1Toen Salomon zijn gebed had beëindigd, daalde er vuur van de hemel, dat het brandoffer en de slachtoffers verteerde, en werd het gebouw vervuld van de glorie van Jahweh.stylus1 Koningen 18:38, 1 Koningen 18:38, 1 Kronieken 21:26, 1 Kronieken 21:26, Leviticus 9:232De priesters konden het huis van Jahweh niet ingaan, daar de glorie van Jahweh zijn tempel vervulde.stylusOpenbaring 15:8, Openbaring 15:8, 2 Kronieken 5:14, 2 Kronieken 5:14, Exodus 24:173En toen alle Israëlieten aanschouwden, hoe het vuur neerdaalde en de glorie van Jahweh de tempel vervulde, bogen zij allen in aanbidding hun gelaat op het plaveisel ter aarde neer, en weerklonk de lofzang: "Looft Jahweh, want Hij is goed, en eeuwig duurt zijn barmhartigheid!"stylus2 Kronieken 5:13, 2 Kronieken 5:13, 2 Kronieken 20:21, 2 Kronieken 20:21, Lucas 1:504Nu bracht de koning met al het volk offers aan Jahweh;stylus1 Koningen 8:62, 1 Koningen 8:63, 1 Koningen 8:62, 1 Koningen 8:635koning Salomon offerde wel twee en twintigduizend runderen en honderd twintigduizend schapen; zo werd het Godshuis door den koning en al het volk ingewijd.stylusJohannes 10:22, Johannes 10:22, 2 Kronieken 2:4, Numeri 7:10, 2 Kronieken 5:66En terwijl de priesters hun dienst verrichtten, stonden de levieten met de muziekinstrumenten van Jahweh, die koning David had laten vervaardigen om het loflied te spelen: "Looft Jahweh, want eeuwig duurt zijn barmhartigheid", en hieven ze het loflied van David aan; tegenover hen bliezen de priesters op de bazuin, en heel Israël stond recht overeind.stylus2 Kronieken 5:12, 2 Kronieken 5:12, 2 Kronieken 7:3, 1 Kronieken 15:16, 1 Kronieken 15:217Nu verklaarde Salomon ook het middengedeelte van de voorhof, die voor de tempel van Jahweh ligt, voor heilig, omdat hij daar brandoffers en het vet van vredeoffers moest opdragen. Want op het bronzen altaar, dat Salomon gemaakt had, was geen plaats genoeg voor al de brand- en spijsoffers en voor het vet.stylus1 Koningen 8:64, 1 Koningen 8:66, Hebreeën 13:10, Hebreeën 13:12, 1 Koningen 8:648Daarna vierde Salomon een feest van zeven dagen, en heel Israël met hem; want een zeer groot aantal feestgangers was van de weg naar Chamat tot aan de beek van Egypte saamgekomen.stylusGenesis 15:18, Genesis 15:18, 1 Koningen 8:65, 1 Koningen 8:65, Numeri 34:59Op de achtste dag hielden ze een hoogtij; want de inwijding van het altaar met het gehele feest had zeven dagen geduurd.stylusLeviticus 23:36, Leviticus 23:36, Joël 1:14, Deuteronomium 16:8, Nehemia 8:1810Op de dertiende dag van de zevende maand liet hij het volk naar zijn woonplaatsen terugkeren, blij en opgeruimd om al het goede, dat Jahweh voor David, voor Salomon en Israël, zijn volk, had gedaan.stylus1 Koningen 8:66, 1 Koningen 8:66, Deuteronomium 12:7, Handelingen 16:34, 2 Kronieken 30:2611Toen Salomon de tempel van Jahweh en het koningspaleis voltooid had, en op een voorspoedige wijze in de tempel van Jahweh en in zijn eigen paleis alles tot stand had gebracht, wat hij had ontworpen,stylus1 Koningen 9:1, 1 Koningen 9:9, 1 Koningen 9:1, 1 Koningen 9:9, Prediker 2:1012verscheen Jahweh in een nacht aan Salomon. En Hij sprak tot hem: Ik heb uw gebed verhoord, en Mij deze tempel als offerplaats uitverkoren.stylus2 Kronieken 1:7, Genesis 17:1, 1 Koningen 9:2, 2 Kronieken 1:7, Genesis 17:113Wanneer Ik de hemel sluit, zodat er geen regen valt, of Ik gebied de sprinkhanen het land kaal te vreten, of Ik zend een pestziekte onder mijn volk:stylus2 Kronieken 6:26, 2 Kronieken 6:28, 2 Kronieken 6:26, 2 Kronieken 6:28, Deuteronomium 11:1714en het volk, waarover mijn Naam is uitgeroepen, buigt zich neer en bidt, zoekt mijn aanschijn en bekeert zich van zijn boze wandel: dan zal Ik het in de hemel verhoren, hun zonden vergeven, en hun land doen opleven.stylusKlaagliederen 3:40, Klaagliederen 3:41, Klaagliederen 3:40, Klaagliederen 3:41, Jakobus 4:915Mijn ogen zullen geopend zijn en mijn oren zullen luisteren naar het gebed, dat op deze plaats wordt gestort.stylus1 Petrus 3:12, 1 Petrus 3:12, 2 Kronieken 6:40, 2 Kronieken 6:40, 2 Kronieken 6:2016Thans heb Ik deze tempel uitverkoren en geheiligd. Mijn Naam zal daar voor eeuwig wonen, en mijn ogen en mijn hart zullen daar voor altijd verwijlen.stylus2 Kronieken 7:15, 2 Kronieken 7:15, 2 Kronieken 7:12, 2 Kronieken 7:12, 2 Kronieken 6:517En wanneer gij, juist als David, uw vader, voor mijn aanschijn blijft wandelen, volgens mijn geboden leeft, en mijn wetten en voorschriften onderhoudt:stylusZacharia 3:7, Deuteronomium 4:40, Ezechiël 36:27, 1 Koningen 11:38, Zacharia 3:718dan zal Ik uw koningstroon voor altijd bevestigen, zoals Ik aan uw vader David beloofd heb, toen Ik hem zeide: "Nooit zal het u aan een afstammeling op de troon van Israël ontbreken!"stylus2 Kronieken 6:16, 2 Kronieken 6:16, 2 Samuël 7:13, 2 Samuël 7:16, Jeremia 33:2019Maar wanneer gij u van Mij afkeert, de geboden en wetten, die Ik u gaf, niet meer onderhoudt, en andere goden gaat dienen en u voor hen neerwerpt,stylusDeuteronomium 28:15, Leviticus 26:14, Deuteronomium 28:15, Leviticus 26:14, Leviticus 26:3320dan zal Ik ze wegvagen uit het land, dat Ik hun heb gegeven, het huis, dat Ik voor mijn Naam heb geheiligd, verwerpen, en het maken tot een schimp en een schande voor alle volken.stylusDeuteronomium 28:37, 2 Koningen 17:20, Deuteronomium 28:37, 2 Koningen 17:20, Jeremia 24:921Dan zal deze tempel, die zo’n indruk maakte, elken voorbijganger doen huiveren. En wanneer men zal vragen: Waarom heeft Jahweh zó met dit land en deze tempel gedaan,stylusJeremia 22:8, Jeremia 22:9, Jeremia 22:8, Jeremia 22:9, Jeremia 19:822dan zal het antwoord zijn: Omdat zij Jahweh, den God van hun vaderen, die hen uit Egypte voerde, hebben verlaten, om zich aan andere goden te hechten, zich voor hen neer te werpen en hen te dienen; daarom heeft Hij al deze ellende over hen gebracht!stylusDaniël 9:12, Daniël 9:12, Ezechiël 36:17, Ezechiël 36:20, Richteren 2:12