1Maar schaam u niet over wat nu gaat volgen, En zondig niet uit menselijk opzicht:stylusEzechiël 40:17, Ezechiël 40:20, Ezechiël 40:17, Ezechiël 40:20, Ezechiël 41:12Over de Wet van den Allerhoogste en zijn bestel, Over zijn geboden, zodat ge den zondaar ontslaat;stylusEzechiël 41:13, Ezechiël 41:133Over verantwoording geven aan vriend of vorst, Over het verdelen van erfenis en bezit;stylusEzechiël 41:15, Ezechiël 41:16, Ezechiël 41:15, Ezechiël 41:16, Ezechiël 41:104Over juistheid van balans en weegschaal, Over ongereptheid van maat en gewicht;stylusEzechiël 46:19, Ezechiël 46:19, Mattheüs 7:14, Lucas 13:24, Mattheüs 7:145Over winsten, groot of klein, Over het betalen van koopwaar; Over veelvuldig bestraffen der kinderen, Over bloedig kastijden van een slechten slaaf.stylusEzechiël 41:7, Ezechiël 41:76Bij een slechte vrouw is een zegel verstandig; Waar veel handen zijn, komt een sleutel van pas.stylusEzechiël 41:6, Ezechiël 41:6, 1 Koningen 6:8, 1 Koningen 6:87Schrijf op, als ge iets in bewaring geeft; Uitgaven en inkomsten, alles op schrift!stylusEzechiël 42:10, Ezechiël 42:12, Ezechiël 42:10, Ezechiël 42:128Schaam u niet, een dwaas of een zot terecht te wijzen, Of zelfs een grijsaard, die plannen van ontucht beraamt. Dan zult ge werkelijk verstandig blijken, En achtenswaardig voor al wat leeft!stylusEzechiël 41:13, Ezechiël 41:14, Ezechiël 41:13, Ezechiël 41:149Een dochter is voor een vader een zorgelijke schat, De zorg over haar verstoort zijn slaap; In haar jeugd: dat ze niet blijft zitten, En is ze getrouwd: dat ze niet wordt verstoten.stylusEzechiël 46:19, Ezechiël 46:19, Ezechiël 44:5, Ezechiël 44:510In haar meisjesjaren: dat ze zich niet laat verleiden, In het huis van haar man: dat ze niet ontrouw wordt; In het huis van haar vader: dat ze geen moeder wordt, In het huis van haar man: dat ze niet kinderloos blijft.stylusEzechiël 42:1, Ezechiël 42:1, Ezechiël 42:13, Ezechiël 42:13, Ezechiël 42:711Houd uw dochter goed onder tucht, Opdat ze u geen kwade naam bezorgt, Geen gepraat in de stad of oploop van volk, U niet te schande maakt voor de bijeenkomst in de poort. De plaats, waar ze verblijft, zij geen venster, Geen plek, waar men iedereen ziet, die voorbijgaat.stylusEzechiël 42:4, Ezechiël 42:412Ze mag geen man haar schoonheid doen zien. Zelfs niet deelnemen aan de gesprekken der vrouwen.stylus13Want zoals de mot uit het kleed, Zo komt de slechtheid der vrouw van een andere vrouw.stylusLeviticus 7:6, Leviticus 10:17, Leviticus 7:6, Leviticus 10:17, Ezechiël 40:4614Beter een slechte man dan een slechte vrouw; Want een huis vol schande brengt zo'n vrouw te weeg.stylusEzechiël 44:19, Ezechiël 44:19, Leviticus 8:7, Leviticus 8:7, Zacharia 3:415Tweede afdeling. De wijsheid in de historie. Eerste deel. Lof der wijsheid in Gods schepping. Ik wil de werken Gods gedenken, En wat ik gezien heb, verkonden. Door Gods woord werden zij geschapen; Zij volbrengen zijn wil naar zijn bestel.stylusEzechiël 43:1, Ezechiël 43:1, Ezechiël 41:15, Ezechiël 41:2, Ezechiël 41:516Zoals de zon het heelal verlicht, Straalt Jahweh's glorie over al zijn werken.stylusEzechiël 40:3, Ezechiël 40:3, Openbaring 11:1, Openbaring 11:2, Zacharia 2:117Gods heiligen zelfs zijn niet bij machte, Jahweh's wonderwerken te roemen. God heeft zijn legerscharen kracht gegeven, Om voor zijn glorie te kunnen bestaan.stylus18Hij peilt de afgrond en het mensenhart; Hij doorschouwt ze in al hun naaktheid.stylus19Hij onthult verleden en toekomst, En maakt bekend, wat verborgen is;stylus20Er bestaat geen kennis. die Hem ontbreekt, Geen ding, dat Hem ontgaat.stylusEzechiël 45:2, Ezechiël 45:2, Ezechiël 40:5, Ezechiël 22:26, Ezechiël 40:521De kracht van zijn Wijsheid staat ongeschokt, Hij alleen is van eeuwigheid. Hij wordt niet groter en niet kleiner: Geen raadsman heeft Hij van node.stylus22Hoe lieflijk toch zijn al zijn werken, Al zien wij er slechts een vonkje van!stylus23Hij alleen leeft en blijft voor eeuwig, Al het andere is ondergeschikt aan zijn doel;stylus24Alles verschilt, het een van het ander, Maar niets is geschapen zonder doel.stylus25Het een is nog beter dan het ander; Wie kan zich verzadigen aan die pracht?stylus26stylus