1Toen sprak Jahweh tot Moses:stylus2Op de eerste dag van de eerste maand moet ge de tabernakel, de openbaringstent, oprichten,stylusExodus 26:30, Exodus 26:30, Exodus 13:4, Exodus 13:4, Numeri 1:13de ark des Verbonds daarin plaatsen, en de ark door het voorhangsel aan het oog onttrekken.stylusNumeri 4:5, Exodus 35:12, Numeri 4:5, Exodus 35:12, Openbaring 11:194Breng dan de tafel naar binnen, leg er op neer, wat er op hoort, zet de kandelaar er in, en ontsteek de lampen;stylusLeviticus 24:8, Leviticus 24:8, Exodus 40:22, Exodus 40:25, Exodus 37:105plaats het gouden reukofferaltaar voor de ark des Verbonds en hang het tapijt voor de ingang van de tabernakel.stylusHebreeën 10:19, Hebreeën 10:22, Hebreeën 10:19, Hebreeën 10:22, 1 Johannes 2:16Plaats vervolgens het brandofferaltaar voor de ingang van de tabernakel, de openbaringstent,stylusExodus 40:29, Exodus 40:29, Exodus 38:1, Exodus 38:7, Efeziërs 1:67zet het bekken neer tussen de openbaringstent en het altaar, en vul het met water.stylus1 Johannes 1:7, Zacharia 13:1, Hebreeën 10:22, Titus 3:5, Psalmen 26:68Richt daar omheen de voorhof op, en hang het tapijt voor de ingang van de voorhof.stylusExodus 27:9, Exodus 27:19, Efeziërs 4:11, Efeziërs 4:12, Exodus 38:99Neem dan de zalfolie, zalf de tabernakel en al wat er in is, en wijd hem en alles wat er bij hoort; dan zal hij geheiligd zijn.stylusLeviticus 8:10, Leviticus 8:10, Numeri 7:1, Numeri 7:1, 1 Johannes 2:2010Zalf ook het brandofferaltaar en al zijn benodigdheden en wijd het altaar; en het zal hoogheilig zijn.stylusLucas 1:35, Jesaja 61:1, Exodus 29:36, Exodus 29:37, Lucas 1:3511Zalf ook het bekken met zijn onderstel, en wijd het.stylus12Laat daarna Aäron en zijn zonen voor de ingang van de openbaringstent treden, en was hen met water.stylusLeviticus 8:1, Leviticus 8:13, Leviticus 8:1, Leviticus 8:13, Leviticus 9:113Bekleed dan Aäron met de heilige gewaden, en zalf en wijd hen; dan zullen zij mijn priesters zijn en door deze zalving het priesterschap eeuwig in hun geslacht bezitten.stylusExodus 28:41, Exodus 28:41, 1 Johannes 2:20, 1 Johannes 2:27, 1 Johannes 2:2014En Moses deed alles, juist zoals Jahweh het hem bevolen had.stylusJesaja 44:3, Jesaja 44:5, Jesaja 61:10, Romeinen 8:30, 1 Korintiërs 1:915En in de eerste maand van het tweede jaar, op de eerste dag van de maand, werd de tabernakel opgericht.stylusNumeri 25:13, Numeri 25:13, Hebreeën 5:1, Hebreeën 5:14, Hebreeën 7:1716Moses richtte de tabernakel op; hij plaatste de voetstukken, zette de schotten er in, bevestigde de bindlatten, en richtte de palen op;stylusExodus 40:17, Exodus 40:32, Deuteronomium 4:1, Exodus 40:17, Exodus 40:3217hij spande de tent uit over de tabernakel, en legde het tentdek er over heen, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusNumeri 7:1, Numeri 7:1, Numeri 9:1, Exodus 40:1, Exodus 40:218Dan nam hij de verbondstafelen, legde ze in de ark, stak de handbomen aan de ark, legde het verzoendeksel op de ark,stylusMattheüs 16:18, Exodus 36:20, Exodus 36:34, Ezechiël 37:27, Ezechiël 37:2819bracht de ark in de tabernakel, hing het voorhangsel op en onttrok zo de ark des Verbonds aan het oog, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusExodus 36:8, Exodus 36:19, Exodus 26:1, Exodus 26:14, Exodus 36:820Daarna plaatste hij de tafel in de openbaringstent, aan de noordzijde van de tabernakel buiten het voorhangsel,stylusExodus 16:34, Exodus 16:34, Hebreeën 4:16, Exodus 40:3, 1 Johannes 2:221schikte daarop de broden voor het aanschijn van Jahweh, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusExodus 40:3, Exodus 26:33, Exodus 40:3, Exodus 26:33, Exodus 35:1222Hij plaatste de kandelaar in de openbaringstent tegenover de tafel aan de zuidzijde van de tabernakel,stylusExodus 26:35, Exodus 26:35, Johannes 6:53, Johannes 6:57, Efeziërs 3:823en zette de lampen er op voor het aanschijn van Jahweh, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusExodus 40:4, Exodus 25:30, Exodus 40:4, Exodus 25:30, Mattheüs 12:424Hij plaatste ook het gouden altaar in de openbaringstent voor het voorhangsel,stylusPsalmen 119:105, Exodus 26:35, Exodus 37:17, Exodus 37:24, Exodus 25:3125en ontstak daarop de geurige wierook, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusExodus 25:37, Exodus 40:4, Exodus 25:37, Exodus 40:4, Openbaring 4:526Vervolgens hing hij het tapijt voor de ingang van de tabernakel,stylusExodus 40:5, Exodus 40:5, Mattheüs 23:19, Hebreeën 10:1, 1 Johannes 2:127en plaatste het brandofferaltaar aan de ingang van de tabernakel, de openbaringstent, en offerde daarop het brand(-) en spijsoffer, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusExodus 30:7, Exodus 30:728Het bekken stelde hij tussen de openbaringstent en het altaar, en vulde het met water voor de wassingen;stylusExodus 40:5, Exodus 40:5, Exodus 26:36, Exodus 26:37, Exodus 38:929en Moses en Aäron en zijn zonen wasten hun handen en voeten er in,stylusExodus 40:6, Exodus 40:6, Hebreeën 13:10, Exodus 27:1, Exodus 27:830telkens wanneer zij de openbaringstent binnengingen of tot het altaar naderden, zoals Jahweh het Moses bevolen had.stylusExodus 40:7, Exodus 40:7, Hebreeën 10:22, Exodus 38:8, Exodus 30:1831Rond de tabernakel en het altaar richtte hij de voorhof op, en hing hij een tapijt voor de ingang van de voorhof. Zo voltooide Moses het werk.stylus1 Johannes 1:7, Psalmen 51:6, Psalmen 51:7, Johannes 13:10, Psalmen 26:632Toen bedekte de wolk de openbaringstent en vervulde Jahweh’s Glorie de tabernakel;stylusPsalmen 73:19, Exodus 40:19, Exodus 30:19, Exodus 30:20, Psalmen 73:1933en Moses kon de openbaringstent niet binnengaan, omdat de wolk daarop rustte en Jahweh’s Glorie de tabernakel vervulde.stylusExodus 40:8, Exodus 40:8, Exodus 27:9, Exodus 27:16, Exodus 27:934En telkens wanneer de wolk zich boven de tabernakel verhief, braken de Israëlieten op, om hun tocht te hervatten;stylusOpenbaring 15:8, Openbaring 15:8, Numeri 9:15, Numeri 9:23, Numeri 9:1535maar zolang de wolk zich niet verhief, wachtten zij met het vertrekken tot het ogenblik, dat zij opsteeg.stylus1 Koningen 8:11, 1 Koningen 8:11, Jesaja 6:4, 2 Kronieken 7:2, Leviticus 16:236Want overdag rustte de wolk van Jahweh op de tabernakel, en des nachts was er een vuur in de wolk ten aanschouwen van heel het huis van Israël op al zijn tochten.stylusNehemia 9:19, Nehemia 9:19, Exodus 13:21, Exodus 13:22, Numeri 9:17