26
Maar Jahweh bleef vergramd tegen mij om uwentwil, en wilde niet naar mij horen. En Jahweh sprak tot mij: Genoeg, ge moogt er Mij niet meer over spreken.
compare_arrows
Vergelijk Vertalingen
Statenvertaling (Apocriefe)
DutSVVADoch de Heere verstoorde zich zeer om uwentwille over mij, en hoorde niet naar mij; maar de Heere zeide tot mij: Het zij u genoeg; spreek niet meer tot Mij van deze zaak.
Canisius 1939Primary
NlCanisius1939Maar Jahweh bleef vergramd tegen mij om uwentwil, en wilde niet naar mij horen. En Jahweh sprak tot mij: Genoeg, ge moogt er Mij niet meer over spreken.





