Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

2 Samuël Hoofdstuk 20

NlCanisius1939
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
2 SAMUËL

2 Samuël 20

1Nu bevond zich daar een Belialswicht, een zekere Sjéba, de zoon van Bikri, een Benjamiet. Hij stak de bazuin, en riep uit: Wij hebben niets te maken met David, Niets uit te staan met den zoon van Jesse: Iedereen naar zijn tenten, Israël!
1 Koningen 12:16, 1 Koningen 12:16, 2 Kronieken 10:16, Deuteronomium 13:13, 2 Kronieken 10:16
2Nu trokken alle Israëlieten van David weg en volgden Sjéba, den zoon van Bikri; maar de Judeërs bleven hun koning volgen van de Jordaan af tot Jerusalem.
Handelingen 11:23, Johannes 6:66, Johannes 6:68, Handelingen 11:23, Johannes 6:66
3Toen David in zijn paleis te Jerusalem was teruggekeerd, liet de koning de tien bijvrouwen, die hij achtergelaten had, om het paleis te bewaken, in een huis van bewaring zetten; hij onderhield ze wel, maar had geen gemeenschap met haar, zodat ze tot haar dood als onbestorven weduwen bleven opgesloten.
2 Samuël 16:21, 2 Samuël 16:22, 2 Samuël 16:21, 2 Samuël 16:22, 2 Samuël 15:16
4Daarop sprak de koning tot Amasa: Roep de Judeërs bijeen; binnen drie dagen moet ge weer hier zijn!
2 Samuël 17:25, 2 Samuël 19:13, 2 Samuël 17:25, 2 Samuël 19:13, 1 Kronieken 2:17
5Amasa vertrok dus, om Juda bijeen te roepen. Maar toen hij langer dan de vastgestelde tijd uitbleef,
1 Samuël 13:8, 2 Samuël 19:13, 1 Samuël 13:8, 2 Samuël 19:13
6sprak David tot Abisjai: Nu zal Sjéba, de zoon van Bikri, ons nog gevaarlijker worden dan Absalom! Neem dus de eigen soldaten van uw heer en zet Sjéba achterna; anders verovert hij nog versterkte steden en ontsnapt hij ons.
2 Samuël 11:11, 2 Samuël 21:17, 1 Koningen 1:33, 2 Samuël 11:11, 2 Samuël 21:17
7Zo trokken onder het bevel van Amasa zowel Joab als de Kretenzen en Peletiërs en de hele keurbende uit, en verlieten Jerusalem, om Sjéba, den zoon van Bikri, te achtervolgen.
2 Samuël 8:18, 2 Samuël 8:18, 1 Koningen 1:38, 1 Koningen 1:38, 2 Samuël 20:23
8Toen ze bij de grote steen in Gibon waren gekomen, kwam Amasa hun tegemoet. Nu had Joab onder zijn gewaad een dolk gegord. Maar boven zijn gordel had Joab over zijn heup een zwaard gebonden, dat in de schede stak; en terwijl Joab dit eruit liet glijden, zodat het op de grond viel,
2 Samuël 3:30, 2 Samuël 3:30, 2 Samuël 2:13, 2 Samuël 2:13, 2 Samuël 20:4
9sprak hij tot Amasa: Gaat het u goed, mijn broeder? En met de rechterhand greep hij Amasa bij de baard, om hem te omhelzen.
Mattheüs 26:48, Mattheüs 26:49, Lucas 22:47, Lucas 22:48, Mattheüs 26:48
10Daar Amasa niet bedacht was op de dolk, die Joab in de linkerhand hield, stak deze hem er zo mee in de buik, dat zijn ingewanden uitpuilden tot over de grond, en hij zonder een tweede stoot dood was. Daarop zetten Joab en zijn broer Abisjai de achtervolging voort van Sjéba, den zoon van Bikri.
2 Samuël 2:23, 2 Samuël 2:23, 2 Samuël 3:27, 2 Samuël 3:27, Richteren 3:21
11Een van Joabs soldaten ging bij Amasa staan, en riep: Al wie het houdt met Joab en David, volge Joab!
2 Samuël 20:13, 2 Samuël 20:13, 2 Samuël 20:6, 2 Samuël 20:7, 2 Samuël 20:4
12Maar daar Amasa badend in zijn bloed midden op de weg lag, bleef iedereen, die voorbij kwam, staan kijken. Toen de soldaat dus bemerkte, dat al het volk bleef stilstaan, sleepte hij Amasa van de weg af, de berm op, en wierp een kleed over hem heen.
Spreuken 24:21, Spreuken 24:22, Psalmen 9:16, Spreuken 24:21, Spreuken 24:22
13Zodra hij nu van de weg was verwijderd, trokken alle manschappen verder achter Joab aan, om Sjéba, den zoon van Bikri, te achtervolgen.
Jesaja 36:2, Marcus 10:46, Numeri 20:19, Jesaja 7:3, Richteren 21:19
14Deze had alle stammen van Israël doorkruist, maar men wilde niets van hem weten; zo kwam hij te Abel-Bet-Maäka, gevolgd door al de Bikrieten.
2 Koningen 15:29, 2 Koningen 15:29, 1 Koningen 15:20, 2 Kronieken 16:4, Jozua 18:25
15Maar de mannen van Joab kwamen hem in Abel-Bet-Maäka belegeren, wierpen een wal om de stad, en ondermijnden de muur, om hem te laten instorten.
2 Koningen 19:32, 2 Koningen 19:32, Jeremia 32:24, Jeremia 32:24, 1 Koningen 15:20
16Toen ging een wijze vrouw uit de stad op de verschansing staan, en riep: Luistert, luistert! Zegt tegen Joab, dat hij hierheen komt; ik moet met hem spreken!
2 Samuël 14:2, 2 Samuël 14:2, Prediker 9:14, Prediker 9:18, Prediker 9:14
17Toen deze naderbij was gekomen, vroeg de vrouw: Zijt gij Joab? Hij antwoordde: Ja! Ze zeide tot hem: Luister dan naar uw dienstmaagd. Hij antwoordde: Ik luister.
1 Samuël 25:24, 2 Samuël 14:12, 1 Samuël 25:24, 2 Samuël 14:12
18Toen begon ze: Vroeger was men gewend te zeggen: Laat men in Abel en Dan gaan vragen, of er ooit afgeschaft wordt,
Deuteronomium 20:10, Deuteronomium 20:11, Deuteronomium 20:10, Deuteronomium 20:11
19wat de echte Israëlieten hebben vastgesteld. Wilt gij dus een stad vernietigen, die als een moederstad geldt in Israël? Waarom wilt ge het erfdeel van Jahweh vernielen?
1 Samuël 26:19, 1 Samuël 26:19, 2 Samuël 21:3, 2 Samuël 21:3, 2 Samuël 17:16
20Joab antwoordde: Ik denk er niet aan, iets te vernietigen of te vernielen;
Spreuken 28:13, Job 21:16, 2 Samuël 23:17, Lucas 10:29, 2 Samuël 20:10
21dit is mijn bedoeling niet. Maar iemand uit het gebergte van Efraïm, Sjéba genaamd en zoon van Bikri, heeft zijn hand opgeheven tegen koning David. Hem alleen hebt ge uit te leveren; dan trek ik weg van de stad. Toen zeide de vrouw tot Joab: Wacht maar; zijn hoofd zal u over de muur worden toegeworpen.
Jeremia 50:19, 1 Samuël 26:9, 2 Samuël 20:1, Jeremia 4:15, 2 Samuël 23:18
22De vrouw keerde terug naar de stad, en wist met al haar slimheid de bevolking te overreden; ze sloegen Sjéba het hoofd af, en wierpen het Joab toe. Toen liet deze de trompet steken; en allen trokken weg van de stad naar hun woonplaats, en Joab keerde naar den koning in Jerusalem terug.
2 Samuël 20:1, Prediker 7:19, 2 Samuël 20:1, Prediker 7:19, 2 Samuël 18:16
23Joab stond over heel de legermacht van Israël; Benaja, de zoon van Jehojada, over de Kretenzen en de Peletiërs;
2 Samuël 8:16, 2 Samuël 8:18, 2 Samuël 8:16, 2 Samuël 8:18, 1 Kronieken 18:15
24Adoram over de herendiensten. Jehosjafat, de zoon van Achiloed was kanselier;
1 Koningen 4:3, 1 Koningen 12:18, 1 Koningen 4:3, 1 Koningen 12:18, 1 Koningen 4:6
25Sjewa was schrijver, en Sadok en Ebjatar waren priesters.
2 Samuël 8:17, 1 Koningen 4:4, 2 Samuël 8:17, 1 Koningen 4:4, 1 Kronieken 18:16
26Ook Ira, de Jaïriet, was priester voor David.
2 Samuël 23:38, Exodus 2:14, 2 Samuël 23:38, Exodus 2:14, Genesis 41:45

Andere Boeken

2 Samuël1 Koningen2 Koningen+

Andere Boeken

2 SamuëlHfst. 20
1 Koningen2 Koningen1 Kronieken2 KroniekenEzra
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward