11, Micha 6:15, Micha 6:15, Deuteronomium 28:3014Op de kruispunten hadt ge niet mogen staan, Om zijn vluchtelingen te vermoorden; Niet mogen uitleveren, die waren ontsnapt, Op de dag van zijn onheil.stylusMaleachi 4:5, Ezechiël 30:3, Maleachi 4:5, Ezechiël 30:3, Sefanja 1:715Waarachtig, nabij is de dag van Jahweh Voor alle volken! Zoals gij hebt gedaan, zal ù geschieden, Uw werken komen neer op uw hoofd!stylusJoël 2:2, Joël 2:2, Jesaja 22:5, Jesaja 22:5, Openbaring 6:1716Want zoals gij hebt gedronken op mijn heilige berg, Zullen alle volken drinken voor immer; Ze zullen drinken en slurpen, En worden, als waren ze nooit geweest!stylusJesaja 2:12, Jesaja 2:15, Jesaja 2:12, Jesaja 2:15, Jeremia 4:1917Maar op de Sionsberg zal redding zijn, Hij zal heilig wezen; Het huis van Jakob zal zijn vroeger bezit Weer vermeesteren!stylusMicha 7:13, Micha 7:13, Psalmen 83:10, Openbaring 3:17, Psalmen 83:1018Dan wordt het huis van Jakob een vuur, dat van Josef een vlam, Het huis van Edom tot kaf, verbrand en verteerd, En niemand blijft over in Esau’s huis: Waarachtig, Jahweh heeft het gezegd!stylusSefanja 3:8, Sefanja 3:8, Ezechiël 7:19, Ezechiël 7:19, Sefanja 1:219De Négeb zal Esau’s gebergte bezetten, De Sjefela de Filistijnen, Efraïm de velden van Samaria, En Benjamin Gilad!stylus20De ballingen van Chalach, de zonen van Israël, Zullen de Kanaänieten bezitten tot Sárefat toe; De ballingen van Jerusalem in Sefarad De steden van het Zuidland.stylus21Dan zullen zij, die zijn verlost, De berg Sion bestijgen, Om het gebergte van Esau te richten: En de heerschappij zal aan Jahweh zijn!stylus