1Overigens broeders, bidden en smeken we u in den Heer Jesus, dat gij nog meer moogt uitmunten in uw levenswandel en in het behagen aan God, zoals gij dat van ons hebt geleerd, en zoals gij dat feitelijk reeds betracht.stylus1 Petrus 2:11, 1 Petrus 2:11, Galaten 5:17, Galaten 5:17, Romeinen 7:232Gij weet toch wel, welke voorschriften we u uit naam van den Heer Jesus hebben gegeven.stylusJohannes 16:24, Johannes 16:24, Mattheüs 7:7, Mattheüs 7:8, Mattheüs 7:73Want dit is Gods wil, uw heiliging: dat gij u namelijk van ontucht onthoudt;stylus1 Johannes 5:14, 1 Johannes 5:14, 1 Johannes 3:22, 1 Johannes 3:22, Jakobus 1:64dat ieder van u zijn eigen vrouw weet te verwerven in heiligheid en eerbaarheid,stylus1 Johannes 2:15, 1 Johannes 2:16, 1 Johannes 2:15, 1 Johannes 2:16, Romeinen 8:75niet in hartstochtelijke begeerlijkheid, zoals de heidenen, die God niet kennen;stylus2 Korintiërs 6:16, 2 Korintiërs 6:16, 1 Korintiërs 6:19, 1 Korintiërs 6:19, Numeri 11:296dat niemand zich te buiten gaat, en in deze aangelegenheid zijn broeder bedriegt. Want de Heer is de Wreker van al deze dingen, zoals we het vroeger hebben gezegd en voortdurend betuigd.stylusMattheüs 23:12, Mattheüs 23:12, Spreuken 3:34, Spreuken 3:34, 1 Petrus 5:57Want God heeft ons niet tot onreinheid geroepen, maar tot heiligheid.stylus1 Petrus 5:8, 1 Petrus 5:9, 1 Petrus 5:8, 1 Petrus 5:9, Efeziërs 4:278Wie dit dus veracht, veracht niet een mens, maar God zelf, die ook aan u zijn heiligen Geest heeft geschonken.stylusPsalmen 145:18, Psalmen 145:18, Hebreeën 10:22, Hebreeën 10:22, Maleachi 3:79Over de broederliefde is het niet nodig, u te schrijven. Want zelf hebt gij van God geleerd, elkander lief te hebben; en gij doet het ook tegenover alle broeders in heel Macedonië.stylusMattheüs 5:4, Mattheüs 5:4, 2 Korintiërs 7:10, 2 Korintiërs 7:11, 2 Korintiërs 7:1010Maar we vermanen u, broeders, om nog meer uit te munten,stylusPsalmen 147:6, Psalmen 147:6, Mattheüs 23:12, Mattheüs 23:12, 1 Petrus 5:611en er zelfs een eer in te stellen, om rustig te leven, u met uw eigen zaken te bemoeien, en zelf de handen aan het werk te slaan, zoals we u dat geboden hebben.stylus1 Petrus 2:1, 1 Petrus 2:1, Romeinen 2:1, Romeinen 2:1, Jakobus 5:912Zo toch gedraagt gij u behoorlijk voor hen, die buiten staan, en hebt gij van niemand iets nodig.stylusRomeinen 14:4, Romeinen 14:4, Romeinen 2:1, Romeinen 2:1, Mattheüs 10:2813Broeders, wij willen u niet in onwetendheid laten over hen die ontslapen zijn, opdat gij niet treurt als de anderen, die geen hoop meer bezitten.stylusSpreuken 27:1, Spreuken 27:1, Lucas 12:17, Lucas 12:20, Lucas 12:1714Want zo wij geloven, dat Jesus gestorven is en verrezen, dan geloven wij ook, dat God hen, die in Jesus ontsliepen, zal terugvoeren met Hem.stylus1 Petrus 1:24, 1 Petrus 1:24, Psalmen 39:5, Psalmen 39:5, 1 Johannes 2:1715Want dit zeggen wij u op ‘s Heren woord: Wij die leven en achter blijven tot ‘s Heren komst, wij zullen de ontslapenen zeer zeker niet vóór gaan.stylusSpreuken 19:21, Spreuken 19:21, Hebreeën 6:3, Hebreeën 6:3, Klaagliederen 3:3716Want op een teken, op het geroep van den Aartsengel en de bazuinstoot van God, zal de Heer zelf uit de hemel nederdalen, en allereerst zullen zij verrijzen, die stierven in Christus;stylusSpreuken 27:1, Spreuken 27:1, 1 Korintiërs 5:6, 1 Korintiërs 5:6, Psalmen 52:717eerst dan zullen wij, die leven en achterblijven, tezamen met hen worden weggevoerd op de wolken, den Heer tegemoet in de lucht. En zó zullen wij altijd bij den Heer blijven.stylusJohannes 9:41, Johannes 9:41, Johannes 13:17, Johannes 13:17, Johannes 15:2218Vertroost dus elkander met deze woorden.stylus