Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

Numeri Hoofdstuk 6

DutSVVA
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
NUMERI

Numeri 6

1En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:
2Spreek tot de kinderen Israëls, en zeg tot hen: Wanneer een man of een vrouw zich afgescheiden zal hebben, belovende de gelofte eens Nazireërs, om zich den Heere af te zonderen;
Richteren 13:5, Richteren 13:5, Amos 2:11, Amos 2:12, Amos 2:11
3Van wijn en sterken drank zal hij zich afzonderen; wijnedik, en edik van sterken drank zal hij niet drinken, noch enige vochtigheid van druiven zal hij drinken, noch verse of gedroogde druiven eten.
Lucas 1:15, Lucas 1:15, 1 Timotheüs 5:23, 1 Timotheüs 5:23, Amos 2:12
4Al de dagen van zijn Nazireërschap zal hij niet eten van iets, dat van den wijnstok des wijns gemaakt is, van de kernen af tot de basten toe.
Numeri 6:5, Numeri 6:5, Numeri 6:18, Numeri 6:19, Numeri 6:21
5Al de dagen der gelofte van zijn Nazireërschap zal het scheermes over zijn hoofd niet gaan; totdat die dagen vervuld zullen zijn, die hij zich den Heere zal afgezonderd hebben, zal hij heilig zijn, latende de lokken van het haar zijns hoofds wassen.
1 Samuël 1:11, 1 Samuël 1:11, Richteren 16:17, Richteren 13:5, Richteren 16:17
6Al de dagen, die hij zich den Heere zal afgezonderd hebben, zal hij tot het lichaam eens doden niet gaan.
Leviticus 21:11, Leviticus 19:28, Leviticus 21:11, Leviticus 19:28, Leviticus 21:1
7Om zijn vader of om zijn moeder, om zijn broeder of om zijn zuster, om hen zal hij zich niet verontreinigen, als zij dood zijn; want het Nazireërschap zijns Gods is op zijn hoofd.
Numeri 9:6, Numeri 9:6, Leviticus 21:1, Leviticus 21:2, Leviticus 21:1
8Al de dagen van zijn Nazireërschap is hij den Heere heilig.
2 Korintiërs 6:17, 2 Korintiërs 6:18, 2 Korintiërs 6:17, 2 Korintiërs 6:18
9En zo de gestorvene bij hem onvoorziens haastelijk gestorven ware, dat hij het hoofd van zijn Nazireërschap zou verontreinigd hebben, zo zal hij op den dag zijner reiniging zijn hoofd bescheren; op den zevenden dag zal hij het bescheren.
Numeri 6:18, Numeri 6:18, Handelingen 18:18, Leviticus 14:9, Handelingen 18:18
10En op den achtsten dag zal hij twee tortelduiven, of twee jonge duiven brengen tot den priester, tot de deur van de tent der samenkomst.
Leviticus 1:14, Leviticus 15:14, Leviticus 15:29, Leviticus 1:14, Leviticus 15:14
11De priester nu zal een bereiden ten zondoffer, en een ten brandoffer, en zal voor hem verzoening doen, van dat hij aan het dode lichaam gezondigd heeft; alzo zal hij zijn hoofd op dienzelfden dag heiligen.
Leviticus 5:8, Leviticus 5:10, Leviticus 14:30, Leviticus 14:31, Leviticus 5:8
12Daarna zal hij de dagen van zijn Nazireërschap den Heere afzonderen, en zal een lam, dat eenjarig is, brengen ten schuldoffer; en de vorige dagen zullen vallen, omdat zijn Nazireërschap verontreinigd was.
Leviticus 5:6, Leviticus 5:6, Leviticus 14:24, Ezechiël 18:24, Johannes 8:29
13En dit is de wet des Nazireërs: op den dag, als de dagen van zijn Nazireërschap zullen vervuld zijn, zal hij dit brengen tot de deur van de tent der samenkomst.
Handelingen 21:26, Handelingen 21:26
14Hij dan zal tot zijn offerande den Heere offeren een volkomen eenjarig lam ten brandoffer, en een volkomen eenjarig ooilam ten zondoffer, en een volkomen ram ten dankoffer.
Leviticus 4:32, Leviticus 3:6, Leviticus 4:32, Leviticus 3:6, 1 Kronieken 15:28
15En een korf ongezuurde koeken, koeken van meelbloem, met olie gemengd, en ongezuurde vladen, met olie bestreken, mitsgaders hun spijsoffer, en hun drankofferen;
Leviticus 2:4, Exodus 29:2, Leviticus 2:4, Exodus 29:2, Numeri 15:10
16En de priester zal het voor het aangezicht des Heeren brengen, en zal zijn zondoffer en zijn brandoffer bereiden.
17Hij zal ook den ram ten dankoffer den Heere bereiden, met den korf der ongezuurde koeken; en de priester zal zijn spijsoffer en zijn drankoffer bereiden.
18Alsdan zal de Nazireër, aan de deur van de tent der samenkomst, het hoofd van zijn Nazireërschap bescheren; en hij zal het hoofdhaar van zijn Nazireërschap nemen, en hij zal het leggen op het vuur, dat onder het dankoffer is.
Handelingen 21:24, Handelingen 21:24, Numeri 6:9, Numeri 6:9, Handelingen 18:18
19Daarna zal de priester een gezoden schouder nemen van den ram, en een ongezuurden koek uit den korf, en een ongezuurde vlade; en hij zal ze op de handen des Nazireërs leggen, nadat hij zijn Nazireërschap afgeschoren heeft.
Leviticus 7:30, 1 Samuël 2:15, Leviticus 7:30, 1 Samuël 2:15, Leviticus 8:27
20En de priester zal die bewegen ten beweegoffer, voor het aangezicht des Heeren; het is een heilig ding voor den priester, met de borst des beweegoffers, en met den schouder des hefoffers; en daarna zal die Nazireër wijn drinken.
Prediker 9:7, Prediker 9:7, Numeri 5:25, Exodus 29:27, Exodus 29:28
21Dit is de wet des Nazireërs, die zijn offerande den Heere voor zijn Nazireërschap zal beloofd hebben, behalve wat zijn hand bekomen zal; naar zijn gelofte, welke hij beloofd zal hebben, alzo zal hij doen, naar de wet van zijn Nazireërschap.
Ezra 2:69, Numeri 5:29, Galaten 6:6, Hebreeën 13:16, Ezra 2:69
22En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:
23Spreek tot Aäron en zijn zonen, zeggende: Alzo zult gijlieden de kinderen Israëls zegenen, zeggende tot hen:
Deuteronomium 21:5, 1 Kronieken 23:13, Deuteronomium 21:5, 1 Kronieken 23:13, Hebreeën 7:1
24De Heere zegene u, en behoede u!
1 Tessalonicenzen 5:23, 1 Tessalonicenzen 5:23, Psalmen 121:4, Psalmen 121:7, Psalmen 121:4
25De Heere doe Zijn aangezicht over u lichten, en zij u genadig!
Psalmen 80:19, Psalmen 80:19, Psalmen 119:135, Psalmen 119:135, Psalmen 31:16
26De Heere verheffe Zijn aangezicht over u, en geve u vrede!
Psalmen 4:6, Psalmen 4:6, 2 Tessalonicenzen 3:16, 2 Tessalonicenzen 3:16, Psalmen 29:11
27Alzo zullen zij Mijn Naam op de kinderen Israëls leggen; en Ik zal hen zegenen.
2 Kronieken 7:14, 2 Kronieken 7:14, Deuteronomium 28:10, Daniël 9:18, Daniël 9:19

Andere Boeken

NumeriDeuteronomiumJozua+

Andere Boeken

NumeriHfst. 6
DeuteronomiumJozuaRichterenRuth1 Samuël
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward