1Paulus, apostel van Christus Jesus, volgens de beschikking van God, onzen Zaligmaker, en van Christus Jesus, onze hoop:stylusTitus 2:13, Titus 2:13, Romeinen 3:21, Romeinen 3:26, Romeinen 3:212aan Timóteus, zijn rechtgeaard kind in het geloof: genade, barmhartigheid en vrede van God den Vader en van Jesus Christus onzen Heer.stylus2 Petrus 3:18, 2 Petrus 3:18, Filippenzen 3:8, Johannes 17:3, Filippenzen 3:83Zoals ik u bij mijn vertrek naar Macedonië ver. zocht heb, moet ge in Éfese blijven, om sommige lieden te verbieden, vreemde dingen te leren,stylus1 Petrus 5:10, 1 Petrus 5:10, 2 Timotheüs 1:9, 2 Timotheüs 1:9, Romeinen 8:284en zich bezig te houden met fabels en eindeloze geslachtslijsten, die zich beter lenen voor twistvragen dan voor de geloofsbedeling Gods.stylusEfeziërs 4:23, Efeziërs 4:24, Efeziërs 4:23, Efeziërs 4:24, 2 Korintiërs 3:185Immers het doel der prediking is liefde, die voortspruit uit een rein hart, een goed geweten en een ongeveinsd geloof.stylusFilippenzen 4:8, Filippenzen 4:8, Spreuken 4:23, Spreuken 4:23, 2 Petrus 3:186Dit hebben die lieden uit het oog verloren, en daardoor zijn ze in leeg gepraat vervallen;stylusRomeinen 5:3, Romeinen 5:4, Romeinen 5:3, Romeinen 5:4, 2 Petrus 1:37ze willen leraars zijn der Wet, maar begrijpen niet eens wat ze zeggen, en wat ze zo stellig beweren.stylusHebreeën 13:1, Hebreeën 13:1, Romeinen 12:10, Romeinen 12:10, 1 Tessalonicenzen 3:128Zeker we weten, dat de Wet goed is, zo men haar toepast op wettige wijze;stylusTitus 3:14, Titus 3:14, Johannes 15:2, Kolossenzen 3:16, Johannes 15:29en zo men bedenkt, dat de Wet niet gemaakt is voor den rechtvaardige, maar voor tuchtelozen en losbandigen, voor goddelozen en zondaars, voor heiligschenners en ongodsdienstigen, voor vadermoorders en moedermoorders, voor doodslagers,stylus2 Petrus 2:18, 2 Petrus 2:20, 2 Petrus 2:18, 2 Petrus 2:20, 1 Johannes 1:710ontuchtigen en knapenschenners, voor mensenrovers, leugenaars en meinedigen, -en wat er verder in strijd is met de gezonde leer,stylus2 Petrus 3:17, 2 Petrus 3:17, Lucas 6:47, Lucas 6:49, Lucas 6:4711volgens het Evangelie der glorie van den gelukzaligen God, dat aan mij is toevertrouwd.stylusOpenbaring 5:10, Mattheüs 25:34, Openbaring 5:10, Mattheüs 25:34, Openbaring 3:2112Dank breng ik Hem, die mij sterkte, Christus Jesus onzen Heer, omdat Hij mij trouw heeft geacht en in bediening heeft gesteld,stylus1 Johannes 2:21, 1 Johannes 2:21, Filippenzen 3:1, Romeinen 15:14, Romeinen 15:1513hoewel ik toch vroeger een godslasteraar was, een vervolger en geweldenaar. Maar omdat ik het in ongeloof onwetend deed, vond ik ontferming;stylus2 Petrus 3:1, 2 Petrus 3:1, 2 Petrus 1:14, 2 Petrus 1:14, Hebreeën 13:314en overvloedig zelfs stroomde de genade onzes Heren mij toe, met geloof en liefde in Christus Jesus.stylus2 Timotheüs 4:6, 2 Timotheüs 4:6, Johannes 21:18, Johannes 21:19, Johannes 21:1815Waarachtig is het woord, en volkomen geloofwaardig, dat Christus Jesus in de wereld is gekomen, om zondaars te redden. Ik ben de grootste onder hen;stylusDeuteronomium 31:19, Deuteronomium 31:29, Psalmen 71:18, Deuteronomium 31:19, Deuteronomium 31:2916maar daarom juist heb ik ontferming gevonden, opdat aan mij, den grootste, Jesus Christus zijn volle lankmoedigheid zou tonen, als voorbeeld voor hen, die in Hem zullen geloven ten eeuwigen leven.stylus1 Johannes 4:14, 1 Johannes 4:14, Johannes 1:14, Johannes 1:14, 1 Timotheüs 1:417Aan den Koning der eeuwen, den onvergankelijken, onzichtbaren, enigen God: eer en glorie in de eeuwen der eeuwen. Amen!stylusMarcus 9:7, Marcus 9:7, Mattheüs 17:5, Mattheüs 17:5, Mattheüs 3:1718Timóteus, mijn kind, deze prediking vertrouw ik u toe krachtens de profetieën, die vroeger over u zijn uitgebracht. Moogt ge, daarop steunend, de goede strijd blijven strijden,stylusMattheüs 17:6, Mattheüs 17:6, Exodus 3:5, Jozua 5:15, Exodus 3:519in het bezit van het geloof en van een goed geweten. Sommigen hebben dit van zich afgestoten, en daardoor schipbreuk geleden in het geloof.stylusOpenbaring 22:16, Openbaring 22:16, Jesaja 9:2, Psalmen 119:105, Jesaja 9:220Hiertoe behoren Humeneus en Alexander; ik heb ze Satan overgeleverd, om ze het lasteren af te leren.stylus2 Petrus 3:3, 2 Petrus 3:3, Romeinen 12:6, Romeinen 12:6, Jakobus 1:3