1Dit nu zijn de geboorten van Aäron en Mozes; ten dage als de Heere met Mozes gesproken heeft op den berg Sinaï.stylusExodus 6:20, Exodus 6:20, Genesis 5:1, Genesis 10:1, Leviticus 25:12En dit zijn de namen der zonen van Aäron: de eerstgeborene, Nadab, daarna Abihu, Eleazar, en Ithamar.stylusExodus 6:23, Exodus 6:23, Numeri 26:60, Numeri 26:60, Exodus 28:13Dit zijn de namen der zonen van Aäron, der priesteren, die gezalfd waren, welker hand men gevuld had, om het priesterambt te bedienen.stylusExodus 28:41, Exodus 28:41, Leviticus 8:12, Leviticus 8:1, Leviticus 8:94Maar Nadab en Abihu stierven voor het aangezicht des Heeren, als zij vreemd vuur voor het aangezicht des Heeren in de woestijn van Sinaï brachten, en hadden geen kinderen, doch Eleazar en Ithamar bedienden het priesterambt voor het aangezicht van hun vader Aäron.stylusLeviticus 10:1, Leviticus 10:2, Leviticus 10:1, Leviticus 10:2, Numeri 26:615En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:stylus6Doe den stam van Levi naderen, en stel hem voor het aangezicht van den priester Aäron, opdat zij hem dienen;stylusNumeri 18:1, Numeri 18:7, Numeri 2:17, Deuteronomium 10:8, Numeri 16:97En dat zij waarnemen zijn wacht, en de wacht der gehele vergadering, voor de tent der samenkomst, om den dienst des tabernakels te bedienen;stylusNumeri 1:50, Numeri 1:50, Numeri 8:11, Numeri 8:15, Numeri 8:118En dat zij al het gereedschap van de tent der samenkomst, en de wacht der kinderen Israëls waarnemen, om den dienst des tabernakels te bedienen.stylusNumeri 4:15, Numeri 10:21, Jesaja 52:11, Numeri 4:28, Numeri 4:339Gij zult dan, aan Aäron en aan zijn zonen, de Levieten geven; zij zijn gegeven, zij zijn hem gegeven uit de kinderen Israëls.stylusNumeri 8:19, Numeri 8:19, Numeri 18:6, Numeri 18:7, Efeziërs 4:810Maar Aäron en zijn zonen zult gij stellen, dat zij hun priesterambt waarnemen; en de vreemde, die nadert, zal gedood worden.stylusNumeri 1:51, Numeri 1:51, Numeri 3:38, Numeri 3:38, Romeinen 12:711En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:stylus12En Ik, zie, Ik heb de Levieten uit het midden van de kinderen Israëls genomen, in plaats van allen eerstgeborene, die de baarmoeder opent, uit de kinderen Israëls; en de Levieten zullen Mijne zijn.stylusNumeri 3:41, Numeri 8:16, Numeri 3:41, Numeri 8:16, Numeri 3:4513Want alle eerstgeborene is Mijn; van den dag, dat Ik alle eerstgeborenen in Egypteland sloeg, heb Ik Mij geheiligd alle eerstgeborenen in Israël, van de mensen tot de beesten; zij zullen Mijn zijn; Ik ben de Heere!stylusLucas 2:23, Exodus 13:12, Lucas 2:23, Exodus 13:12, Exodus 13:214En de Heere sprak tot Mozes in de woestijn van Sinaï, zeggende:stylus15Tel de zonen van Levi naar het huis hunner vaderen, naar hun geslachten, al wat mannelijk is, van een maand oud en daarboven, die zult gij tellen.stylusNumeri 26:62, Numeri 26:62, 2 Timotheüs 3:15, 2 Timotheüs 3:15, Jeremia 2:216En Mozes telde hen naar het bevel des Heeren, gelijk als hem geboden was.stylusNumeri 4:37, Numeri 3:39, Numeri 4:37, Numeri 3:39, Numeri 4:4517Dit nu waren de zonen van Levi met hun namen: Gerson, en Kahath, en Merari.stylusGenesis 46:11, Genesis 46:11, Exodus 6:16, Exodus 6:19, Exodus 6:1618En dit zijn de namen der zonen van Gerson, naar hun geslachten: Libni en Simeï.stylus1 Kronieken 6:17, 1 Kronieken 6:17, 1 Kronieken 23:7, 1 Kronieken 23:11, Numeri 3:2119En de zonen van Kahath, naar hun geslachten; Amram en Izhar, Hebron en Uzziël.stylusExodus 6:18, Exodus 6:18, 1 Kronieken 6:18, 1 Kronieken 6:18, 1 Kronieken 15:520En de zonen van Merari, naar hun geslachten: Maheli en Musi; dit zijn de geslachten der Levieten, naar het huis hunner vaderen.stylusExodus 6:19, Exodus 6:19, 1 Kronieken 6:19, 1 Kronieken 6:19, 1 Kronieken 6:2921Van Gerson was het geslacht der Libnieten, en het geslacht der Simeïeten; dit zijn de geslachten der Gersonieten.stylus22Hun getelden in getal waren van al wat mannelijk was, van een maand oud en daarboven; hun getelden waren zeven duizend en vijfhonderd.stylusNumeri 4:38, Numeri 4:40, Numeri 4:38, Numeri 4:4023De geslachten der Gersonieten zullen zich legeren achter den tabernakel, westwaarts.stylusNumeri 1:53, Numeri 1:53, Numeri 2:17, Numeri 2:1724De overste nu van het vaderlijke huis der Gersonieten zal zijn Eljasaf, de zoon van Lael.stylus25En de wacht der zonen van Gerson in de tent der samenkomst zal zijn de tabernakel en de tent, haar deksel, en het deksel aan de deur van de tent der samenkomst;stylusExodus 25:9, Exodus 25:9, Exodus 26:1, Exodus 26:14, Numeri 4:2426En de behangselen des voorhofs, en het deksel van de deur des voorhofs, welke bij den tabernakel en bij het altaar rondom zijn; mitsgaders de zelen, tot zijn gansen dienst.stylusExodus 35:18, Exodus 35:18, Exodus 27:9, Exodus 27:16, Exodus 38:927En van Kahath is het geslacht der Amramieten, en het geslacht der Izharieten, en het geslacht der Hebronieten, en het geslacht der Uzziëlieten; dit zijn de geslachten der Kohathieten.stylus1 Kronieken 26:23, 1 Kronieken 26:23, Numeri 3:19, 1 Kronieken 23:12, Numeri 3:1928In getal van al wat mannelijk was, van een maand oud en daarboven, waren acht duizend en zeshonderd, waarnemende de wacht des heiligdoms.stylusNumeri 3:7, Numeri 3:31, Numeri 4:35, Numeri 4:36, Numeri 3:729De geslachten der zonen van Kohath zullen zich legeren aan de zijde des tabernakels, zuidwaarts.stylusNumeri 1:53, Numeri 1:53, Numeri 2:10, Numeri 3:23, Numeri 2:1030De overste nu van het vaderlijke huis der geslachten van de Kohathieten, zal zijn Elisafan, de zoon van Uzziël.stylus31Hun wacht nu zal zijn de ark, en de tafel, en de kandelaar, en de altaren en het gereedschap des heiligdoms, met hetwelk zij dienst doen, en het deksel, en al wat tot zijn dienst behoort.stylusExodus 25:10, Exodus 25:40, Exodus 26:31, Exodus 26:33, Numeri 4:432De overste nu der oversten van Levi zal zijn Eleazar, de zoon van Aäron, den priester; zijn opzicht zal zijn over degenen, die de wacht des heiligdoms waarnemen.stylus1 Kronieken 26:20, 1 Kronieken 26:24, Numeri 4:27, 2 Koningen 25:18, Numeri 4:1633Van Merari is het geslacht der Mahelieten, en het geslacht der Musieten; dit zijn de geslachten van Merari.stylusNumeri 3:20, 1 Kronieken 6:19, 1 Kronieken 23:21, Numeri 3:20, 1 Kronieken 6:1934En hun getelden in getal van al wat mannelijk was, van een maand oud en daarboven, waren zes duizend en tweehonderd.stylusNumeri 1:21, Numeri 2:9, Numeri 2:11, Numeri 1:21, Numeri 2:935De overste nu van het vaderlijke huis der geslachten van Merari zal zijn Zuriël, de zoon van Abihaïl; zij zullen zich legeren aan de zijde des tabernakels, noordwaarts.stylusNumeri 2:25, Numeri 1:53, Numeri 2:25, Numeri 1:53, Numeri 3:2836En het opzicht der wachten van de zonen van Merari zal zijn over de berderen des tabernakels, en zijn richelen, en zijn pilaren, en zijn voeten, en al zijn gereedschap, en al wat tot zijn dienst behoort;stylusExodus 26:15, Exodus 26:29, Exodus 26:37, Exodus 26:32, Exodus 26:1537En de pilaren des voorhofs rondom, en hun voeten, en hun pennen, en hun zelen.stylus38Die nu zich legeren zullen voor den tabernakel oostwaarts, voor de tent der samenkomst, tegen den opgang, zullen zijn Mozes, en Aäron met zijn zonen, waarnemende de wacht des heiligdoms, voor de wacht der kinderen Israëls; en de vreemde, die nadert, zal gedood worden.stylusNumeri 3:10, Numeri 1:53, Numeri 3:10, Numeri 1:53, Numeri 2:339Alle getelden der Levieten, welke Mozes en Aäron, op het bevel des Heeren, naar hun geslachten, geteld hebben, al wat mannelijk was, van een maand oud en daarboven, waren twee en twintig duizend.stylusNumeri 26:62, Numeri 26:62, Numeri 4:47, Numeri 4:48, Mattheüs 7:1440En de Heere zeide tot Mozes: Tel alle eerstgeborenen, wat mannelijk is onder de kinderen Israëls, van een maand oud en daarboven; en neem het getal hunner namen op.stylusNumeri 3:15, Numeri 3:15, Openbaring 14:4, Lucas 10:20, Hebreeën 12:2341En gij zult voor Mij de Levieten nemen (Ik ben de Heere!), in plaats van alle eerstgeborenen onder de kinderen Israëls, en de beesten der Levieten, in plaats van alle eerstgeborenen onder de beesten der kinderen Israëls.stylusNumeri 3:12, Numeri 3:12, Numeri 3:45, Numeri 3:45, Exodus 32:2642Mozes dan telde, gelijk als de Heere hem geboden had, alle eerstgeborenen onder de kinderen Israëls.stylus43En alle eerstgeborenen, die mannelijk waren, in het getal der namen, van een maand oud en daarboven, naar hun getelden, waren twee en twintig duizend tweehonderd en drie en zeventig.stylusNumeri 3:39, Numeri 3:3944En de Heere sprak tot Mozes, zeggende:stylus45Neem de Levieten, in plaats van alle eerstgeboorte onder de kinderen Israëls, en de beesten der Levieten, in plaats van hun beesten; want de Levieten zullen Mijn zijn; Ik ben de Heere!stylusNumeri 3:12, Numeri 3:12, Numeri 3:40, Numeri 3:41, Numeri 3:4046Aangaande de tweehonderd drie en zeventig, die gelost zullen worden, die overschieten, boven de Levieten, van de eerstgeborenen van de kinderen Israëls;stylusExodus 13:13, Exodus 13:13, Numeri 18:15, Numeri 18:16, Numeri 18:1547Gij zult voor elk hoofd vijf sikkels nemen; naar den sikkel des heiligdoms zult gij ze nemen; die sikkel is twintig gera.stylusLeviticus 27:6, Exodus 30:13, Leviticus 27:6, Exodus 30:13, Leviticus 27:2548En gij zult dat geld aan Aäron en zijn zonen geven, het geld der gelosten die onder hen overschieten.stylus49Toen nam Mozes dat losgeld van degenen, die overschoten boven de gelosten door de Levieten.stylus50Van de eerstgeborenen van de kinderen Israëls nam hij dat geld, duizend driehonderd vijf en zestig sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms.stylusNumeri 3:46, Numeri 3:47, Numeri 3:46, Numeri 3:47, Mattheüs 20:2851En Mozes gaf dat geld der gelosten aan Aäron en aan zijn zonen, naar het bevel des Heeren, gelijk als de Heere Mozes geboden had.stylusNumeri 3:48, Numeri 3:48, Numeri 16:15, 1 Korintiërs 9:12, 1 Petrus 5:2