21
Niemand van het geslacht van den priester Aäron, die een gebrek heeft, mag naderbij komen, om de vuuroffers van Jahweh te offeren; heeft hij dus een gebrek, dan mag hij de spijs van zijn God niet komen offeren.
compare_arrows
Vergelijk Vertalingen
Statenvertaling (Apocriefe)
DutSVVAGeen man, uit het zaad van Aäron, den priester, in wien een gebrek is, zal toetreden om de vuurofferen des Heeren te offeren; een gebrek is in hem, hij zal niet toetreden, om de spijs zijns Gods te offeren.
Canisius 1939Primary
NlCanisius1939Niemand van het geslacht van den priester Aäron, die een gebrek heeft, mag naderbij komen, om de vuuroffers van Jahweh te offeren; heeft hij dus een gebrek, dan mag hij de spijs van zijn God niet komen offeren.





