20
En bij de kuil gekomen, riep de koning tot Daniël met klagende stem:Daniël, dienaar van den levenden God; heeft uw God, dien gij zo trouw hebt gediend, u van de leeuwen kunnen redden?
compare_arrows
Vergelijk Vertalingen
Statenvertaling (Apocriefe)
DutSVVA[06:21] Als hij nu tot den kuil genaderd was, riep hij tot Daniël met een droeve stem; de koning antwoordde en zeide tot Daniël: O Daniël, gij knecht des levenden Gods! heeft ook uw God, Dien gij geduriglijk eert, u van de leeuwen kunnen verlossen?
Canisius 1939Primary
NlCanisius1939En bij de kuil gekomen, riep de koning tot Daniël met klagende stem:Daniël, dienaar van den levenden God; heeft uw God, dien gij zo trouw hebt gediend, u van de leeuwen kunnen redden?





