1Adam, Seth, Enos,stylusLucas 3:38, Lucas 3:38, Genesis 4:25, Genesis 5:32, Genesis 4:252Kenan, Mahalal-el, Jered,stylusLucas 3:37, Lucas 3:37, Genesis 5:12, Genesis 5:20, Genesis 5:123Henoch, Methusalah, Lamech,stylusJudas 1:14, Judas 1:14, Lucas 3:36, Lucas 3:37, Hebreeën 11:54Noach, Sem, Cham en Jafeth.stylusGenesis 5:32, Genesis 5:32, Genesis 9:18, Genesis 9:18, Genesis 9:295De kinderen van Jafeth waren Gomer, en Magog, en Madai, en Javan, en Tubal, en Mesech, en Tiras.stylusEzechiël 38:2, Ezechiël 38:3, Genesis 10:1, Genesis 10:5, Ezechiël 27:136En de kinderen van Gomer waren Askenaz, en Difath, en Thogarma.stylusGenesis 10:3, Genesis 10:37En de kinderen van Javan waren Elisa en Tharsisa, de Chittieten en Dodanieten.stylusPsalmen 72:10, Jesaja 66:19, Numeri 24:24, Jesaja 23:1, Jeremia 2:108De kinderen van Cham waren Cusch en Mitsraim, Put, en Kanaän.stylusGenesis 10:6, Genesis 10:7, Genesis 10:6, Genesis 10:79En de kinderen van Cusch waren Seba, en Havila, en Sabta, en Raema, en Sabtecha; en de kinderen van Raema waren Scheba en Dedan.stylus10Cusch nu gewon Nimrod; die begon geweldig te zijn op aarde.stylusGenesis 10:8, Genesis 10:12, Genesis 10:8, Genesis 10:12, Micha 5:611En Mitsraim gewon de Ludieten, en de Anamieten, en de Lehabieten, en de Naftuchieten,stylusGenesis 10:13, Genesis 10:18, Genesis 10:13, Genesis 10:1812En de Pathrusieten, en de Casluchieten, ( van welke de Filistijnen zijn voortgekomen) en de Cafthorieten.stylusDeuteronomium 2:23, Amos 9:7, Jeremia 47:4, Deuteronomium 2:23, Amos 9:713Kanaän nu gewon Sidon, zijn eerstgeborene, en Heth,stylus2 Samuël 11:6, Genesis 49:30, Genesis 49:32, Genesis 23:20, Jozua 9:114En den Jebusiet, en den Amoriet, en den Girgasiet,stylusJozua 3:10, Genesis 15:21, Jozua 3:10, Genesis 15:21, 2 Koningen 21:1115En den Heviet, en den Arkiet, en den Siniet,stylusExodus 3:17, Exodus 3:8, 1 Koningen 9:20, Exodus 13:5, Exodus 3:1716En den Arvadiet, en den Zemariet, en den Hamathiet.stylus1 Koningen 8:65, Numeri 34:8, 1 Koningen 8:65, Numeri 34:817De kinderen van Sem waren Elam, en Assur, en Arfachsad, en Lud, en Aram, en Uz, en Hul, en Gether, en Mesech.stylusNumeri 24:22, Numeri 24:24, Ezechiël 32:24, Jesaja 22:6, Hosea 14:318Arfachsad nu gewon Selah, en Selah gewon Heber.stylusGenesis 10:24, Genesis 11:12, Genesis 11:15, Genesis 10:24, Genesis 11:1219Aan Heber nu zijn twee zonen geboren; de naam des enen was Peleg, omdat in zijn dagen het aardrijk verdeeld is, en de naam zijns broeders was Joktan.stylusGenesis 10:21, Genesis 10:21, Genesis 10:25, Genesis 11:16, Genesis 11:1720En Joktan gewon Almodad, en Selef, en Hazarmaveth, en Jerah,stylusGenesis 10:26, Genesis 10:27, Genesis 10:26, Genesis 10:2721En Hadoram, en Uzal, en Dikla,stylus22En Ebal, en Abimaël, en Scheba,stylusGenesis 10:28, Genesis 10:2823En Ofir, en Havila, en Jobab. Alle dezen waren zonen van Joktan.stylus1 Koningen 9:28, 1 Samuël 15:7, Genesis 25:18, Job 22:24, Jesaja 13:1224Sem, Arfachsad, Selah,stylusGenesis 11:10, Genesis 11:26, Genesis 11:10, Genesis 11:26, Lucas 3:3425Heber, Peleg, Rehu,stylusLucas 3:35, Lucas 3:3526Serug, Nahor, Terah,stylusLucas 3:34, Lucas 3:35, Lucas 3:34, Lucas 3:3527Abram; die is Abraham.stylusGenesis 11:27, Genesis 11:32, Nehemia 9:7, Jozua 24:2, Genesis 11:2728De kinderen van Abraham waren Izak en Ismaël.stylusGenesis 17:19, Genesis 17:21, Genesis 16:11, Genesis 16:16, Genesis 21:229Dit zijn hun geboorten: de eerstgeborene van Ismaël was Nebajoth, en Kedar, en Adbeel, en Mibsam,stylusJesaja 21:17, Jesaja 60:7, Genesis 25:12, Genesis 25:16, Psalmen 120:430Misma en Duma, Massa, Hadad en Thema,stylusGenesis 25:15, Jesaja 21:11, Genesis 25:15, Jesaja 21:1131Jetur, Nafis, en Kedma; deze zijn de kinderen van Ismaël.stylus32De kinderen nu van Ketura, Abrahams bijwijf: die baarde Zimram, en Joksan, en Medan, en Midian, en Isbak, en Suah. En de kinderen van Joksan waren Scheba en Dedan.stylusGenesis 25:1, Genesis 25:4, Genesis 25:1, Genesis 25:4, Psalmen 72:1533De kinderen van Midian nu waren Efa, en Efer, en Henoch, en Abida, en Eldaa. Die allen waren zonen van Ketura.stylusJesaja 60:6, Jesaja 60:634Abraham nu gewon Izak. De zonen van Izak waren Ezau en Israël.stylusGenesis 32:28, Genesis 32:28, Mattheüs 1:2, Lucas 3:34, Handelingen 7:835En de kinderen van Ezau: Elifaz, Rehuël, en Jehus, en Jaëlam, en Korah.stylusGenesis 36:4, Genesis 36:5, Genesis 36:9, Genesis 36:10, Genesis 36:436De kinderen van Elifaz waren Theman, en Omar, Zefi, en Gaetham, Kenaz, en Timna, en Amalek.stylusJeremia 49:7, Jeremia 49:20, Genesis 36:11, Genesis 36:15, Obadja 1:937De kinderen van Rehuël waren Nahath, Zerah, Samma en Mizza.stylus38De kinderen van Seir nu waren Lotan, en Sobal, en Zibeon, en Ana, en Dison, en Ezer, en Disan.stylusGenesis 36:20, Genesis 36:30, Genesis 36:20, Genesis 36:3039De kinderen van Lotan nu waren Hori en Homam; en de zuster van Lotan was Timna.stylusGenesis 36:22, Deuteronomium 2:22, Deuteronomium 2:12, Genesis 36:22, Deuteronomium 2:2240De kinderen van Sobal waren Aljan, en Manahath, en Ebal, Sefi en Onam; en de kinderen van Zibeon waren Aja en Ana.stylusGenesis 36:23, Genesis 36:24, Genesis 36:23, Genesis 36:2441De kinderen van Ana waren Dison; en de zonen van Dison waren Hamram, en Esban, en Jithran, en Cheran.stylusGenesis 36:25, Genesis 36:26, Genesis 36:25, Genesis 36:2642De kinderen van Ezer waren Bilhan, en Zaavan, en Jaakan. De kinderen van Disan waren Uz en Aran.stylusGenesis 36:27, Genesis 36:28, Klaagliederen 4:21, Genesis 36:27, Genesis 36:2843Dit nu zijn de koningen, die geregeerd hebben in het land van Edom, eer er een koning regeerde over de kinderen Israëls: Bela, de zoon van Beor; en de naam zijner stad was Dinhaba.stylusNumeri 24:17, Numeri 24:19, Genesis 49:10, Genesis 36:31, Genesis 36:4344En Bela stierf, en Jobab regeerde in zijn plaats, een zoon van Zerah, van Bozra.stylusJesaja 34:6, Jesaja 34:6, Jesaja 63:1, Jesaja 63:1, Amos 1:1245En Jobab stierf, en Husam, uit het land der Themanieten, regeerde in zijn plaats.stylusJob 2:11, Genesis 36:11, Job 2:11, Genesis 36:1146En Husam stierf, en Hadad, de zoon van Bedad, regeerde in zijn plaats, die de Midianieten in het veld van Moab versloeg; en de naam zijner stad was Avith.stylus47En Hadad stierf, en Samla, van Masreka, regeerde in zijn plaats.stylusGenesis 36:36, Genesis 36:3648En Samla stierf, en Saul, van Rehoboth aan de rivier, regeerde in zijn plaats.stylusGenesis 36:37, Genesis 36:3749En Saul stierf, en Baäl-hanan, de zoon van Achbor, regeerde in zijn plaats.stylus50Als Baäl-hanan stierf, zo regeerde Hadad in zijn plaats, en de naam zijner stad was Pahi, en de naam zijner huisvrouw was Mehetabeel, de dochter van Matred, dochter van Mee-sahab.stylusGenesis 36:39, Genesis 36:3951Toen Hadad stierf, zo werden vorsten in Edom: de vorst Timna, de vorst Alja, de vorst Jetheth,stylusGenesis 36:40, Genesis 36:4052De vorst Aholi-bama, de vorst Ela, de vorst Pinon,stylus53De vorst Kenaz, de vorst Theman, de vorst Mibzar,stylus54De vorst Magdiel, de vorst Iram. Dezen waren de vorsten van Edom.stylusGenesis 36:41, Genesis 36:43, Genesis 36:41, Genesis 36:43