Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

Mattheüs Hoofdstuk 1

NlCanisius1939
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
MATTHEÜS

Mattheüs 1

1Geschiedboek van Jesus Christus, zoon van David, zoon van Abraham.
2 Timotheüs 1:1, 2 Timotheüs 1:1, Efeziërs 1:1, Filippenzen 1:1, Efeziërs 1:1
2Abraham won Isaäk. Isaäk won Jakob. Jakob won Juda en zijn broeders.
Romeinen 1:7, Romeinen 1:7, Filippenzen 1:2, Efeziërs 6:23, Filippenzen 1:2
3Juda won Fares en Zara bij Tamar. Fares won Esron. Esron won Aram.
1 Petrus 1:3, 1 Petrus 1:3, Efeziërs 1:3, Efeziërs 1:3, Romeinen 15:5
4Aram won Amminadab. Amminadab won Naässon. Naässon won Salmon.
1 Tessalonicenzen 5:11, 1 Tessalonicenzen 5:11, Jesaja 51:12, Jesaja 51:12, 2 Tessalonicenzen 2:16
5Salmon won Boöz bij Rachab. Boöz won Obed bij Rut. Obed won Jesse. Jesse won koning David.
Kolossenzen 1:24, Kolossenzen 1:24, Filippenzen 3:10, Filippenzen 3:10, Filippenzen 1:20
6David won Sálomon bij de vrouw van Urias.
2 Timotheüs 2:10, 2 Timotheüs 2:10, 2 Korintiërs 4:15, 2 Korintiërs 4:18, 2 Korintiërs 1:4
7Sálomon won Róboam. Róboam won Abias. Abias won Asaf.
Romeinen 8:17, Romeinen 8:18, Romeinen 8:17, Romeinen 8:18, 2 Tessalonicenzen 1:4
8Asaf won Jósafat. Jósafat won Joram. Joram won Ozias.
2 Korintiërs 4:7, 2 Korintiërs 4:12, 2 Korintiërs 4:7, 2 Korintiërs 4:12, 1 Korintiërs 4:8
9Ozias won Jóatam. Jóatam won Achaz. Achaz won Ezekias.
2 Korintiërs 3:5, 2 Korintiërs 3:5, Hebreeën 11:19, Hebreeën 11:19, Romeinen 4:17
10Ezekias won Manasses. Manasses won Amon. Amon won Josias.
1 Timotheüs 4:10, 1 Timotheüs 4:10, 2 Petrus 2:9, 2 Petrus 2:9, Psalmen 34:19
11Josias won Jekonias en zijn broeders omstreeks de tijd der wegvoering naar Babylon.
Filippenzen 1:19, Filippenzen 1:19, 2 Korintiërs 4:15, 2 Korintiërs 4:15, Handelingen 12:5
12En na de wegvoering naar Babylon won Jekonias Salátiël. Salátiël won Zoróbabel.
2 Korintiërs 2:17, 1 Korintiërs 2:13, 2 Korintiërs 2:17, 1 Korintiërs 2:13, Jakobus 3:13
13Zoróbabel won Abióed. Abióed won Eljakim, Eljakim won Azor.
2 Korintiërs 4:2, 2 Korintiërs 4:2, Filemon 1:6, Filemon 1:6, 2 Korintiërs 5:11
14Azor won Sadok. Sadok won Achim. Achim won Elióed.
1 Korintiërs 1:8, 1 Tessalonicenzen 2:19, 1 Tessalonicenzen 2:20, Filippenzen 2:16, 1 Korintiërs 1:8
15Elióed won Eleazar. Eleazar won Matan. Matan won Jakob.
Romeinen 1:11, 1 Korintiërs 4:19, Romeinen 1:11, 1 Korintiërs 4:19, Romeinen 15:29
16Jakob won Josef, den man van Maria, uit wie Jesus geboren is, die Christus genoemd wordt.
1 Korintiërs 16:5, 1 Korintiërs 16:7, 1 Korintiërs 16:5, 1 Korintiërs 16:7, Handelingen 21:5
17Tezamen dus zijn er van Abraham tot David veertien geslachten, en van David tot de wegvoering naar Babylon veertien geslachten, en van de wegvoering naar Babylon tot den Christus veertien geslachten.
Mattheüs 5:37, Mattheüs 5:37, Jakobus 5:12, Jakobus 5:12, 2 Korintiërs 10:2
18De geboorte van Jesus Christus geschiedde aldus. Toen Maria zijn moeder verloofd was met Josef, werd zij, voordat ze gingen samenwonen, in gezegende toestand bevonden van den Heiligen Geest.
1 Korintiërs 1:9, 1 Korintiërs 1:9, Openbaring 3:14, Openbaring 3:7, Openbaring 3:14
19Daar Josef, haar man, een rechtvaardige was, en haar niet te schande wilde maken, besloot hij, in stilte van haar te scheiden.
Hebreeën 13:8, Hebreeën 13:8, Openbaring 1:17, 2 Johannes 1:9, Openbaring 1:17
20Terwijl hij met die gedachte omging, zie, daar verscheen hem in een droom een engel des Heren, en sprak: Josef, zoon van David, vrees niet, Maria, uw vrouw, tot u te nemen; want wat in haar is geboren, is van den Heiligen Geest.
1 Johannes 2:24, 1 Johannes 2:25, 1 Johannes 2:24, 1 Johannes 2:25, Hebreeën 13:8
21Ze zal een zoon baren, en ge zult Hem Jesus noemen; want Hij zal zijn volk verlossen van hun zonden.
1 Johannes 2:27, 1 Johannes 2:27, 1 Johannes 2:20, 1 Petrus 5:10, 1 Johannes 2:20
22Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden wat de Heer gesproken heeft door den profeet, die zegt:
Efeziërs 4:30, Efeziërs 4:30, 2 Korintiërs 5:5, 2 Korintiërs 5:5, Efeziërs 1:13
23"Zie, de maagd zal ontvangen, en een zoon baren; en men zal Hem Emmánuel noemen"; dat is vertaald: God met ons.
Galaten 1:20, Galaten 1:20, 1 Korintiërs 4:21, 1 Korintiërs 4:21, 2 Korintiërs 13:2
24Toen Josef uit de slaap was ontwaakt, deed hij zoals de engel des Heren hem had bevolen; en hij nam zijn vrouw tot zich.
1 Petrus 5:3, 1 Petrus 5:3, 1 Korintiërs 15:1, 1 Korintiërs 15:1, 2 Timotheüs 2:24
25Maar hij bekende haar niet, totdat zij een zoon had gebaard; en hij noemde Hem Jesus.

Andere Boeken

MattheüsMarcusLucas+

Andere Boeken

MattheüsHfst. 1
MarcusLucasJohannesHandelingenRomeinen
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward