Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

Numeri Hoofdstuk 2

DutSVVA
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
NUMERI

Numeri 2

1En de Heere sprak tot Mozes en tot Aäron, zeggende:
2De kinderen Israëls zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren.
1 Korintiërs 14:40, 1 Korintiërs 14:40, Jozua 3:4, Numeri 1:50, Numeri 10:25
3Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn.
1 Kronieken 2:10, Ruth 4:20, 1 Kronieken 2:10, Ruth 4:20, Numeri 10:14
4Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en zeventig duizend en zeshonderd.
Numeri 1:27, Numeri 26:22, Numeri 1:27, Numeri 26:22
5En nevens zal zich legeren de stam van Issaschar; en Nethaneel, de zoon van Zuar, zal de overste der zonen van Issaschar zijn.
Numeri 1:8, Numeri 1:8, Numeri 7:18, Numeri 7:23, Numeri 7:18
6Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en vijftig duizend en vierhonderd.
Numeri 1:29, Numeri 26:25, Numeri 1:29, Numeri 26:25
7Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn.
Numeri 1:9, Numeri 1:9, Numeri 7:29, Numeri 10:16, Numeri 7:24
8Zijn heir nu, en zijn getelden waren zeven en vijftig duizend en vierhonderd.
Numeri 26:26, Numeri 26:27, Numeri 1:31, Numeri 26:26, Numeri 26:27
9Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken.
Numeri 10:14, Numeri 10:14
10De banier des legers van Ruben, naar hun heiren, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedeur, zal de overste der zonen van Ruben zijn.
Numeri 1:5, Numeri 1:5, Numeri 10:18, Numeri 7:30, Genesis 49:3
11Zijn heir nu, en zijn getelden waren zes en veertig duizend en vijfhonderd.
Numeri 1:21, Numeri 26:7, Numeri 1:21, Numeri 26:7
12En nevens hem zal zich legeren de stam van Simeon; en Selumiël, de zoon van Zurisaddai, zal de overste der zonen van Simeon zijn.
Numeri 1:6, Numeri 1:6, Numeri 7:36, Numeri 7:41, Numeri 10:19
13Zijn heir nu, en zijn getelden waren negen en vijftig duizend en driehonderd.
Numeri 26:14, Numeri 1:23, Numeri 26:14, Numeri 1:23
14Daartoe de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuël, zal de overste der zonen van Gad zijn.
Numeri 7:42, Numeri 1:14, Numeri 7:42, Numeri 1:14, Numeri 7:47
15Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en veertig duizend zeshonderd en vijftig.
Numeri 1:25, Numeri 26:18, Numeri 1:25, Numeri 26:18
16Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd een en vijftig duizend vierhonderd en vijftig; naar hun heiren. En zij zullen de tweede optrekken.
Numeri 10:18, Numeri 10:18, Numeri 2:9, Numeri 2:24, Numeri 2:31
17Daarna zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger der Levieten, in het midden van de legers; gelijk als zij zich legeren zullen, alzo zullen zij optrekken, een iegelijk aan zijn plaats, naar hun banieren.
Numeri 10:21, Numeri 10:21, Numeri 10:17, Numeri 10:17, 1 Korintiërs 14:40
18De banier des legers van Efraïm, naar hun heiren, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste der zonen van Efraïm zijn.
Numeri 1:10, Numeri 10:22, Numeri 1:10, Numeri 10:22, Genesis 48:14
19Zijn heir nu, en zijn getelden waren veertig duizend en vijfhonderd.
Numeri 1:33, Numeri 26:37, Numeri 1:33, Numeri 26:37
20En nevens hem de stam van Manasse; en Gamaliël, de zoon van Pedazur, zal de overste der zonen van Manasse zijn.
Numeri 1:10, Numeri 1:10, Numeri 10:23, Numeri 7:54, Numeri 7:59
21Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en dertig duizend en tweehonderd.
Numeri 26:34, Numeri 1:35, Numeri 26:34, Numeri 1:35
22Daartoe de stam van Benjamin; en Abidan, de zoon van Gideoni, zal de overste der zonen van Benjamin zijn.
Numeri 1:11, Numeri 1:11, Numeri 7:65, Psalmen 68:27, Numeri 10:24
23Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en dertig duizend en vierhonderd.
Numeri 1:37, Numeri 26:41, Numeri 1:37, Numeri 26:41
24Al de getelden in het leger van Efraïm waren honderd acht duizend en eenhonderd, naar hun heiren. En zij zullen de derde optrekken.
Numeri 10:22, Numeri 10:22, Psalmen 80:2, Numeri 2:9, Numeri 2:31
25De banier des legers van Dan zal tegen het noorden zijn, naar hun heiren; en Ahiëzer, de zoon van Ammisaddai, zal de overste der zonen van Dan zijn.
Numeri 1:12, Numeri 1:12, Numeri 10:25, Numeri 7:66, Numeri 7:71
26Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en zestig duizend en zevenhonderd.
Numeri 1:39, Numeri 26:43, Numeri 1:39, Numeri 26:43
27En nevens hem zal zich legeren de stam van Aser; en Pagiel, de zoon van Ochran, zal de overste der zonen van Aser zijn.
Numeri 1:13, Numeri 1:13, Numeri 7:72, Numeri 7:77, Numeri 7:72
28Zijn heir nu, en zijn getelden waren een en veertig duizend en vijfhonderd.
Numeri 26:47, Numeri 1:41, Numeri 26:47, Numeri 1:41
29Daartoe de stam van Nafthali; en Ahira, de zoon van Enan, zal de overste der zonen van Nafthali zijn.
Numeri 1:15, Numeri 1:15, Numeri 1:42, Numeri 1:43, Numeri 7:78
30Zijn heir nu, en zijn getelden waren drie en vijftig duizend en vierhonderd.
Numeri 1:42, Numeri 1:43, Numeri 26:50, Numeri 1:42, Numeri 1:43
31Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren.
Numeri 10:25, Numeri 10:25, Numeri 2:16, Numeri 2:16, Numeri 2:24
32Dezen zijn de getelden van de kinderen Israëls, naar het huis hunner vaderen; al de getelden der legers, naar hun heiren, waren zeshonderd drie duizend vijfhonderd en vijftig.
Numeri 1:46, Numeri 1:46, Exodus 38:26, Exodus 38:26, Numeri 26:51
33Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israël, gelijk als de Heere Mozes geboden had.
Numeri 26:57, Numeri 26:62, Numeri 1:47, Numeri 1:49, Numeri 26:57
34En de kinderen Israëls deden naar alles, wat de Heere Mozes geboden had, zo legerden zij zich naar hun banieren, en zo trokken zij op, een iegelijk naar zijn geslachten, naar het huis zijner vaderen.
Psalmen 119:6, Psalmen 119:6, Numeri 24:2, Numeri 24:5, Numeri 24:6

Andere Boeken

NumeriDeuteronomiumJozua+

Andere Boeken

NumeriHfst. 2
DeuteronomiumJozuaRichterenRuth1 Samuël
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward