1Paulus, de geboeide van Christus Jesus, en broeder Timóteus; aan onzen beminden medearbeider Filemon,stylus1 Johannes 3:18, 1 Johannes 3:18, Romeinen 16:23, 1 Korintiërs 1:14, Romeinen 16:232alsook aan onze zuster Appia, aan onzen strijdmakker Archippus en aan de gemeente, die bij u vergadert:stylus2 Petrus 1:3, 2 Petrus 1:9, 2 Petrus 1:3, 2 Petrus 1:9, 2 Petrus 3:183genade en vrede zij u van God onzen Vader en van den Heer Jesus Christus.stylus2 Johannes 1:4, 2 Johannes 1:4, 2 Johannes 1:2, Romeinen 1:8, Romeinen 1:94Ik breng dank aan mijn God, telkens wanneer ik u in mijn gebeden gedenk,stylusGalaten 4:19, Galaten 4:19, 2 Timotheüs 1:2, 2 Timotheüs 1:2, 2 Koningen 20:35omdat ik hoor van uw liefde, die ge aan alle heiligen bewijst, en van uw geloof, waarmee ge in den Heer Jesus gelooft.stylusGalaten 6:10, Galaten 6:10, Lucas 16:10, Lucas 16:12, Lucas 12:426Moge uw geloofsbezit zich ook tonen door de daad, door de erkenning van al het goede, dat er is in ons, die aan Christus toebehoren.stylus1 Tessalonicenzen 2:12, 1 Tessalonicenzen 2:12, Filemon 1:5, Filemon 1:7, Titus 3:137Ja waarlijk, broeder, door uw liefde heb ik veel vreugde en troost ondervonden, omdat ge rust hebt gebracht in de harten der heiligen.stylus2 Korintiërs 11:7, 2 Korintiërs 11:9, 2 Korintiërs 12:13, 1 Korintiërs 9:18, Openbaring 2:38Ofschoon ik in Christus het volste recht heb, u te bevelen wat uw plicht is,stylus1 Korintiërs 3:5, 1 Korintiërs 3:9, 2 Korintiërs 7:2, 2 Korintiërs 7:3, 1 Korintiërs 3:59wil ik daarom toch liever een beroep op uw liefde doen. Zie, ik Paulus, een oud man en thans bovendien nog geboeid voor Christus Jesus,stylusTitus 1:7, Titus 1:16, Titus 1:7, Titus 1:16, Lucas 22:2410ikzelf kom u smeken voor Onésimus, mijn kind, dat ik in mijn boeien heb verwekt,stylusJesaja 66:5, Spreuken 10:10, Jesaja 66:5, Spreuken 10:10, Lucas 6:2211en dat u vroeger van weinig nut is geweest, maar thans zowel voor u als voor mij van groot nut is geworden.stylusJesaja 1:16, Jesaja 1:17, Jesaja 1:16, Jesaja 1:17, Psalmen 37:2712Ik zend hem u terug; hem, dat is mijn eigen hart.stylus1 Timotheüs 3:7, 1 Timotheüs 3:7, Johannes 21:24, Johannes 21:24, Handelingen 22:1213Ik had hem gaarne bij me gehouden, opdat hij mij in úw plaats zou dienen gedurende mijn gevangenschap voor het Evangelie.stylus2 Johannes 1:12, 2 Johannes 1:1214Maar ik heb niets zonder uw toestemming willen doen, opdat uw goede daad niet afgedwongen zou zijn, maar vrijwillig zou geschieden.stylusRomeinen 16:1, Romeinen 16:16, Genesis 43:23, 1 Petrus 5:14, Efeziërs 6:2315Want misschien is hij juist daarom een tijdje van u weg geweest, opdat ge hem zoudt bezitten voor eeuwig;stylusJohannes 10:3, Johannes 10:316niet meer als slaaf, doch meer dan dat, als een geliefden broeder. Geldt dit voor mij, hoeveel te meer geldt het dan voor u, die hem terugkrijgt zowel naar het lichaam als in den Heer.stylus17Indien ge me dus als een vriend beschouwt, neem hem dan op, als was ik het zelf.stylus18Wanneer hij u enige schade heeft berokkend of u iets schuldig is, zet het dan op mijn rekening;stylus19ik Paulus schrijf het eigenhandig: Ik zal het betalen. Of liever nog: zet het op uw eigen rekening; want ge zijt mij uzelf schuldig.stylus20Ja broeder, laat mij nu in den Heer ook wat voordeel hebben van u; stel in Christus mijn hart gerust.stylus21Ik schrijf u, omdat ik op uw bereidwilligheid vertrouw, en omdat ik weet, dat ge nog meer zult doen dan ik vraag.stylus22Bovendien moet ge u gereed houden, om ook mij als gast te ontvangen; want ik hoop, dat ge mij door uw gebeden terug zult bekomen.stylus23U groet Épafras, mijn medegevangene in Christus Jesus;stylus24ook mijn medearbeiders Markus, Aristarchus, Demas en Lukas.stylus25De genade van den Heer Jesus Christus zij met uw geest!stylus