1Koning Achasjwerosj maakte zowel de eilanden als het vaste land schatplichtig.stylusPsalmen 22:1, Psalmen 22:1, Psalmen 27:9, Psalmen 27:9, Psalmen 13:12Al zijn geweldige en machtige daden, met het bericht over de waardigheid, waartoe de koning Mordokai verhief, staan beschreven in het boek der Kronieken van de koningen der Meden en Perzen.stylusPsalmen 59:12, Psalmen 59:12, Psalmen 36:11, Psalmen 7:16, Psalmen 36:113Want de Jood Mordokai bleef de eerste na koning Achasjwerosj. Ook stond hij in aanzien bij de Joden, en was bemind bij zijn talrijke broeders; want hij meende het goed met zijn volk, en zocht het welzijn van heel zijn geslacht.stylusPsalmen 94:4, Psalmen 94:4, Lucas 12:19, Lucas 12:19, Zacharia 11:54Nu sprak Mordokai: Dit is het werk van God geweest!stylusPsalmen 14:1, Psalmen 14:2, Psalmen 14:1, Psalmen 14:2, Handelingen 8:225Want nu herinner ik mij, dat ik dit alles in een droom heb gezien; niets er van is onvervuld gebleven:stylusJesaja 26:11, Jesaja 26:11, Psalmen 12:5, Psalmen 92:5, Psalmen 92:66het kleine beekje, dat een stroom werd, waarop licht, zon en grote watervloed kwam. Die stroom is Ester, die met den koning huwde en tot koningin werd verheven.stylusMattheüs 24:48, Prediker 8:11, Jesaja 56:12, Mattheüs 24:48, Prediker 8:117De twee draken zijn ik en Haman.stylusPsalmen 7:14, Psalmen 7:14, Job 20:12, Job 20:12, Psalmen 73:88De volkeren zijn zij, die zich hebben verzameld, om de naam der Joden uit te roeien.stylusHabakuk 3:14, Habakuk 3:14, 1 Samuël 22:18, Jeremia 22:17, 1 Samuël 22:189Mijn volk is Israël, dat tot God heeft geroepen en gered werd. Ja, de Heer heeft zijn volk gered, en ons verlost van al deze rampen! God heeft grote tekenen en wonderen gewrocht, zoals Hij nooit onder de heidenen deed!stylusPsalmen 17:12, Psalmen 17:12, Psalmen 59:3, Psalmen 59:3, Micha 7:210Daarom heeft Hij een dubbel lot gemaakt: één voor het volk Gods en één voor alle andere volkeren.stylus1 Samuël 23:21, 1 Samuël 23:22, 1 Samuël 23:21, 1 Samuël 23:22, 1 Samuël 18:2111Dat dubbele lot kwam voor het aanschijn van God op de dag en het uur, waarop Hij tussen zijn volk en alle andere volkeren zou richten.stylusEzechiël 8:12, Ezechiël 8:12, Psalmen 94:7, Psalmen 94:7, Psalmen 73:1112En God was zijn volk indachtig, en heeft zijn erfdeel recht verschaft.stylusMicha 5:9, Micha 5:9, Psalmen 9:12, Psalmen 9:12, Jesaja 33:1013Daarom zullen de veertiende en de vijftiende dag van de maand Adar feestdagen voor hen zijn; onder Israël, het volk Gods, zullen zij, alle geslachten door, steeds in feestelijke bijeenkomst met vreugde en blijdschap voor zijn aanschijn worden gevierd.stylusLucas 10:16, Psalmen 74:10, Genesis 9:5, Psalmen 74:18, 2 Samuël 12:9