1Hij liet een bronzen altaar vervaardigen van twintig el lengte, twintig el breedte, en tien el hoogte.stylus1 Koningen 8:64, 1 Koningen 8:64, Ezechiël 43:13, Ezechiël 43:17, Ezechiël 43:132Ook maakte hij de gegoten zee. Haar kom was tien el breed, van rand tot rand gemeten. Zij was helemaal rond en vijf el diep; men kon haar slechts met een koord van dertig el omspannen.stylusExodus 30:18, Exodus 30:21, Titus 3:5, Zacharia 13:1, Openbaring 7:143Onder de rand waren over de gehele omtrek van dertig el twee rijen ontloken bloemen aangebracht, die in de gietvorm zelf gegoten waren.stylusEzechiël 10:14, Openbaring 4:7, Ezechiël 1:10, 1 Koningen 7:24, 1 Koningen 7:264Zij werd gedragen door twaalf ossen, waarvan er drie naar het noorden, drie naar het westen, drie naar het zuiden en drie naar het oosten keken, terwijl hun achterdelen naar de binnenkant waren gekeerd.stylusMarcus 16:15, Mattheüs 28:19, Mattheüs 28:20, Handelingen 9:15, Efeziërs 2:205Haar wand was een handbreed dik; haar rand was als die van een beker, en had de vorm van een lotuskelk. Ze had een inhoud van drieduizend bat.stylus1 Koningen 7:26, 1 Koningen 7:266Verder liet hij tien wasbekkens gieten, waar van er vijf aan de rechter- en vijf aan de linkerzijde geplaatst werden; zij dienden voor de wassingen. Men spoelde daarin de benodigdheden voor het offer af, terwijl de priesters zich in de zee reinigden.stylus1 Koningen 7:38, 1 Koningen 7:38, Exodus 30:18, Exodus 30:21, Exodus 30:187Ook liet hij tien gouden luchters vervaardigen, het voorgeschreven aantal, en in het Heilige zetten: vijf aan de rechter- en vijf aan de linkerkant.stylus1 Koningen 7:49, Exodus 25:31, Exodus 25:40, 1 Koningen 7:49, Exodus 25:318Eveneens tien tafels, die in het Heilige geplaatst werden: vijf aan de rechter- en vijf aan de linkerzijde. Bovendien honderd gouden plengschalen.stylus1 Koningen 7:48, 1 Koningen 7:48, 1 Korintiërs 10:21, Maleachi 1:12, Zacharia 14:209Hij liet de voorhof der priesters bouwen en de grote voorhof met de poorten naar die voorhof, wier deuren met brons werden overtrokken.stylus1 Koningen 6:36, 1 Koningen 6:36, 2 Koningen 21:5, 2 Koningen 21:5, 1 Koningen 7:1210De zee zette hij rechts van de tempel in het zuidoosten.stylus1 Koningen 7:39, 1 Koningen 7:3911Nadat Choeram ook nog potten, schoppen en offerschalen gemaakt had, was al het werk voltooid, dat hij in opdracht van koning Salomon voor het Godshuis had moeten vervaardigen.stylus1 Koningen 7:14, 1 Koningen 7:40, 1 Koningen 7:51, 1 Koningen 7:14, 1 Koningen 7:4012Het bestond uit: twee zuilen met bolvormige kapitelen aan de kop der zuilen; twee vlechtwerken rondom de bolvormige kapitelen der zuilen;stylus1 Koningen 7:41, 1 Koningen 7:41, 2 Kronieken 3:15, 2 Kronieken 3:17, 2 Kronieken 3:1513vierhonderd granaatappels voor de twee vlechtwerken, die in dubbele rijen om de vlechtwerken hingen, welke de beide bolvormige kapitelen op de zuilen bedekten.stylus1 Koningen 7:20, 1 Koningen 7:20, Exodus 28:33, Exodus 28:34, Jeremia 52:2314Verder tien wagentjes, met bekkens er op;stylus1 Koningen 7:27, 1 Koningen 7:43, 1 Koningen 7:27, 1 Koningen 7:4315en één zee, door twaalf runderen gedragen.stylus16Tenslotte de potten, schoppen en offerschalen. Al deze voorwerpen, die Choeram-Abi in opdracht van koning Salomon voor de tempel van Jahweh had vervaardigd, waren van echt brons.stylus2 Kronieken 2:13, 2 Kronieken 2:13, 1 Koningen 7:13, 1 Koningen 7:14, 1 Kronieken 28:1717In de Jordaanvlakte, tussen Soekkot en Sereda, had de koning alles in lemen vormen laten gieten;stylus1 Koningen 7:46, 1 Koningen 7:4618en Salomon liet al die voorwerpen in zo’n groot aantal vervaardigen, dat het gewicht van het brons niet vast te stellen was.stylus1 Koningen 7:47, 1 Koningen 7:47, Jeremia 52:20, Jeremia 52:20, 1 Kronieken 22:319Bovendien liet Salomon al de verdere benodigdheden voor de tempel vervaardigen: het gouden altaar met de gouden tafels voor de toonbroden;stylusOpenbaring 9:13, Openbaring 9:13, 2 Kronieken 26:16, 2 Kronieken 26:18, 1 Koningen 7:4820de luchters van zuiver goud met de gouden lampen, die volgens voorschrift voor het Allerheiligste moesten branden;stylus2 Kronieken 4:7, Exodus 25:31, Exodus 25:37, 2 Kronieken 4:7, Exodus 25:3121verder de gouden bloemkelken, lampen en snuiters, alles van het fijnste goud;stylus2 Kronieken 4:5, Exodus 37:20, 1 Koningen 6:35, 1 Koningen 6:29, Exodus 25:3122de messen, offerschalen, pannen en bekkens, alles van zuiver goud. En tenslotte het gouden beslag aan de deuren van het binnenste tempelvertrek, namelijk van het Allerheiligste, en aan de deuren van het Heilige.stylus1 Koningen 6:31, 1 Koningen 6:32, 2 Koningen 12:13, Exodus 37:23, 1 Koningen 7:50