1Mijn beminde is naar zijn lusthof gegaan, Naar de balsembedden, Om in de lusthof te weiden En lelies te plukken.stylusNehemia 3:14, Nehemia 3:14, Jozua 18:21, Jozua 18:28, 2 Kronieken 11:62Maar mijn beminde blijft mijn, en ik van hem: Hij is het, die in de leliën weidt, Totdat de dag is afgekoeld en de schaduwen vlieden!stylusJesaja 1:8, Jeremia 4:31, Jesaja 1:8, Jeremia 4:31, Klaagliederen 2:133Schoon zijt gij, mijn liefste Heerlijk als Tirsa Bekoorlijk als Jerusalem, Maar ook geducht als een leger.stylusLucas 19:43, Lucas 19:43, Jeremia 39:1, Jeremia 39:3, Jeremia 39:14Wend uw ogen van mij af, Want ze brengen mij in verwarring; Uw lokken zijn als een kudde geiten, Die neergolft van Gilad.stylusJeremia 15:8, Jeremia 15:8, Joël 3:9, Sefanja 2:4, Joël 3:95Uw tanden zijn als een kudde schapen, Zo juist uit het bad, Die allen tweelingen hebben Waarvan er geen enkel ontbreekt.stylusJeremia 52:13, Jesaja 32:14, Jeremia 52:13, Jesaja 32:14, 2 Kronieken 36:196Als een band van purper uw lippen, Aanminnig uw mond; Als granatenhelften blozen uw wangen Door uw sluier heen.stylusJeremia 32:24, Deuteronomium 20:19, Deuteronomium 20:20, Jeremia 32:24, Deuteronomium 20:197Koninginnen zijn er zestig En bijvrouwen tachtig, Jonge meisjes ontelbaar: Maar mijn duifje, mijn schoonste is énig!stylusEzechiël 7:11, Jeremia 20:8, Ezechiël 7:23, Ezechiël 7:11, Jeremia 20:88Zij was al enig voor haar moeder, De lieveling van haar, die haar baarde; Als de meisjes haar zagen, dan roemden ze haar. Koninginnen en bijvrouwen prezen haar.stylusEzechiël 23:18, Hosea 9:12, Ezechiël 23:18, Hosea 9:12, Jeremia 17:239Wie rijst daar op als het morgenrood, Schoon als de maan, En klaar als de zon, Maar ook geducht als een leger?stylusJeremia 16:16, Jeremia 49:9, Obadja 1:5, Obadja 1:6, Jeremia 16:1610Naar de notenhof wilde ik gaan, Om de bloemen in het dal te aanschouwen, Om te zien, of de wijnstok al uitbot, De granaten al bloeien.stylusHandelingen 7:51, Handelingen 7:51, Jeremia 7:26, Johannes 7:7, Jeremia 7:2611En zonder dat ik het wist, Hebt gij mij in de vorstelijke draagkoets gezet….stylusJeremia 9:21, Jeremia 20:9, Jeremia 9:21, Jeremia 20:9, Job 32:1812Terug, kom terug, Sjoelammiet; Terug, kom terug, wij willen u zien! Wat gaapt gij de Sjoelammietische aan, Als een zwaarddanseres?stylusJeremia 8:10, Jeremia 8:10, Jesaja 5:25, Jesaja 5:25, Sefanja 1:13