Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking
menu_book

Maleachi Hoofdstuk 2

NlCanisius1939
arrow_backVorig HoofdstukVolgend Hoofdstukarrow_forward
MALEACHI

Maleachi 2

1Daarom priesters, geldt voor u dit besluit:
Romeinen 15:6, Romeinen 15:6, Filippenzen 2:2, Filippenzen 2:2, Handelingen 1:13
2Wanneer gij niet luistert, het niet ter harte wilt nemen, en geen eer brengt aan mijn Naam, dan slinger Ik over uzelf de vloek, en maak ook uw zegen tot vloek. Ja, Ik heb ze nu al tot vloek gemaakt, omdat gij het niet ter harte neemt!
Handelingen 4:31, Handelingen 4:31, 1 Koningen 19:11, 1 Koningen 19:11, Psalmen 18:10
3Zie, Ik zal u de arm afslaan, en slinger u het vuil in het gezicht; men gooit u weg met het vuil van uw feesten.
Mattheüs 3:11, Mattheüs 3:11, Johannes 1:32, Johannes 1:33, Johannes 1:32
4Dan zult ge weten, dat Ik dit besluit aan u heb voltrokken, om mijn verbond met Levi gestand te doen, spreekt Jahweh der heirscharen.
Marcus 16:17, Marcus 16:17, Handelingen 13:52, Handelingen 13:52, Handelingen 4:31
5Mijn verbond met Levi hield in: leven en vrede. en Ik heb ze hem gegeven; vrees, en hij heeft Mij gevreesd, en gesidderd voor mijn Naam.
Handelingen 8:2, Lucas 2:25, Handelingen 8:2, Lucas 2:25, Kolossenzen 1:23
6De leer der waarheid was in zijn mond, en er kwam geen onrecht over zijn lippen; in vrede en oprechtheid heeft hij met Mij verkeerd, en velen van het kwaad weerhouden.
2 Korintiërs 2:12, Mattheüs 2:3, Handelingen 3:11, Handelingen 2:2, 1 Korintiërs 16:9
7Waarachtig, de lippen van den priester moeten de wijsheid bewaren, uit zijn mond moet men onderricht vragen; want hij is een bode van Jahweh der heirscharen.
Handelingen 2:12, Handelingen 2:12, Handelingen 1:11, Handelingen 1:11, Handelingen 14:11
8Maar zelf zijt gij afgeweken van de weg, en hebt vele anderen door uw lering doen struikelen; gij hebt het verbond met de Levieten geschonden, spreekt Jahweh der heirscharen!
9Ook daarom maak Ik u verachtelijk en eerloos bij heel het volk, juist zoals gij mijn wegen niet zijt gevolgd, en geen acht op mijn wet hebt geslagen!
1 Petrus 1:1, 1 Petrus 1:1, 2 Timotheüs 1:15, Openbaring 1:4, Handelingen 18:2
10Hebben wij niet allen één Vader; heeft niet dezelfde God ons geschapen? Waarom zijn wij dan trouweloos tegen elkander, en ontwijden wij het verbond onzer vaderen?
Zacharia 8:23, Handelingen 16:6, Zacharia 8:23, Handelingen 16:6, Handelingen 13:43
11Juda is trouweloos, in Israël en Jerusalem wordt een gruwel bedreven! Ja, Juda heeft ontwijd wat Jahweh heilig is, en door Hem wordt bemind: door de dochter van een vreemden god te huwen.
Exodus 15:11, 1 Korintiërs 12:10, Exodus 15:11, 1 Korintiërs 12:10, Jeremia 25:24
12Moge Jahweh voor den man, die zo iets durft bestaan, getuige, verdediger en offeraar aan Jahweh der heirscharen uit de tenten van Jakob laten verdwijnen!
Lucas 18:36, Handelingen 17:20, Lucas 15:26, Lucas 18:36, Handelingen 17:20
13Er is nog een tweede ding, dat ge doet. Gij bedekt het altaar van Jahweh met tranen, wenen en zuchten, omdat Hij niet op uw offer neerblikt, en niets met welgevallen uit uw handen aanvaardt.
1 Korintiërs 14:23, 1 Korintiërs 14:23, Handelingen 2:15, 1 Samuël 1:14, Handelingen 2:15
14Ge vraagt: Waarom? Omdat Jahweh als aanklager staat tussen u en de vrouw uwer jeugd, aan wie gij ontrouw zijt geworden: de vrouw, die uw gezellin is geweest, en met wie gij u verbonden hadt!
Jesaja 51:7, Jesaja 51:7, Jesaja 58:1, Jesaja 51:1, Deuteronomium 27:9
15Heeft Hij ze niet tot één vlees en leven gemaakt? En wat wil dat éne? Kinderen Gods! Draagt dus zorg voor uw leven, en wordt niet ontrouw aan de vrouw uwer jeugd.
1 Tessalonicenzen 5:5, 1 Tessalonicenzen 5:8, 1 Tessalonicenzen 5:5, 1 Tessalonicenzen 5:8, 1 Samuël 1:15
16Wie haat en verstoot, spreekt Jahweh, Israëls God, legt nog een onrecht boven zijn kleed, spreekt Jahweh der heirscharen! Draagt dus zorg voor uw leven, en weest niet ontrouw!
Joël 2:28, Joël 2:32, Joël 2:28, Joël 2:32
17Gij hebt Jahweh door uw woorden vermoeid! Ge zegt: Waarmede hebben wij Hem dan vermoeid? Door te zeggen: Die kwaad doet, is goed in de ogen van Jahweh, en welgevallig aan Hem; of: Waar blijft toch de God van het oordeel!
Joël 2:28, Joël 2:32, Joël 2:28, Joël 2:32, Jesaja 44:3

Andere Boeken

MaleachiI MaccabeesII Maccabees+

Andere Boeken

MaleachiHfst. 2
I MaccabeesII MaccabeesMattheüsMarcusLucas
Alle Boekenarrow_forward
auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward