Sacrilo

enEnglishtrTürkçeesEspañolptPortuguêsfrFrançaisdeDeutschzh中文ruРусскийja日本語ko한국어viTiếng ViệtthไทยplPolskiukУкраїнськаhuMagyarcsČeštinasrСрпскиslSlovenščinasqShqiplvLatviešuetEestinlNederlandschecknbNorskdaDansksvSvenskafiSuomiitItalianoheעבריתhrHrvatskilaLatinaarالعربية

DASHBOARD

dashboardOverzichtmenu_bookLees de BijbelquizDagelijkse Quizevent_noteMijn PlannenbookmarksBladwijzers

STUDIEHULPMIDDELEN

searchZoekencompare_arrowsBijbel Vergelijking

Galaten 5 Comparison: Canisius 1939 vs Statenvertaling (Apocriefe)

chevron_leftchevron_right

Galaten 5

1Christus heeft ons vrij gemaakt, om in de vrijheid te blijven; staat dus vast, en kromt u niet opnieuw onder het slavenjuk.

2Zie, ik Paulus zeg het u: Als gij u besnijden laat, zal Christus u niets baten.

3En nog eens verklaar ik aan iedereen, die zich besnijden laat, dat hij dan verplicht is de hele Wet te onderhouden;

4en aan ieder van u, die gerechtvaardigd wil worden door de Wet, dat gij u losmaakt van Christus, en vervallen zijt van de genade.

5Door den Geest immers verwachten we de gehoopte gerechtigheid uit kracht van het geloof;

6want in Christus Jesus is besnijdenis noch onbesnedenheid van waarde, maar wel het geloof, dat werkt door de liefde.

7Gij waart zo goed aan het lopen; wie heeft u gestuit in het volgen der waarheid?

8Dat was zeker geen ingeving van Hem, die u roept;

9een weinig zuurdeeg verzuurt al het deeg!

10Ik vertrouw op u in den Heer, dat gij er niet anders over zult denken; maar wie verwarring onder u zaait, zal zijn straf ondergaan; wie het ook is.

11Broeders, wanneer ikzelf nog steeds de besnijdenis zou preken, waarom blijft men mij dan nog vervolgen; dan was toch de ergernis van het kruis wel verdwenen.

12Laten zij, die u opstoken, zich maar verder verminken!

13Zeker broeders, gij zijt tot vrijheid geroepen; maar tot geen vrijheid, die een voorwendsel is voor het vlees. Integendeel, dient elkander uit liefde;

14want de ganse Wet wordt vervuld in één enkel gebod: "Ge zult uw naaste liefhebben als uzelf."

15Maar zo gij elkander bijt en verslindt, ziet dan toe, dat gij niet door elkaar wordt verteerd.

16Ook zeg ik u: leeft naar de geest, dan zult gij niet de begeerten inwilligen van het vlees.

17Want het vlees begeert tegen de geest, en de geest tegen het vlees; ze staan vijandig tegenover elkaar, zodat gij niet doet, wat gij zoudt willen.

18Indien gij u door de geest laat leiden, dan valt gij niet onder de Wet.

19Welnu, de werken van het vlees zijn bekend: ontucht, onreinheid en losbandigheid;

20afgoderij en toverij; vijandschap, twist, afgunst, gramschap, partijzucht, verdeeldheid, scheuring,

21en nijd; dronkenschap, brasserij en dergelijke; en ik waarschuw u, zoals ik het ook vroeger deed: wie zo iets doet, zal het koninkrijk Gods niet beërven.

22Maar de vrucht van de geest is: liefde, blijdschap en vrede; lankmoedigheid, welwillendheid en goedhartigheid; betrouwbaarheid,

23zachtmoedigheid en gematigdheid. En tegen dit alles is de Wet niet gericht.

24Welnu, zij die Christus toebehoren, hebben het vlees gekruisigd met zijn driften en begeerten.

25Zo we leven door de geest, laat ons dan ook handelen naar de geest;

26niet begerig naar ijdele glorie, elkander niet tartend, elkaar niet benijdend.

Galaten 5

1Staat dan in de vrijheid, met welke ons Christus vrijgemaakt heeft, en wordt niet wederom met het juk der dienstbaarheid bevangen.

2Ziet, ik Paulus zeg u, zo gij u laat besnijden, dat Christus u niet nut zal zijn.

3En ik betuig wederom een iegelijk mens, die zich laat besnijden, dat hij een schuldenaar is de gehele wet te doen.

4Christus is u ijdel geworden, die door de wet gerechtvaardigd wilt worden; gij zijt van de genade vervallen.

5Want wij verwachten door den Geest, uit het geloof, de hoop der rechtvaardigheid.

6Want in Christus Jezus heeft noch besnijdenis enige kracht noch voorhuid, maar het geloof, door de liefde werkende.

7Gij liept wel; wie heeft u verhinderd der waarheid niet gehoorzaam te zijn?

8Dit gevoelen is niet uit Hem, Die u roept.

9Een weinig zuurdesem verzuurt het gehele deeg.

10Ik vertrouw van u in den Heere, dat gij niet anders zult gevoelen; maar die u ontroert, zal het oordeel dragen, wie hij ook zij.

11Maar ik, broeders! Indiën ik nog de besnijdenis predik, waarom word ik nog vervolgd? Zo is dan de ergernis des kruises vernietigd.

12Och, of zij ook afgesneden werden, die u onrustig maken!

13Want gij zijt tot vrijheid geroepen, broeders, alleenlijk gebruikt de vrijheid niet tot een oorzaak voor het vlees; maar dient elkander door de liefde.

14Want de gehele wet wordt in een woord vervuld, namelijk in dit: Gij zult uw naaste liefhebben, gelijk uzelven.

15Maar indien gij elkander bijt en vereet, ziet toe, dat gij van elkander niet verteerd wordt.

16En ik zeg: Wandelt door den Geest en volbrengt de begeerlijkheden des vleses niet.

17Want het vlees begeert tegen den Geest, en de Geest tegen het vlees; en deze staan tegen elkander, alzo dat gij niet doet, hetgeen gij wildet.

18Maar indien gij door den Geest geleid wordt, zo zijt gij niet onder de wet.

19De werken des vleses nu zijn openbaar; welke zijn overspel, hoererij, onreinigheid, ontuchtigheid,

20Afgoderij, venijngeving, vijandschappen, twisten, afgunstigheden, toorn, gekijf, tweedracht, ketterijen,

21Nijd, moord, dronkenschappen, brasserijen, en dergelijke; van dewelke ik u te voren zeg, gelijk ik ook te voren gezegd heb, dat die zulke dingen doen, het Koninkrijk Gods niet zullen beërven.

22Maar de vrucht des Geestes is liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, matigheid.

23Tegen de zodanigen is de wet niet.

24Maar die van Christus zijn, hebben het vlees gekruist met de bewegingen en begeerlijkheden.

25Indiën wij door den Geest leven, zo laat ons ook door den Geest wandelen.

26Laat ons niet zijn zoekers van ijdele eer, elkander tergende, elkander benijdende.

Galaten 5

1Christus heeft ons vrij gemaakt, om in de vrijheid te blijven; staat dus vast, en kromt u niet opnieuw onder het slavenjuk.

2Zie, ik Paulus zeg het u: Als gij u besnijden laat, zal Christus u niets baten.

3En nog eens verklaar ik aan iedereen, die zich besnijden laat, dat hij dan verplicht is de hele Wet te onderhouden;

4en aan ieder van u, die gerechtvaardigd wil worden door de Wet, dat gij u losmaakt van Christus, en vervallen zijt van de genade.

5Door den Geest immers verwachten we de gehoopte gerechtigheid uit kracht van het geloof;

6want in Christus Jesus is besnijdenis noch onbesnedenheid van waarde, maar wel het geloof, dat werkt door de liefde.

7Gij waart zo goed aan het lopen; wie heeft u gestuit in het volgen der waarheid?

8Dat was zeker geen ingeving van Hem, die u roept;

9een weinig zuurdeeg verzuurt al het deeg!

10Ik vertrouw op u in den Heer, dat gij er niet anders over zult denken; maar wie verwarring onder u zaait, zal zijn straf ondergaan; wie het ook is.

11Broeders, wanneer ikzelf nog steeds de besnijdenis zou preken, waarom blijft men mij dan nog vervolgen; dan was toch de ergernis van het kruis wel verdwenen.

12Laten zij, die u opstoken, zich maar verder verminken!

13Zeker broeders, gij zijt tot vrijheid geroepen; maar tot geen vrijheid, die een voorwendsel is voor het vlees. Integendeel, dient elkander uit liefde;

14want de ganse Wet wordt vervuld in één enkel gebod: "Ge zult uw naaste liefhebben als uzelf."

15Maar zo gij elkander bijt en verslindt, ziet dan toe, dat gij niet door elkaar wordt verteerd.

16Ook zeg ik u: leeft naar de geest, dan zult gij niet de begeerten inwilligen van het vlees.

17Want het vlees begeert tegen de geest, en de geest tegen het vlees; ze staan vijandig tegenover elkaar, zodat gij niet doet, wat gij zoudt willen.

18Indien gij u door de geest laat leiden, dan valt gij niet onder de Wet.

19Welnu, de werken van het vlees zijn bekend: ontucht, onreinheid en losbandigheid;

20afgoderij en toverij; vijandschap, twist, afgunst, gramschap, partijzucht, verdeeldheid, scheuring,

21en nijd; dronkenschap, brasserij en dergelijke; en ik waarschuw u, zoals ik het ook vroeger deed: wie zo iets doet, zal het koninkrijk Gods niet beërven.

22Maar de vrucht van de geest is: liefde, blijdschap en vrede; lankmoedigheid, welwillendheid en goedhartigheid; betrouwbaarheid,

23zachtmoedigheid en gematigdheid. En tegen dit alles is de Wet niet gericht.

24Welnu, zij die Christus toebehoren, hebben het vlees gekruisigd met zijn driften en begeerten.

25Zo we leven door de geest, laat ons dan ook handelen naar de geest;

26niet begerig naar ijdele glorie, elkander niet tartend, elkaar niet benijdend.

Galaten 5:1
NlCanisius1939

Christus heeft ons vrij gemaakt, om in de vrijheid te blijven; staat dus vast, en kromt u niet opnieuw onder het slavenjuk.

DutSVVA

Staat dan in de vrijheid, met welke ons Christus vrijgemaakt heeft, en wordt niet wederom met het juk der dienstbaarheid bevangen.

2
NlCanisius1939

Zie, ik Paulus zeg het u: Als gij u besnijden laat, zal Christus u niets baten.

DutSVVA

Ziet, ik Paulus zeg u, zo gij u laat besnijden, dat Christus u niet nut zal zijn.

3
NlCanisius1939

En nog eens verklaar ik aan iedereen, die zich besnijden laat, dat hij dan verplicht is de hele Wet te onderhouden;

DutSVVA

En ik betuig wederom een iegelijk mens, die zich laat besnijden, dat hij een schuldenaar is de gehele wet te doen.

4
NlCanisius1939

en aan ieder van u, die gerechtvaardigd wil worden door de Wet, dat gij u losmaakt van Christus, en vervallen zijt van de genade.

DutSVVA

Christus is u ijdel geworden, die door de wet gerechtvaardigd wilt worden; gij zijt van de genade vervallen.

5
NlCanisius1939

Door den Geest immers verwachten we de gehoopte gerechtigheid uit kracht van het geloof;

DutSVVA

Want wij verwachten door den Geest, uit het geloof, de hoop der rechtvaardigheid.

6
NlCanisius1939

want in Christus Jesus is besnijdenis noch onbesnedenheid van waarde, maar wel het geloof, dat werkt door de liefde.

DutSVVA

Want in Christus Jezus heeft noch besnijdenis enige kracht noch voorhuid, maar het geloof, door de liefde werkende.

7
NlCanisius1939

Gij waart zo goed aan het lopen; wie heeft u gestuit in het volgen der waarheid?

DutSVVA

Gij liept wel; wie heeft u verhinderd der waarheid niet gehoorzaam te zijn?

8
NlCanisius1939

Dat was zeker geen ingeving van Hem, die u roept;

DutSVVA

Dit gevoelen is niet uit Hem, Die u roept.

9
NlCanisius1939

een weinig zuurdeeg verzuurt al het deeg!

DutSVVA

Een weinig zuurdesem verzuurt het gehele deeg.

10
NlCanisius1939

Ik vertrouw op u in den Heer, dat gij er niet anders over zult denken; maar wie verwarring onder u zaait, zal zijn straf ondergaan; wie het ook is.

DutSVVA

Ik vertrouw van u in den Heere, dat gij niet anders zult gevoelen; maar die u ontroert, zal het oordeel dragen, wie hij ook zij.

11
NlCanisius1939

Broeders, wanneer ikzelf nog steeds de besnijdenis zou preken, waarom blijft men mij dan nog vervolgen; dan was toch de ergernis van het kruis wel verdwenen.

DutSVVA

Maar ik, broeders! Indiën ik nog de besnijdenis predik, waarom word ik nog vervolgd? Zo is dan de ergernis des kruises vernietigd.

12
NlCanisius1939

Laten zij, die u opstoken, zich maar verder verminken!

DutSVVA

Och, of zij ook afgesneden werden, die u onrustig maken!

13
NlCanisius1939

Zeker broeders, gij zijt tot vrijheid geroepen; maar tot geen vrijheid, die een voorwendsel is voor het vlees. Integendeel, dient elkander uit liefde;

DutSVVA

Want gij zijt tot vrijheid geroepen, broeders, alleenlijk gebruikt de vrijheid niet tot een oorzaak voor het vlees; maar dient elkander door de liefde.

14
NlCanisius1939

want de ganse Wet wordt vervuld in één enkel gebod: "Ge zult uw naaste liefhebben als uzelf."

DutSVVA

Want de gehele wet wordt in een woord vervuld, namelijk in dit: Gij zult uw naaste liefhebben, gelijk uzelven.

15
NlCanisius1939

Maar zo gij elkander bijt en verslindt, ziet dan toe, dat gij niet door elkaar wordt verteerd.

DutSVVA

Maar indien gij elkander bijt en vereet, ziet toe, dat gij van elkander niet verteerd wordt.

16
NlCanisius1939

Ook zeg ik u: leeft naar de geest, dan zult gij niet de begeerten inwilligen van het vlees.

DutSVVA

En ik zeg: Wandelt door den Geest en volbrengt de begeerlijkheden des vleses niet.

17
NlCanisius1939

Want het vlees begeert tegen de geest, en de geest tegen het vlees; ze staan vijandig tegenover elkaar, zodat gij niet doet, wat gij zoudt willen.

DutSVVA

Want het vlees begeert tegen den Geest, en de Geest tegen het vlees; en deze staan tegen elkander, alzo dat gij niet doet, hetgeen gij wildet.

18
NlCanisius1939

Indien gij u door de geest laat leiden, dan valt gij niet onder de Wet.

DutSVVA

Maar indien gij door den Geest geleid wordt, zo zijt gij niet onder de wet.

19
NlCanisius1939

Welnu, de werken van het vlees zijn bekend: ontucht, onreinheid en losbandigheid;

DutSVVA

De werken des vleses nu zijn openbaar; welke zijn overspel, hoererij, onreinigheid, ontuchtigheid,

20
NlCanisius1939

afgoderij en toverij; vijandschap, twist, afgunst, gramschap, partijzucht, verdeeldheid, scheuring,

DutSVVA

Afgoderij, venijngeving, vijandschappen, twisten, afgunstigheden, toorn, gekijf, tweedracht, ketterijen,

21
NlCanisius1939

en nijd; dronkenschap, brasserij en dergelijke; en ik waarschuw u, zoals ik het ook vroeger deed: wie zo iets doet, zal het koninkrijk Gods niet beërven.

DutSVVA

Nijd, moord, dronkenschappen, brasserijen, en dergelijke; van dewelke ik u te voren zeg, gelijk ik ook te voren gezegd heb, dat die zulke dingen doen, het Koninkrijk Gods niet zullen beërven.

22
NlCanisius1939

Maar de vrucht van de geest is: liefde, blijdschap en vrede; lankmoedigheid, welwillendheid en goedhartigheid; betrouwbaarheid,

DutSVVA

Maar de vrucht des Geestes is liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, matigheid.

23
NlCanisius1939

zachtmoedigheid en gematigdheid. En tegen dit alles is de Wet niet gericht.

DutSVVA

Tegen de zodanigen is de wet niet.

24
NlCanisius1939

Welnu, zij die Christus toebehoren, hebben het vlees gekruisigd met zijn driften en begeerten.

DutSVVA

Maar die van Christus zijn, hebben het vlees gekruist met de bewegingen en begeerlijkheden.

25
NlCanisius1939

Zo we leven door de geest, laat ons dan ook handelen naar de geest;

DutSVVA

Indiën wij door den Geest leven, zo laat ons ook door den Geest wandelen.

26
NlCanisius1939

niet begerig naar ijdele glorie, elkander niet tartend, elkaar niet benijdend.

DutSVVA

Laat ons niet zijn zoekers van ijdele eer, elkander tergende, elkander benijdende.

Understanding Canisius 1939 vs Statenvertaling (Apocriefe) in Galaten 5

Canisius 1939 (NlCanisius1939)

Katholieke vertaling door Petrus Canisius uit 1939.

Statenvertaling (Apocriefe)

De Statenvertaling met Apocriefen uit 1637.

You are viewing a side-by-side comparison of Galaten 5 in the Canisius 1939 and Statenvertaling (Apocriefe). Comparing these two versions can help shed light on the nuances of the original text.

Key Comparison: Galaten 5:16

NlCanisius1939

"Ook zeg ik u: leeft naar de geest, dan zult gij niet de begeerten inwilligen van het vlees."

DutSVVA

"En ik zeg: Wandelt door den Geest en volbrengt de begeerlijkheden des vleses niet."

trending_upPopular Comparisons

DutSVVA vs NlCanisius1939arrow_forward

Psalmen 23

DutSVVA vs NlCanisius1939arrow_forward

Mattheüs 5

DutSVVA vs NlCanisius1939arrow_forward

Jesaja 53

auto_storiesSacrilo

Het Woord dichterbij brengen, vers voor vers. Ontworpen voor dagelijkse bezinning en geestelijke groei.

Sacrilo

Over onsContactBijbel App

Verbinden

© 2026 Sacrilo.

PrivacybeleidGebruiksvoorwaardenCookies
auto_stories

Latest Answers

What Is the Kingdom of God?
read_more

What Is the Kingdom of God?

What Is the Final Judgment?
read_more

What Is the Final Judgment?

What Is the Bible’s View of Love?
read_more

What Is the Bible’s View of Love?

What Is Teleology in Theology?
read_more

What Is Teleology in Theology?

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?
read_more

What Is Continuous Creation (Creatio Continua)?

What Is the Lord’s Supper / Communion?
read_more

What Is the Lord’s Supper / Communion?

View Allarrow_forward