1Verder, broeders, bidt voor ons, opdat het woord des Heren voort mag ijlen, en verheerlijkt mag worden als onder u;stylusKolossenzen 3:18, Kolossenzen 3:18, Efeziërs 5:33, Efeziërs 5:33, Efeziërs 5:222ook dat we verlost mogen worden van onbetamelijke en slechte mensen; want niet allen bezitten het geloof.stylus1 Petrus 2:12, 1 Petrus 1:15, 1 Petrus 2:12, 1 Petrus 1:15, Filippenzen 1:273De Heer is getrouw; Hij zal u sterken, en u voor het kwade bewaren.stylus1 Timotheüs 2:9, 1 Timotheüs 2:10, 1 Timotheüs 2:9, 1 Timotheüs 2:10, Romeinen 12:24Daarenboven vertrouwen we van u in den Heer, dat gij doet, wat we bevelen, en dat gij het ook zult blijven doen.stylusKolossenzen 3:12, Kolossenzen 3:12, 1 Samuël 16:7, 1 Samuël 16:7, Mattheüs 11:295En de Heer neige uw harten tot de liefde voor God en tot de verwachting van Christus.stylusTitus 2:3, Titus 2:4, Titus 2:3, Titus 2:4, 1 Timotheüs 5:56Broeders, in de naam van den Heer Jesus Christus drukken we u op het hart, u terug te trekken van elken broeder, die ongeregeld leeft, niet naar de overlevering, die gij van ons hebt ontvangen.stylusGenesis 18:12, Genesis 18:12, Romeinen 9:7, Romeinen 9:9, Romeinen 9:77Zelf weet gij toch wel, hoe gij ons navolgen moet. Want we hebben onder u niet ongeregeld geleefd.stylusKolossenzen 3:19, Kolossenzen 3:19, Genesis 2:23, Genesis 2:24, Genesis 2:238We hebben niemands brood om niet gegeten, maar nacht en dag gearbeid in zwoegen en slaven, om niemand van u tot last te zijn;stylusRomeinen 12:10, Romeinen 12:10, 1 Petrus 1:22, Efeziërs 4:31, Efeziërs 5:29niet alsof we geen recht er op hadden, maar om onszelf aan u als voorbeeld ter navolging te stellen.stylusRomeinen 12:17, Spreuken 20:22, Romeinen 12:17, Spreuken 20:22, Romeinen 12:1410Bovendien, toen we bij u waren, hebben we u toch voorgehouden, dat wie niet werken wil, ook niet ete.stylusPsalmen 34:12, Psalmen 34:16, Psalmen 34:12, Psalmen 34:16, Jakobus 1:2611En nu horen we toch, dat sommigen onder u een ongeregeld leven leiden, zich niet druk maken, maar wel veel drukte.stylusMattheüs 5:9, Mattheüs 5:9, Psalmen 34:14, Psalmen 34:14, Hebreeën 12:1412Hen gebieden en vermanen we in den Heer Jesus Christus, om rustig te werken en hun eigen brood te eten.stylusPsalmen 34:15, Psalmen 34:16, Psalmen 34:15, Psalmen 34:16, Johannes 9:3113En gij broeders, wordt niet moede, het goede te doen.stylusSpreuken 16:7, Spreuken 16:7, 1 Tessalonicenzen 5:15, 1 Tessalonicenzen 5:15, Romeinen 8:2814Zo iemand niet luistert naar ons woord in deze brief, tekent Hem aan en gaat niet met hem om, opdat hij beschaamd moge staan.stylusMattheüs 10:28, Mattheüs 10:28, 1 Petrus 2:19, 1 Petrus 2:20, 1 Petrus 2:1915Toch moet ge hem niet als uw vijand beschouwen, maar als een broeder vermanen.stylusKolossenzen 4:6, Kolossenzen 4:6, 2 Timotheüs 2:25, 2 Timotheüs 2:26, 2 Timotheüs 2:2516De Heer van de vrede, Hij geve u de vrede altijd en in alles. De Heer zij met u allen!stylus1 Petrus 2:12, 1 Petrus 2:12, Hebreeën 13:18, Hebreeën 13:18, 1 Petrus 2:1517De groet is van mijn eigen hand: Paulus. Dit is het teken bij iedere brief; zo schrijf ik:stylus1 Petrus 3:14, 1 Petrus 3:14, 1 Petrus 4:19, 1 Petrus 4:19, Mattheüs 26:3918De genade van onzen Heer Jesus Christus zij met u allen.stylusHebreeën 9:28, Hebreeën 9:28, Hebreeën 9:26, Hebreeën 9:26, 2 Korintiërs 5:21