1Jahweh sprak tot Moses:stylus2Neem Aäron en zijn zonen met de gewaden, de zalfolie, den stier van het zondeoffer, de twee rammen, de korf met ongedesemde broden,stylusExodus 28:2, Exodus 28:4, Exodus 28:2, Exodus 28:4, Exodus 28:403en roep de hele gemeenschap bij de ingang van de openbaringstent tezamen.stylus2 Kronieken 30:13, Handelingen 2:1, 2 Kronieken 30:13, Handelingen 2:1, Numeri 20:84Moses deed, wat Jahweh hem had bevolen. En toen het volk aan de ingang van de openbaringstent bijeen was gekomen,stylusExodus 39:21, Exodus 39:5, Exodus 39:26, Exodus 39:1, Exodus 39:425sprak Moses tot het verzamelde volk: Dit heeft Jahweh bevolen te doen.stylusExodus 29:4, Exodus 29:37, Exodus 29:4, Exodus 29:376Toen liet Moses Aäron en zijn zonen toetreden, en waste hen met water.stylus1 Korintiërs 6:11, Exodus 29:4, Efeziërs 5:26, 1 Korintiërs 6:11, Exodus 29:47Vervolgens trok hij Aäron de tuniek aan, deed hem de gordel om, bekleedde hem met de schoudermantel, sloeg hem het borstkleed om, omgordde hem met de gordel van het borstkleed, en bond het daarmee vast.stylusExodus 28:4, Exodus 28:4, Jesaja 61:3, Exodus 29:5, Romeinen 3:228Hij hing hem de borsttas om, en legde in de borsttas de Oerim en de Toemmim;stylusEzra 2:63, Ezra 2:63, 1 Tessalonicenzen 5:8, Exodus 28:15, Exodus 28:309hij zette hem de tulband op, en bevestigde van voren aan de tulband de gouden plaat, de heilige diadeem, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusFilippenzen 2:9, Filippenzen 2:11, Filippenzen 2:9, Filippenzen 2:11, Exodus 39:2810Daarna nam Moses de zalfolie, en zalfde de tabernakel met al wat daarin was, om het te wijden.stylusExodus 40:9, Exodus 40:11, Exodus 40:9, Exodus 40:11, Leviticus 8:211Hij besprenkelde daarmee zeven maal het altaar, en zalfde het altaar met toebehoren en het wasbekken met zijn onderstel, om ze te wijden.stylusExodus 4:6, Jesaja 52:15, Exodus 16:14, Exodus 16:19, Ezechiël 36:2512Ook op het hoofd van Aäron goot hij een weinig zalfolie uit, en zalfde hem, om hem te wijden.stylusExodus 30:30, Exodus 30:30, Psalmen 133:2, Psalmen 133:2, Exodus 29:713Nu liet Moses de zonen van Aäron naderbij komen. Hij bekleedde ze met de tuniek, legde ze de gordel aan, en bond ze de hoofddoeken om, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusExodus 29:8, Exodus 29:9, Exodus 29:8, Exodus 29:9, Jesaja 61:614Vervolgens liet hij den stier van het zondeoffer voorbrengen; en Aäron en zijn zonen legden hun handen op de kop van den stier van het zondeoffer.stylusEzechiël 43:19, Ezechiël 43:19, Hebreeën 7:26, Hebreeën 7:28, Leviticus 16:615Daarna liet Moses hem slachten, nam het bloed, streek het met zijn vinger aan de hoornen langs alle kanten van het altaar, en nam zo de onreinheid van het altaar weg. De rest van het bloed goot hij uit aan de voet van het altaar. Zo wijdde hij het, door de verzoeningsplechtigheid er aan te verrichten.stylusLeviticus 4:7, Leviticus 4:7, Leviticus 1:11, Hebreeën 2:17, Leviticus 4:3016Nu nam Moses al het vet, dat aan de ingewanden zat, de kwab aan de lever, de beide nieren met haar vet, en deed het op het altaar in rook opgaan.stylusExodus 29:13, Exodus 29:13, Leviticus 4:8, Leviticus 4:9, Leviticus 3:317Den stier zelf met huid, vlees en darmen, verbrandde hij buiten de legerplaats, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusLeviticus 4:11, Leviticus 4:12, Leviticus 4:11, Leviticus 4:12, Exodus 29:1418Vervolgens liet hij den ram van het brandoffer brengen; en Aäron en zijn zonen legden hun handen op de kop van den ram.stylusLeviticus 8:2, Leviticus 8:2, Exodus 29:15, Exodus 29:18, Leviticus 1:419Daarna liet Moses hem slachten, besprenkelde het altaar aan alle kanten met het bloed,stylus20sneed den ram aan stukken en deed de kop, de stukken en het vet in rook opgaan,stylusLeviticus 1:8, Leviticus 1:821met ingewanden en poten, na die eerst met water te hebben gewassen. Zo deed Moses den helen ram op het altaar in rook opgaan. Het was een welriekend brandoffer, een vuuroffer voor Jahweh, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusEfeziërs 5:2, Exodus 29:18, Efeziërs 5:2, Exodus 29:18, Leviticus 1:1722Vervolgens liet hij den tweeden ram voorbrengen, die voor het wijdingsoffer was bestemd; en Aäron en zijn zonen legden hun handen op de kop van den ram.stylusLeviticus 8:2, Leviticus 8:2, Exodus 29:19, Exodus 29:31, Openbaring 1:523Daarna deed Moses hem slachten, nam wat van zijn bloed, en streek het aan de rechteroorlel van Aäron, aan zijn rechterduim en aan de grote teen van zijn rechtervoet;stylusExodus 29:20, Exodus 29:20, Leviticus 14:17, Leviticus 14:14, Leviticus 14:1724daarna liet Moses de zonen van Aäron naderbij komen, en streek eveneens een weinig bloed aan hun rechteroorlel, aan hun rechterduim en aan de grote teen van hun rechtervoet. Met de rest van het bloed besprenkelde hij aan alle kanten het altaar.stylusHebreeën 9:18, Hebreeën 9:22, Hebreeën 9:18, Hebreeën 9:2225Nu nam hij het vet, het staartvet en al het vet, dat aan de ingewanden zit, de kwab aan de lever, de beide nieren met haar vet en de rechterschenkel;stylusJesaja 53:10, Spreuken 23:26, Leviticus 3:9, Leviticus 3:3, Leviticus 3:526en uit de korf met ongedesemde broden, die voor het aanschijn van Jahweh stond, nam hij een ongedesemde koek, een met olie bereide broodkoek en een vla, en schikte ze op de vette stukken en de rechterschenkel.stylusExodus 29:23, Exodus 29:23, Johannes 1:14, Handelingen 5:12, 1 Timotheüs 2:527Dat alles legde hij in de handen van Aäron en in die van zijn zonen, en liet het als een strekoffer voor het aanschijn van Jahweh aanbieden.stylusHebreeën 9:14, Exodus 29:24, Exodus 29:37, Jeremia 30:21, Leviticus 7:3028Toen nam Moses het weer uit hun handen, en deed het op het altaar tegelijk met het brandoffer in rook opgaan; dit was het welriekend wijdingsoffer, het vuuroffer voor Jahweh.stylusExodus 29:25, Exodus 29:25, Hebreeën 10:14, Hebreeën 10:22, Psalmen 22:1329Daarna nam Moses het borststuk, en bood het als een strekoffer voor het aanschijn van Jahweh aan; dit was het deel van den wijdingsram, dat Moses toekwam, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusLeviticus 7:30, Leviticus 7:34, Exodus 29:26, Exodus 29:27, 1 Petrus 4:1130Tenslotte nam Moses een weinig zalfolie en wat bloed, dat aan het altaar zat, en besprenkelde Aäron en zijn gewaden ermee, evenals zijn zonen met hun gewaden. Zo wijdde hij Aäron met zijn gewaden en zijn zonen met hun gewaden.stylusExodus 30:30, Numeri 3:3, Exodus 29:21, Exodus 30:30, Numeri 3:331Toen sprak Moses tot Aäron en zijn zonen: Kookt het vlees aan de ingang van de openbaringstent, en eet het daar met het brood, dat in de korf van het wijdingsoffer ligt; want mij is bevolen. dat Aäron en zijn zonen het moeten eten.stylusExodus 29:31, Exodus 29:32, Exodus 29:31, Exodus 29:32, Galaten 2:2032Wat er overblijft van het vlees en het brood, moet ge in het vuur verbranden.stylusExodus 29:34, Exodus 29:34, Prediker 9:10, Leviticus 7:17, Exodus 12:1033Zeven dagen lang moogt ge u niet van de ingang van de openbaringstent verwijderen, totdat de dagen van uw wijding zijn verstreken; want zeven dagen zal uw wijding duren.stylusExodus 29:35, Exodus 29:35, Exodus 29:30, Numeri 19:12, Leviticus 14:834Zoals men het heden gedaan heeft, heeft Jahweh het ook voor de toekomst bevolen, om de verzoeningsplechtigheden aan u te verrichten.stylusHebreeën 7:27, Hebreeën 7:27, Hebreeën 10:11, Hebreeën 10:12, Hebreeën 7:1635Blijft dus dag en nacht aan de ingang van de openbaringstent zeven dagen lang, en onderhoudt de voorschriften van Jahweh, opdat ge niet sterft; want zo is het mij bevolen.stylus1 Koningen 2:3, Numeri 9:19, Deuteronomium 11:1, Numeri 3:7, 1 Koningen 2:336En Aäron en zijn zonen deden alles, wat Jahweh door Moses bevolen had.stylusDeuteronomium 12:32, Deuteronomium 12:32, Deuteronomium 4:2, Exodus 39:43, 1 Samuël 15:22